Dwaallicht
- Voor het boek van Elsschot, zie Het dwaallicht.
Een dwaallicht is in het volksgeloof een (blauwachtig) lichtje boven moerassen en kerkhoven. Volgens sommige sagen zouden het de zielen van ongedoopte en/of doodgeboren kinderen zijn. Zij huppelen naar voorbijgangers, om die naar een poel of plas te leiden, in de hoop alsnog gedoopt te worden. Dwaallichtjes werden dan ook wel beschouwd als lichtjes van de duivel, die reizigers moesten afleiden van het rechte pad. Ook zijn het zielen die wederkeren (naloop) omdat er nog een belofte vervuld moet worden, of zielen van zondaars, of zielen die zich een ander goed hebben toegeëigend of die grenspalen hebben verzet. In de volksverhalen duiden dwaallichten ook de vindplek van verborgen schatten aan.[1]
Andere benamingen voor dwaallichten zijn hiplicht (naar het huppelen van de lichtjes, met name in Groningen)[2], droglicht, valse lantaarns[3] of Ignis Fatuus. Ook wordt de term piskie-light gebruikt. In de Japanse mythologie worden soortgelijke wezens hitodama genoemd, ze vergezellen vaak yūrei.
Het volksgeloof wil dat men niet naar een dwaallicht fluit of wijst en er niet voor wegrent. Het beste is om zo spoedig mogelijk naar huis te gaan. Op de deur is dan vaak een zwartgebrande plek te zien.[3]
Inhoud |
[bewerken] Opvattingen
Een veelgehoorde wetenschappelijke verklaring is dat het hier gaat om verbrandend moerasgas.[4] De oxidatie van waterstoffosfide en methaan geproduceerd door het rotten van organisch materiaal, laat lichten verschijnen. Experimenten zoals uitgevoerd door de Italiaanse scheikundigen Luigi Garlaschelli en Paolo Boschetti hebben de lichten nagebootst door chemicaliën toe te voegen aan de gassen die gevormd werden door organisch materiaal.
Andere verklaringen associëren dwaallichten met bioluminescentie (bijv. de honingzwam). Van kerkuilen is ook bekend dat het weerkaatsingsvermogen van het verenkleed genoeg licht van andere bronnen (bijvoorbeeld de maan) kan reflecteren om een effect te produceren dat lijkt op dwaalichten. Daarom kan het er bijvoorbeeld op lijken dat deze lichten reageren op andere lichten.[5]
[bewerken] Literatuur
- Het Suske en Wiske-verhaal Het laatste dwaallicht gaat over dwaallichtjes.
- In Hoog Soeren is een volksverhaal rondom dwaallichten bij het Ruitergat[6].
- Het blauwe licht (sprookje)
- Een ziel in zee
- De dwaallichtjes zijn in de stad
- Elfenheuvel
- De reiskameraad
- Het dwaallicht, een novelle van Willem Elsschot
[bewerken] Zie ook
Bronnen, noten en/of referenties:
- De Elfen, Brian Froud & Alan Lee, 1979, ISBN 90-269-6466-8
- ↑ 'Dwaallichten', in: Folkloristisch Woordenboek van Nederland en Vlaams België/ K. ter Laan, 1949, pp. 89
- ↑ Verhalen van stad en streek: sagen en legenden in Nederland/W. de Blécourt, R.A. Koman [et al.](red.), pp. 59
- ↑ a b Folkloristisch Woordenboek, 1949, pp. 89.
- ↑ Verhalen van stad en streek, pp. 59.
- ↑ A Review of accounts of luminosity in Barn Owls Tyto alba
- ↑ Het Ruitergat
| Zie de categorie Will-o'-the-wisps van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |