Eufemisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een eufemisme is een stijlfiguur waarmee iets mooier, vriendelijker en/of minder onaangenaam wordt voorgesteld dan het in werkelijkheid is.

Vaak gaat het om het in andere, minder confronterende bewoordingen weergeven van zaken waarop een algemeen taboe rust. Het gebruik van eufemismen wordt met andere woorden sterk bepaald door gevoelswaarde (connotatie).

Etymologie[bewerken]

Het woord "eufemisme" is afgeleid het Oudgriekse εὐφημεῖν (eufemein), hetgeen letterlijk "met goede woorden spreken" betekent.

Oorsprong van eufemismen[bewerken]

Met name onderwerpen die aan een hevige maatschappelijke beroering onderhevig zijn, geven aanleiding tot het ontstaan van eufemismen. Zo werd in vroeger tijden verzachtenderwijs gesproken van de gave Gods of (wat minder eufemistisch) de zwarte dood voor de pest en van tuberculose (naar de medische omschrijving Mycobacterium Tuberculosis) ter vervanging van tering en witte pest. Spoedig was ook het woord tuberculose beladen en sprak men van tbc en vervolgens van tb. Naarmate de machteloosheid om deze ziekten te bestrijden groter werd, nam het aantal eufemismen navenant toe.

Dagelijks gebruik[bewerken]

Eufemismen worden gebruikt om onaangename zaken te beschrijven met woorden die van zichzelf niet aanstootgevend zijn. Dit is met name nogal eens gewenst in public relations en politiek. Enkele typische voorbeelden in het Nederlands:

  • Reorganisatie wanneer er sprake is van een ingrijpende "sanering" (ook een eufemisme in dit verband) met vele ontslagen.
  • Prijsaanpassing wordt meestal gebruikt in communicatie en klinkt neutraler dan "prijsverhoging", hoewel het in de praktijk vaak precies hetzelfde betekent.
  • In ambtelijk jargon wordt wel het woord amoveren gebruikt voor het afbreken van een huis dat door overheidsplannen niet kan blijven bestaan.
  • Creatief omspringen met de belastingwetgeving is eigenlijk belastingen ontduiken.
  • Ruimen staat voor het volledig afmaken van een veestapel.
  • Familiedrama staat voor (meervoudige) moord met zelfmoord.
  • Ongewenst bezoek staat voor inbraak.
  • Tussen twee banen in staat voor werkloos.
  • In kringen van diplomaten staat een openhartige discussie voor een fikse ruzie tussen de onderhandelaars.
  • Een consanguïne relatie staat voor incest.
  • Hardhandige ondervragingstechnieken staat voor marteling.
  • Extra reistijd bij een treinreis staat voor vertraging .
  • Adult website staat voor een pornowebsite (hier is sprake van pregnantie).

Sarcasme[bewerken]

De mooie of vriendelijker voorstelling kan soms ook sarcastisch bedoeld zijn, bijvoorbeeld "de boel verbouwen" voor vernielen en de term "liquidatie" (een term voor finale schuldvereffening uit het faillissementsrecht) werd zo bijvoorbeeld een synoniem voor moord. In dit soort gevallen is er dus geen sprake van een eufemisme in eigenlijke zin.

Of een woord of uitdrukking een eufemisme is hangt vaak af van de context (zie bovenstaande voorbeelden). De uitdrukking visueel gehandicapt kan worden beschouwd als een eufemisme voor het woord blind, maar kan ook worden gebruikt om mensen met een beperkte gezichtshandicap aan te duiden. Hetzelfde geldt voor gehoorgestoord ter vervanging van doof.

Indeling naar doel[bewerken]

Er zijn in het algemeen vijf redenen te onderscheiden om een eufemisme te gebruiken:

  1. Uit fijngevoeligheid of tact, om de gevoelens van een persoon te sparen. Een voorbeeld is: hij/zij is boven zijn/haar theewater of hij/zij heeft te diep in het glaasje gekeken (voor hij/zij is dronken) of bewoner (voor patiënt van een verpleeghuis).
  2. Om bepaalde dingen niet bij de naam te noemen. Hierbij gaat het vaak om lichamelijke of seksuele zaken, bijvoorbeeld seksuele volkstaal en eufemismen.
  3. Uit gevoelens van bijgeloof of taboe of voor iets sacrosancts. Voor bijvoorbeeld het woord duivel bestaan vele eufemismen zoals drommel en droes. De naam Jezus wordt verbasterd tot vormen als jee (O jee(tje)), joost, enzovoorts. Het gaat hier ook om woorden die te maken hebben met de dood, of een ernstige ziekte. Een voorbeeld is: Hij verwisselde het tijdelijke voor het eeuwige.
  4. Om de waarheid te verdoezelen. Zo stond Kristallnacht in de Duitse nazitijd voor de nacht waarin de ruiten van vele joodse winkels ingegooid werden en de straten dus vol glas lagen. Dit is sindsdien een vaste term geworden waarvan het eufemistische karakter is verdwenen.
  5. Om zich uit de slag te trekken. Mijn kamer is bijna opgeruimd (Ik moet nog aan het opruimen beginnen). Ik heb een meningsverschil gehad met mijn trainer, om een blauw oog uit te leggen.

