Dubbeltje

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken


Een dubbeltje is een klein voormalig Nederlands geldstuk, een munt, oorspronkelijk van zilver, met een waarde van eentiende gulden. Het muntstuk van 10 eurocent wordt momenteel ook wel een dubbeltje genoemd.

De naam dubbeltje vond zijn oorsprong in het feit dat het geldstuk twee stuivers waard was (dubbele stuiver). Na de invoering van het decimale stelsel in Nederland (rond 1800) werd het muntje van 10 cent dubbeltje genoemd. Voor de komst van de euro was het dubbeltje wereldwijd het kleinste geldstuk in gebruik: het dubbeltje had maar een gewicht van 1,5 gram.[bron?] In Nederland waren destijds — bij het begin van de twintigste eeuw — de zilveren stuiver (0,685 gram) en het halfje (1,25 gram) nog kleiner.

Een dubbeltje werd in het Bargoens ook wel beisje genoemd. De term komt uit het Nederlands-Jiddisch, waarin beis verwijst naar de waarde van twee stuivers. In informele taal wordt ook wel gesproken van een duppie.

Trivia[bewerken]

  • De opening in het midden van een cd omsluit precies de grootte van een dubbeltje. Joop Sinjou, hoofd ontwikkeling audioproducten van Philips, noemde het bepalen van de diameter van het gat in de cd de snelste beslissing in de ontwikkelingsfase: "Ik legde een dubbeltje op tafel en dat werd de maat."[1]
  • Uitdrukking: "Dat was een dubbeltje op zijn kant" betekent: het verschil tussen winst of verlies (geluk of mislukking) was heel klein; het was een riskante onderneming.
  • Uitdrukking: "Voor een dubbeltje op de eerste rij/rang (willen) zitten" betekent: iemand krijgt (of wil krijgen) meer voor zijn geld dan hij op grond van de betaalde prijs mag verwachten.
  • Dagobert Duck bezit een geluksdubbeltje, Zwarte Magica probeert dit in verschillende verhalen in haar bezit te krijgen.

Zie ook[bewerken]

Noten[bewerken]

  1. Philips geëerd voor uitvinding compact disc