Egbert II van Meißen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Egbert II van Meißen
1060-1090
Markgraaf van Meißen
Periode 1068-1076
Voorganger Egbert I
Opvolger Vratislav
Graaf van Midden-Friesland
Periode 1068-1088
Voorganger Egbert I
Opvolger Hendrik van Northeim
Markgraaf van Brunswijk
Periode 1068-1090
Voorganger Egbert I
Opvolger Gertrudis & Hendrik
Vader Egbert I van Meißen
Moeder Irmgard van Turijn
Dynastie Brunonen

Egbert II van Meißen (1060-1090) was een zoon van markgraaf Egbert I van Meißen en Irmengard van Susa.

Van zijn vader erfde hij in 1068 de Brunonische bezittingen in Meißen, Friesland en Brunswijk. Egbert was gehuwd met Oda, dochter van Otto I van Weimar-Orlamünde, die het markgraafschap Meißen van haar vader erfde. Hun huwelijk bleef vermoedelijk kinderloos.

Egbert koos positie tegen keizer Hendrik IV, waarop die het markgraafschap Meißen in 1076 overdroeg aan Vratislav II van Bohemen. Na de dood van Herman van Salm, werd Egbert de leider van de Saksische oppositie tegen de keizer. Egbert werd vermoord in 1090. Het markgraafschap ging nadien naar Hendrik I van Eilenburg, die met zijn zuster Gertrudis getrouwd was.

Midden-Friesland[bewerken]

Egbert II (ook wel Eibert II genoemd) was ook graaf van Midden-Friesland tussen 1068 en 1088. Egbert II was de laatste telg van het geslacht der Brunonen, die als graven Friesland bestuurden. Uit de overgebleven bronnen is bekend dat hij vier keer in verzet kwam tegen zijn leenheer, de Duitse keizer Hendrik IV, die tevens zijn neef was. Even zo vaak werd het graafschap hem ontnomen, de laatste keer voorgoed. De gouwen van Midden-Friesland werden na 1088 toegewezen aan de bisschop van Utrecht. Egbert werd door de koning vogelvrij verklaard en is naar alle waarschijnlijkheid in 1090 gesneuveld.

Literatuur[bewerken]

  • D. Kalma Skiednis fan Fryslân (Grou 1965) pagina 111.