Engelram III van Coucy
| Engelram III van Coucy | ||
| 1182 -1246 | ||
| Heer van Coucy | ||
| Periode | 1191-1246 | |
| Voorganger | Rudolf I | |
| Opvolger | Rudolf II | |
| Vader | Rudolf I van Coucy | |
| Moeder | Adelheid van Dreux | |
Engelram III van Coucy (Coucy, 1182-1246), bijg. de Bouwer of de Grote, was een zoon van Rudolf I van Coucy en van Adelheid van Dreux. Hij volgde zijn vader in 1191 op als heer van Coucy, Marle, Fère, Crépy en Vervins. Engelram III was samen met Engelram VII de meest prestigieuze van de heren van Coucy en ongetwijfeld de meest ambitieuze. Hij stond symbool voor de strijd van de feodale heren voor hun onafhankelijkheid tegenover de kroon. Engelram nam in 1214 deel aan de slag bij Bouvines en nadien aan de kruistocht tegen de Albigenzen. Bij het vroegtijdig overlijden van Lodewijk VIII en het regentschap van Blanca van Castilië over de jonge Lodewijk IX, ontpopte Engelram zich als woordvoerder van de baronnen in hun onafhankelijkheidsstreven. Om zijn macht te tonen, bouwde hij verschillende versterkte kastelen, waaronder deze van Coucy, Marle, Assis-sur-Serre, Saint-Gobain en Folembray. Engelram was gehuwd met:
- Beatrix van Vignory, weduwe van Jan I van Roucy,
- Mathildis van Saksen (1172-1209), dochter van Hendrik de Leeuw en weduwe van Godfried III van Perche,
- Maria van Oisy, dochter van Jan van Montmirail,
en werd de vader van:
- Maria, gehuwd met Alexander II van Schotland en met Jan van Akko, zoon van Jan van Brienne,
- Rudolf II (-1250)
- Engelram IV (-1311)
- Jan
- Adelheid, gehuwd met Arnold III van Guînes
- Johanna, gehuwd met Jan I van Mailly.