Fietspomp

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gewone fietspomp
Werkingsprincipe van de fietspomp

Een fietspomp is een apparaat waarmee lucht in fietsbanden kan worden geblazen. De pomp, of indien aanwezig de slang van de pomp, wordt aangesloten op het ventiel van de band. Door het op en neer bewegen van de pompstang wordt lucht in de band geperst.

De fietspomp is een zuigerpomp: in de fietspomp zit een luchtkamer (de cilinder) die aan de ene kant wordt afgesloten met een zuiger met daaraan een voorgevormd leertje (c.q. een materiaal met ongeveer vergelijkbare eigenschappen), en aan de andere kant op het ventiel van een fietsband wordt aangesloten. Het leertje hoort met de opstaande rand naar beneden gemonteerd te worden. Door de zuiger in te drukken, wordt de druk in de cilinder vergroot. Dat drukt het leertje naar buiten en sluit dus de cilinder af. Hoe hoger de luchtdruk, hoe beter deze afsluiting werkt. Met een verkeerd gemonteerd leertje, of een met een verkeerde vorm, werkt dit principe niet. Het ventiel in de band blijft gesloten, totdat de druk in de cilinder hoger is dan die in de band. Dan springt het ventiel open en staat de cilinder in contact met de fietsband. Aangezien de druk in de cilinder hoger is dan in de fietsband, zal er lucht vanuit de fietspomp naar de fietsband stromen; de band wordt nu harder.

Bij de naarboven gaande beweging van de zuiger ontstaat onderdruk in de cilinder (daardoor sluit het ventiel van de band zich) en gaat de zijkant van het leertje naar binnen. Door de zo ontstane luchtspleet tussen leertje en cilinderwand vult de cilinder zich weer met lucht en kan de cyclus herhaald worden.

Bij modernere pompen is het leertje soms vervangen door een terugslagventiel in de zuiger.

Fietspomp op het fietsframe

Trivia[bewerken]

Komt de zuiger van een fietspomp na een paar pompslagen weer omhoog, dan is het ventiel van de fietsband lek; de lucht stroomt dan vanuit de fietsband via het ventiel terug in de luchtkamer van de fietspomp.

Beluister

(info)