Indeling naar vorm[bewerken]

Eufemismen zijn qua vorm in een aantal categorieën onder te verdelen:

  • Buitenlandse woorden: derrière (voor billen), copulatie (voor geslachtsgemeenschap).
  • Afkortingen: GVD voor godverdomme, K.U.T. voor kut, en ook wel voor Kwalitatief Uiterst Teleurstellend; K. voor kanker, TB of TBC voor tuberculose.
  • Abstracties: het, de situatie, speciaal onderwijs.
  • Indirecte woorden: daarachter, van de verkeerde kant (voor homoseksueel), een moetje (voor een huwelijk met een ongeplande zwangerschap), een ongelukje (voor een ongewenste zwangerschap), de bikinilijn voor uitpuilend schaamhaar. (alleen indien sarcastisch bedoeld)
  • Lange en/of moeilijke woorden: urineren (voor plassen), defeceren (voor ontlasten, zelf ook een eufemisme), transpireren (voor zweten), vomeren (voor braken).
  • Een opzettelijk verkeerde uitspraak (acryologie) en/of allerlei verbasteringen: worst-kaasscenario (voor worst case), gedverdemme/ pot(ver)dorie/ -dikkeme/-dulleme/-driedubbeltjes etc. (allemaal afgeleid van godverdomme), of chips (voor shit).
  • Een geheel ander woord of uitdrukking: Nummer 100 (voor de wc, zelf van oorsprong ook een eufemisme dat letterlijk "waterkast" betekent), inslapen voor sterven, ik ga even mijn neus poederen, naar het kleinste kamertje (voor naar de wc), proletarisch winkelen (voor stelen), de pijp aan Maarten geven / de weg van alle vlees gaan / de laatste adem uitblazen (voor sterven), ter aarde besteld worden (voor begraven) .
  • Een gewone woordconstructie met een betekenis die precies tegengesteld is aan de meest voor de hand liggende: 'afbouwen' betekent eigenlijk: het voltooien van een bouwwerk, maar het wordt in overdrachtelijke zin vooral gebruikt als eufemistisch synoniem voor 'afbreken' en dus het tegendeel van 'opbouwen'; zo betekent het afbouwen van een subsidieregeling dat "de geldkraan dichtgaat". Winstwaarschuwing betekent niet dat een bedrijf grote winst gaat aankondigen, maar juist het tegengestelde hiervan.

Woordverandering[bewerken]

Als een zin of woord in een eufemisme verandert, vervalt de oude betekenis meestal. Dit verschijnsel wordt in het Engels taboo deformation genoemd. In een eufemisme veranderde woorden laten in de taal sporen achter. Uit de studie van het Indo-Europees zijn verschillende voorbeelden bekend. Voorbeelden zijn de woorden voor beer (*rktos) en wolf (*wlkwos). Deze woorden hebben een moeilijke etymologie door de taboo deformation. Het Germaanse woord beer betekent bruine man. Het Slavische equivalent (*medu-ed-) betekent honing-eter.

De connotatie van een woord verandert sneller dan de denotatie. Hierdoor is het spreken in eufemismen vrij subjectief.

Tredmolen van het eufemisme[bewerken]

Eufemismen zijn sterk aan slijtage onderhevig. Door het veelvuldige gebruik ervan worden het vrijwel altijd na kortere of langere tijd zelf juist taboewoorden, zoals bijvoorbeeld genocide. Dit kan leiden tot een hele cyclus van woorden die aanvankelijk een verzachtende functie hadden en gaandeweg weer vervangen moesten worden. De taalkundige Steven Pinker noemt dit proces de tredmolen van het eufemisme.

Enkele voorbeelden van op deze manier ontstane reeksen van eufemismen in het Nederlands:

  • poetsvrouw - werkster - schoonmaakster - huishoudelijke hulp - interieurverzorgster-interieurhygiëniste
  • gastarbeider - buitenlander - immigrant - allochtoon - medelander - nieuwe Nederlander.
  • bejaardentehuis - rusthuis - rustoord - home - woonzorgcentrum
  • Idioot was oorspronkelijk een volkomen neutraal woord - het is afgeleid van een Grieks woord dat "gewone man" betekent - maar is nu verworden tot een scheldwoord dat in de beschaafde taal wordt vervangen door bijvoorbeeld de uitdrukking verstandelijk gehandicapte.
  • Achterlijk was oorspronkelijk een eufemisme, maar kan tegenwoordig absoluut niet zonder bijgedachte gebruikt worden.
  • Overlijden en om zeep betekenden oorspronkelijk niets anders dan "ergens heen gaan", respectievelijk "even een blokje om zijn (om nieuwe zeep te halen)".
  • Gehoorgestoord, oorspronkelijk zelf een eufemisme (zie boven), wordt tegenwoordig al in de eerste plaats als negatief ervaren.

Verwante begrippen[bewerken]

Nauw verwant aan het eufemisme zijn woorden die worden ingevoerd als politiek correct alternatief voor woorden die door sommigen als te beladen kunnen worden ervaren. Voorbeelden zijn:

  • Afro-Amerikaan voor iemand met een zwarte huidskleur in de Verenigde Staten.
  • CE (Common Era) en BCE (Before CE) voor de begrippen na Christus en voor Christus.

Een eufemisme kan de vorm hebben van een allusie.

Stijlfiguren die tot op zekere hoogte verwant zijn aan het eufemisme zijn het understatement en de litotes. Een belangrijk verschil is dat deze twee laatste stijlfiguren niet noodzakelijkerwijs betrekking hebben op iets negatiefs. Daarnaast is het effect ervan vaak juist versterkend, in plaats van verzachtend zoals bij eufemismen.[1]

Exact tegengesteld aan het eufemisme is het dysfemisme.

Bronnen, noten en/of referenties
Icoontje WikiWoordenboek Zoek eufemisme op in het WikiWoordenboek.