Elisabeth van Beieren (1227-1273)
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
| Elisabeth van Beieren | ||
| 1227-1273 | ||
| Zegel van Elisabeth van Beieren | ||
| Koningin-gemalin van het Heilige Roomse Rijk | ||
| Periode | 1246-1254 | |
| Voorganger | Isabella van Plantagenet | |
| Opvolger | Gertrude van Hohenberg | |
| Vader | Otto II van Beieren | |
| Moeder | Agnes van de Palts | |
Elisabeth van Beieren (Landshut, 1227 - Burg Greifenberg (Tirol), 9 oktober 1273) was de oudste dochter van Otto II van Beieren en en diens echtgenote Agnes van de Palts. Haar vader was een aanhanger van Frederik II, waardoor hij zijn oudste dochter uithuwelijkte aan diens zoon Koenraad, die Rooms koning zou worden. Elisabeth en Koenraad kregen één zoon, Konradijn.
Als weduwe hertrouwde zij met Meinhard II van Gorizia-Tirol en werd moeder van:
- Elisabeth (±1262-1313), in 1276 gehuwd met Albrecht I van Habsburg
- Otto II van Karinthië (±1265-1310)
- Albert II van Gorizia (-1292), gehuwd met Agnes van Hohenberg
- Lodewijk (-1305)
- Hendrik van Karinthië (1265-1335)
- Agnes (-1293), in 1285 gehuwd met landgraaf Frederik I van Meißen (1257-1323).
| Zie de categorie Elisabeth von Bayern (1227–1273) van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |