Faustus Socinus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Faustus Socinus

Faustus Socinus of Fausto Sozzini (Siena, 5 december 1539 - Luslawice, Polen, 3 maart 1604) was een Italiaanse theoloog en jurist uit de 16e eeuw. Hij was de grondlegger van het naar hem genoemde socinianisme en een voorloper van het latere rationalisme. Zijn gedachten zijn door de theologen van de reformatie en de Rooms-katholieke Kerk bestreden. Het laatste deel van zijn leven bracht hij in Polen door.

In zijn hoofdwerk De Jesu Christo Servatore (gedrukt in Polen, 1594) betoogde hij dat Christus niet door zijn kruisdood, maar door zijn zedelijk voorbeeld tot Verlosser is geworden. Zijn leer was tevens gematigd anti-trinitarisch. Zoals alle anti-trinitaristische stromingen accepteerde het socinianisme de leer van de goddelijke Drie-eenheid niet. Daarnaast wees het socinianisme de leer van de incarnatie (vleeswording) af.

Socinus leerde de volgende zaken:

  • De Bijbel kan niets bevatten dat met de rede in strijd is. Hij stond een rationalistisch Bijbelgebruik voor. Niettemin geloofde Socinus wel in wonderen, zoals de maagdelijke geboorte[1] Zijn volgelingen in later eeuw hadden echter kritische kanttekeningen bij de wonderverhalen in de Bijbel.
  • Jezus was slechts mens. Jezus is voor Socinus niet God de Zoon, maar wel de Eniggeboren Zoon van God. Socinus ontkent daarom ook de Drie-eenheid. Opvallend is dat Socinus Jezus wel "God" noemt in de oneigenlijke zin van het woord en als eretitel. Volgens Socinus was God vanaf de geboorte van Jezus nauw betrokken bij diens leven. Socinus moedigde de verering van Jezus (adoratio Christi) aan en stond het aanroepen van Christus (invocatio Christi) als Middelaar toe en geraakte hierover in conflict met de radicale unitariër Ferenc Dávid, de stichter van de Unitarische Kerk van Transsylvanië, die fel gekant was tegen de aanbidding en aanroeping van Jezus[2][3].
  • De Heilige Geest is voor Socinus geen persoon maar kracht.
  • Socinus ontkende de leer van de erfzonde zoals deze door Augustinus en waarschijnlijk door de Paulus werd beleden en geleerd.
  • De dood van Jezus was geen betaling voor de zonde. Het was een bevestiging van zijn leer.
  • Een optimistisch mensbeeld: de mens was in staat de leer van de Heer Jezus in de praktijk te brengen.
  • Een verwerping van de predestinatie als zijnde in strijd met de liefde van God die de mens een volledige vrijheid heeft geschonken.

In de gereformeerde Drie Formulieren van Enigheid wordt gesproken over "de goddeloze Socinus" (Dordtse Leerregels hoofdstuk 2 - veroordeling van de dwalingen - artikel 4). Hij trad in de voetsporen van zijn oom Lealius Socinus.

Bronnen[bewerken]

Verwijzingen[bewerken]

  1. http://archive.org/details/racoviancatechis00reesuoft Racovian Catechism, editie 1818, p. 150
  2. http://en.wikipedia.org/wiki/Faustus_Socinus
  3. http://books.google.nl/books?id=KO-lxKDbNswC&pg=PA47&dq=Socinus+zwaard&hl=nl&sa=X&ei=EOriUZ-eL834sga0qoHwAw&ved=0CGYQ6AEwBw#v=onepage&q=Socinus%20zwaard&f=false