Epiek

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Epiek is de verzamelnaam voor producten van verhalende literatuur, zowel in poëzie als in proza, waarbij de nadruk ligt op de beschrijving van een gebeuren.

De epiek is, naast de lyriek en de dramatiek, een van de hoofdvormen van de literatuur. Een voorbeeld van epiek is Homerus' Ilias, die 55 dagen in de Trojaanse oorlog beschrijft.

De meest voorkomende tot de epiek behorende genres zijn: de mythe, het sprookje, de legende, de sage, het epos of heldendicht, de ballade, de romance, de fabel, de parabel, het kort verhaal en de roman.

De studie van verhalende literatuur (en film) is de narratologie.

Epische poëzie[bewerken]

Poëzie wordt over het algemeen als lyrisch gezien. Men spreekt van epische poëzie, als daarin het verhaal een belangrijke plaats inneemt, zoals bij de Ilias. Epische poëzie zou men kunnen omschrijven als: "een roman in dichtvorm".

Overige betekenis[bewerken]

Episch is een zeldzaamheidsgraad. Het is na zeldzaam en voor legendarisch.

Zie ook[bewerken]

Epiek en narratologie
Genres epiek: anekdote · ballade · epos · fabel · gedicht · genre · inleiding · kort verhaal · legende · mythe · novelle · parabel · raamvertelling · reisverhaal · roman · saga · sage · sprookje · verhaal · vignet · volksballade · volksverhaal
Verloop en verhaallijn: catharsis · cliffhanger · climax · deus ex machina · drie act-structuur · epiloog · fabel · plot · plotpoint · proloog · rode draad · scenario · setup · synopsis · verhaallijn
Begin en einde: ab ovo · in medias res · in ultimas res · incipit · openingszin · post rem · terminus
Personage: aangever · alter ego · alteriteit · antagonist · antiheld · bijfiguur · bijrol · booswicht · byroniaanse held · copresentator · deuteragonist · flat character · held · hoofdpersoon · hoofdrol · karakter · protagonist · round character · tritagonist · typetje · uitverkorene · underdog
Spanning: cliffhanger · spanning
Vertelperspectief en Vertelinstantie: afwisselende perspectief · auctoriële verteller · focalisatie · gedramatiseerd · homodiëgetische vertelling · heterodiëgetische vertelinstantie · ik-perspectief · onbetrouwbare verteller · personele verteller · point of view · rhema · voice-over
Motief & thema: abstract motief · concreet motief · leidmotief · motto · thema · topos
Tijd & ruimte: eenheidsconventie · kalendertijd · mise en abyme · opschuivende tijdlijn · praesens historicum · tijdverruiming · verteltijd · vertelde tijd
Stijl: directe rede · dramatische ironie · indirecte rede · red herring · shooting the messenger · register · stijl · stream of consciousness · suspension of disbelief · show, don't tell · verteltechniek · vrije indirecte rede
Stijlperiode: middeleeuwen · renaissance · maniërisme · barok · verlichting · sentimentalisme · preromantiek · romantiek · realisme · impressionisme · naturalisme · neoromantiek · symbolisme · expressionisme · constructivisme · dadaïsme · surrealisme · nieuwe zakelijkheid · magisch realisme · existentialisme · vijftigers · modernisme · postmodernisme
Studie: driehoek van Petersen · literaire kritiek · narratologie · topische vragen · verhaalanalyse