Ernst Johann Biron

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ernst Johann
1690-1772
EJBiron.jpg
Hertog van Koerland
Periode 1737-1741
Voorganger Ferdinand Ketler
Opvolger Lodewijk Ernst van Brunswijk-Lüneburg-Bevern
Hertog van Koerland
Periode 1763-1769
Voorganger Karel van Saksen
Opvolger Peter Biron
Vader Carl von Bühren
Moeder Catharina Hedwig von der Raab

Ernst Johann von Biron (lets: Ernests Johans Bīrons; Kalnciems, Letland 12 november 1690 - Jelgava, 28 december 1772), hertog van Koerland en Semgallen, afstammeling uit de Koerlandse familie Bühren, studeerde te Koningsbergen en werd vervolgens secretaris en kamerheer van de weduwe van de hertog Frederik Willem Kettler van Koerland (overleden in 1711), Anna Ivanovna, een nicht van Peter de Grote. Weldra was hij haar vertrouwde vriend. Toen Anna in 1730 keizerin van Rusland werd, ging hij met haar mee en werd door haar met ereambten overladen, zodat hij spoedig de eigenlijke regering met zijn helpers Münnich en Ostermann in handen had.

Tijdens zijn verblijf was zijn invloed over Anna overduidelijk. Biron was in tussentijd getrouwd met een jonkvrouw von Treiden. Bij Anna's kroning op 19 mei 1730 werd hij aangesteld als grootkamerheer en graaf van het rijk, tijdens welke gelegenheid hij het wapen van het Franse gravenhuis Biron zou hebben aangenomen en een landgoed kreeg in Wenden (het huidige Cēsis) met een toelage van 50.000 kronen per jaar. Hij wist zich al snel volledig uit de gratie te werken bij het Russische volk. Hoewel de verhalen dat hij een onrechtvaardig monster was niet kloppen, was hij wel een vleier en kon zichzelf zeer geliefd maken als hij wilde. Maar zijn gedrag wordt beschreven als gemeen, verraderlijk, roofzuchtig, verdacht en verschrikkelijk wraakzuchtig. Tijdens de laatste jaren van Anna's heerschappij wist hij zijn rijkdom en macht enorm te vergroten. Zijn vertrekken in het paleis grensden aan die van de keizerin en zijn livreien, meubelen en uitrustingen waren nauwelijks goedkoper dan die van haar. De helft van de steekpenningen die bedoeld waren voor het Russische hof gingen door zijn handen. Hij verkreeg een groot aantal landgoederen en had een speciale staatsafdeling die op zijn kroostmerries en hengsten paste. Zijn verhevenheid deed de Franse ambassadeur verbazen en de diamanten die hij voor zijn hertogin kocht leidden tot jaloersheid onder de prinsen.

In 1737 werd hij hertog van Koerland, terwijl hij door Anna op haar sterfbed tot regent voor haar minderjarige opvolger Ivan VI van Rusland, zoon van haar nicht Anna Leopoldovna, werd benoemd. Birons regentschap duurde slechts kort, want de moeder van Ivan verbond zich met Münnich tegen Biron, die gevangengenomen en met zijn familie naar de vesting Schlüsselburg gebracht werd. Kort daarop moest hij voor een bijzondere rechtbank, onder voorzitterschap van Münnich en Ostermann, terechtstaan, en is er van beschuldigd, dat hij zich van de Russische troon had meester willen maken. Hij werd tot levenslange verbanning naar de Siberische plaats Pelym veroordeeld (1741) met verlies van al zijn ambten en goederen.

Later werd hem door keizerin Elisabeth I van Rusland toegestaan zich te Jaroslavl te vestigen. Bij de troonsbestijging van Peter III (1762) kreeg hij zijn vrijheid terug en nog in hetzelfde jaar van keizerin Catharina II van Rusland zijn hertogdom, dat van 1758-1763 bestuurd was door Karel Christiaan, zoon van August III van Polen. In 1769 deed Biron afstand ten behoeve van zijn zoon Peter Biron en overleed op 28 december 1772.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • Oosthoek's geïllustreerde Encyclopaedie (1917)