Enrico Lorenzetti

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Enrico Lorenzetti (Rome, 4 januari 1911 - Milaan 8 augustus 1989) was een motorcoureur uit Italië.

Enrico Lorenzetti op de 1952 versie van de Gambalunghino, die hij grotendeels zelf ontwikkeld had

Hoewel hij in Rome geboren werd, werd hij geadopteerd door een familie in Milaan.

In 1935 nam hij voor het eerst deel aan een motorwedstrijd, een betrouwbaarheidsrit in Bergamo. Hij werd gedeeld eerste met een Simplex 500. Daarna kocht hij een 250 cc Triumph. Ook hiermee won hij een aantal wedstrijden. In 1936 maakte hij naam door de eerste Milaan-Napels race te winnen. Deze wedstrijd over een afstand van 900 kilometer won hij met een gemiddelde snelheid van 80 km/uur. Lorenzetti reed naar de wedstrijden met de Triumph. Vóór de start verwijderde hij de koplamp, de uitlaatdemper en een deel van het achterspatbord, stopte deze onderdelen in zijn rugzak en reed op die manier de race. Hierna won hij nog meer wedstrijden, zowel betrouwbaarheidsritten, terreinritten en heuvelklimwedstrijden, vaak op de Triumph, maar soms ook op een Sertum of een Taurus. Hij reed ook op een "Special", een motorfiets die hij zelf had gebouwd en waar een Rudge motor in hing.

In 1939 reed hij een 250 cc Moto Guzzi Albatros. Bij zijn debuut in de prestigieuze Milaan - Taranto race wist hij, ondanks grote problemen met gebroken klepveren, bijna tot aan het einde de leiding te behouden. Enkele dagen na de race besloot hij ook een 500 cc Moto Guzzi Condor te kopen. Samen met zijn schoonvader, die tevens zijn monteur, manager, coach en chauffeur was, reisde hij naar Mandello del Lario om de machine aan te schaffen. Hij vroeg om een exemplaar zonder verlichting en elektrisch systeem omdat hij ermee wilde gaan racen, maar Carlo Guzzi was bang dat de jonge coureur geen goed figuur zou slaan met de Guzzi en verkocht hem de machine onder de voorwaarde dat hij niets mocht doen om hem op een fabrieksracer te laten lijken. Lorenzetti kocht de motor en reed rechtstreeks naar Lausanne, waar hij prompt de 250 cc race met de Albatros en de 500 cc race met de Condor won. Dit was de eerste overwinning voor beide typen buiten Italië. In 1940 werd hij 250 cc kampioen van Italië met de Albatros.

Na de Tweede Wereldoorlog werd hij nog niet meteen opgenomen in het fabrieksteam van Moto Guzzi, maar hij was als kampioen een beroemdheid en eigenlijk semi-fabrieksrijder want de fabriek verzorgde zijn machines bijzonder zorgvuldig. In 1946 en 1947 nam hij aan een groot aantal races deel. In 1947 botste hij in de laatste ronde van de Grand Prix des Nations met Guzzi-coureur Balzarotti, op het circuit dat was aangelegd in Milaan. Daardoor kon Gilera-coureur Artesiani de wedstrijd winnen, maar Lorenzetti raapte zijn machine op en wist nog als tweede te eindigen. Lorenzetti reed toen nog steeds op zijn Condor, Balzarotti beschikte al over de verbeterde Moto Guzzi Gambalunga, en Omobono Tenni en Bruno Ruffo zelfs over de tweecilinder Moto Guzzi Bicilindrica 500, maar zij waren beiden al uitgevallen.

In 1948 gebruikte Lorenzetti nog steeds de 250 cc Albatros, terwijl de fabriekscoureurs al de beschikking hadden over de tweecilinder Moto Guzzi Bicilindrica 250. Die laatste voldeed niet erg goed, maar Lorenzetti vond bij toeval een betere motorfiets uit. Zijn Albatros was zwaar beschadigd nadat de aanhangwagen waar hij op stond was losgebroken. Hij gebruikte de schommelvoorvork, de remmen en de benzinetank van een 500 cc Moto Guzzi Gambalunga om de motorfiets te repareren. Dat leverde een 250 cc racer op die er niet alleen beter uitzag, maar ook beter stuurde en remde, en die vanaf dat moment als fabrieksmotor zou worden gebruikt, de Moto Guzzi Gambalunghino. Lorenzetti werd opgenomen in het fabrieksteam en zijn eerste wapenfeit was een overwinning in de Grand Prix van Ulster in 1948 met de 500 cc Gambalungho. In 1949 reed hij voor het eerst de TT van Man. Vóór deze race besteedde hij enkele dagen aan het bestuderen van elke bocht in het circuit, maar tijdens de race viel hij uit door motorpech. In 1949 werd hij kampioen van Italië met de Bicilindrica 500. Lorenzetti werd binnen het team van Moto Guzzi gewaardeerd vanwege zijn grote technische kennis. Daardoor kon hij ook bijdragen aan het sneller maken en correct afstellen van de racemotoren. Hij stelde zijn eigen motorfietsen dan ook altijd uiterst nauwkeurig af. Hij ontwikkelde zelf nieuwe onderdelen, die in veel gevallen op de racers werden toegepast. Hij werkte nauw samen met constructeur Giulio Cesare Carcano.

Aan het begin van de jaren vijftig werd Lorenzetti steeds meer betrokken bij de ontwikkeling en het testen van nieuwe motorfietsen, waaronder de Quattro Cilindri, de Bialbero 250 en de Monocilindrica 350. In 1952 werd hij met de Gambalunghino wereldkampioen in de 250 cc klasse vóór zijn teamgenoot Fergus Anderson. In 1953 was hij weer kampioen van Italië. In dat jaar won hij de Grand Prix de Nations in Monza zowel in de 250- als de 350 cc klasse. In 1953 werd Lorenzetti tweede in de 350 cc klasse van het wereldkampioenschap achter Anderson. Hij bleef tot in 1955 deel uit maken van het fabrieksteam van Moto Guzzi. Daarna werd hij weer privérijder, maar hij bleef de fabriek ondersteunen met zijn technische kennis. Hij werd nog enkele malen kampioen van Italië en bouwde in 1956 nog een nieuwe racemotor met het motorblok van de Gambalunghino, dat was voorzien van een mechanische oliepomp die werd aangedreven door de veerbewegingen van de achtervork. Met deze motor won hij wedstrijden in Hockenheim, Neurenberg, Salzburg en de Sanremo - Ospedaletti race. Bovendien haalde hij nog enkele goede klasseringen in het wereldkampioenschap. In 1957, op 46-jarige leeftijd, besloot hij te stoppen met races.

Na zijn "racepensioen" werd Ernrico Lorenzetti dealer voor Moto Guzzi, maar enkele jaren later opende hij een cinematografisch laboratorium. Hij was al zijn hele leven filmliefhebber geweest.

Hij was erg lang en mager, wat hem de bijnaam "Filaper" opleverde. In Milanees dialect betekent dat "draadje".