ET-waarde

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
ET-waarde: C=Middellijn wiel, M=Montagevlak

De ET-waarde staat voor het Duitse "Einpresstiefe", oftewel wielbolling.

Een wiel bestaat uit 2 delen, namelijk de velg waar de band op gemonteerd zit en een schijf (of spaken) die ervoor zorgt dat een min of meer stijve verbinding met het midden van het wiel, de naaf, tot stand komt en het geheel aan het voertuig gemonteerd kan worden met wielbouten of wielmoeren. Wanneer de schijf zodanig geplaatst is dat het montagevlak (M in de tekening) in het centrum van de velg geplaatst is (C in de tekening), spreekt men van ET 0 (mm). Zowel aan de binnenzijde, als de buitenzijde is dan evenveel ruimte. Om slijtage te verminderen dient het wiel zo goed mogelijk boven het wiellager gecentreerd te worden, de ET-waarde is dan gelijk aan de afstand tussen wiellager en bevestigingsplaats.

Er zijn auto’s met een gemiddelde ET-waarde 35, een lage ET-waarde zoals ET 15 tot 28 en er zijn auto’s met een hoge ET-waarde vanaf ET 40 tot 58. VW Golf type 3 heeft bijvoorbeeld een gemiddelde ET-waarde (ET 35), BMW heeft in veel gevallen (5 en 7-serie) een lage ET-waarde (ET 15 of ET 20) of juist een hoge ET-waarde van 40+ (3-serie) en Opel heeft net als veel Japanse auto’s een hoge ET-waarde ET 49+. Hoe lager de ET-waarde van de velg, hoe verder het wiel naar buiten komt te staan. Als de ET-waarde van de wielophanging 35 is en je monteert velgen met een waarde van ET 10, dan komt het wiel 25 mm te ver naar buiten te staan. Gemiddeld genomen is een ET-afwijking van 5 mm acceptabel.

Zie ook[bewerken]