Dwergvinvis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Dwergvinvis
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2008)
Minke.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Mammalia (Zoogdieren)
Orde: Cetacea (Walvisachtigen)
Onderorde: Mysticeti (Baleinwalvissen)
Familie: Balaenopteridae (Vinvissen)
Geslacht: Balaenoptera
Soort
Balaenoptera acutorostrata
Lacépède, 1804
Afbeeldingen Dwergvinvis op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Dwergvinvis op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Zoogdieren

De dwergvinvis (Balaenoptera acutorostrata) is een in zee levend zoogdier dat hoort tot de suborde van baleinwalvissen.

Het zijn redelijk nieuwsgierige dieren die ook wel mensen en boten opzoeken. Soms worden er ook wel speciale tochten georganiseerd om deze dieren te bekijken, bijvoorbeeld vanuit Reykjavik en Húsavík op IJsland. Ze zijn langdurig voorwerp geweest van menselijke jacht. Er wordt op kleine schaal nog steeds op deze soort gejaagd.

Inhoud

Uiterlijk[bewerken]

De dwergvinvis is een van de kleinere baleinwalvissen. Volwassen dwergvinvissen hebben gemiddeld een lengte van 7 tot 7,5 meter, met een maximum van 9 tot 11 meter voor vrouwtjes en 9 tot 10 meter voor mannetjes. Beide geslachten wegen in volwassen vorm gemiddeld 4 à 5 ton en maximaal 14 ton. Bij geboorte zijn de baby's 2,4 à 2,8 meter. Ze worden 5 maanden gezoogd. Het dier heeft korte baleinplaten tot 30 cm, 230 tot 360 in elke bovenkaakhelft. De rug is donker met een lichte buikzijde. Op de flippers is een witte band zichtbaar.

Leeftijd[bewerken]

Ze leven gemiddeld 30 tot 50 jaar met een maximum van 60 jaar.

Snelheid[bewerken]

Hun topsnelheid is 20/30 km/h. Zij ademen meestal 3 tot 5 maal kort na elkaar en duiken daarna 2 tot 20 minuten.

Voedsel[bewerken]

Deze solitaire dieren eten voornamelijk krill en in de noordelijke gebieden ook kleine levende dieren zoals vissen en garnalen.

Verspreiding[bewerken]

Ze komen voor in alle oceanen van de wereld. Tegenwoordig zijn er ook waarnemingen in het Nederlandse gedeelte van de Noordzee. In de twintigste eeuw werden 20 strandingen aan de Nederlandse kust gemeld, tussen 2000 en 2011 zijn zeven strandingen gemeld.[2] Ze zijn niet zeldzaam. Het geschatte aantal in het noordelijk gedeelte van de Atlantische Oceaan is 150.000 dieren, in het zuidelijk gedeelte 750.000. Ze leven voornamelijk in de open zee.

Externe links, bronnen, afbeeldingen[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties