Eduard Totleben

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Eduard von Totleben

Eduard (von) Totleben (Russisch: Эдуард Иванович Тотлебен; Ėdoeard Ivanovitsj Totleben)(Jelgava (tegenwoordig Letland), 20 mei 1818 - Bad Soden, 1 juli 1884) was een Russisch militair van Baltisch-Duitse afkomst. Totleben was een pionier en internationaal erkend expert op het gebied van vestingbouw en genie-eenheden.

Loopbaan[bewerken]

Graaf Eduard (von) Totleben was de zoon van een rijke handelaar en bezocht de kadettenschool in Riga en de ingenieursschool in Sint-Petersburg. In 1837 werd hij officier bij de Genie. Met dit onderdeel vocht hij van 1847 tot 1850 op de Kaukasus. Als kapitein der Genie was hij betrokken bij de belegering van de Tsjetsjeense vestingen Salti en Tschoch. In de Krimoorlog was hij luitenant-kolonel en betrokken bij de belegering van Silistria.

Hij slaagde erin om in 1855 zeer snel uitgebreide en effectieve bolwerken ten zuiden van Sebastopol op te werpen. De stelling van Todtleben maakte het de geallieerden onmogelijk om Sebastapol snel te veroveren. Na op 20 juli 1855 aan de voet verwond te zijn geraakt werd Todtleben bevorderd tot luitenant-generaal en Generaaladjudant des Keizers. Op 17 juli 1858 benoemde Koning Willem III der Nederlanden hem tot Commandeur in de Militaire Willems-Orde. In het register van de Militaire Willems-Orde staat hij als "E.Todleben" ingeschreven[1].

Voetnoten[bewerken]

  1. Volgens het register van de Kanselarij van de Militaire Willems-Orde is het "Generaal-Majoor in Russischen dienst E.Todleben" en werd hij op 17 juli 1858 gedecoreerd. Bron: "De Militaire Willems-Orde" door G.C.E. Köffler, 1940.