Florence Foster Jenkins

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Florence Foster Jenkins
Florence Foster Jenkins.jpg
Algemene informatie
Volledige naam Florence Foster Jenkins
Bijnaam The Glory (????) of the Human voice
Geboren 19 juli 1868
Overleden 26 november 1944
Land Verenigde Staten
Werk
Jaren actief 1912 tot 1944
Genre(s) Opera
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Florence Foster Jenkins (Wilkes-Barre (Pennsylvania), 19 juli 1868 – aldaar, 26 november 1944) was een Amerikaanse sopraan die bekend werd vanwege haar gebrek aan zangtalent.

Biografie[bewerken]

Florence Foster werd geboren in 1868 in Wilkes-Barre, Pennsylvania. Jenkins kreeg als kind muziekles, zij uitte de wens om naar het buitenland te gaan om daar muziek te studeren. Haar vermogende vader weigerde echter om de rekening te betalen en dus vertrok zij heimelijk met Frank Thornton Jenkins, een arts, naar Philadelphia alwaar zij trouwden, in het jaar 1885. Een kort huwelijk, want ze scheidden weer in 1902. Zij verdiende de kost als lerares en pianiste tot haar vaders dood in 1909.

Toen erfde Florence een fortuin dat haar in staat stelde om haar zangcarrière weer op te pakken waarvan zij was weerhouden door haar ouders en voormalige echtgenoot. Zo kwam zij vervolgens terecht in het muzikale wereldje van Philadelphia, alwaar zij de Verdi Club stichtte en financierde. Ze nam zanglessen en begon met het geven van optredens, waarvan het eerste plaatsvond in 1912. Haar moeders dood in 1928, toen Florence 60 jaar oud was, gaf haar nog meer vrijheid en middelen om haar droom te verwezenlijken.

Uit Jenkins’ opnames blijkt dat zij weinig gevoel voor ritme en toonhoogte had en dat zij nauwelijks in staat was om een noot vast te houden. Men kan horen dat haar begeleider zich aanpaste aan haar ritmische fouten en de variaties in haar tempo. Niettemin werd zij enorm populair op haar eigen onconventionele manier. Haar publiek waardeerde haar kennelijk meer om het amusement dat zij hen schonk dan om haar muzikale talent. Critici beschreven haar werk vaak op een dubbelzinnige wijze die wellicht onbedoeld de nieuwsgierigheid van het publiek aanwakkerde.

Ondanks haar gebrek aan talent, was Jenkins heilig overtuigd van haar grootheid. Zij vergeleek zichzelf met vermaarde sopranen als Frieda Hempel en Luisa Tetrazzini en verwierp het hoongelach dat vaak uit het publiek opsteeg tijdens haar optredens, evenals dat van haar rivalen, met de repliek 'professionele jaloezie'. Zij was zich bewust van de kritieken, maar zei; 'Mensen mogen zeggen dat ik niet kan zingen, maar niemand kan zeggen dat ik niet heb gezongen'.

Jenkins zong vooral uit het operarepertoire van Mozart, Verdi en Strauss, alles ver voorbij haar technische kunnen. Verder zong zij liederen van Brahms en ValverdesClavelitos’ en zij zong ook de liederen die zij zelf had gecomponeerd of haar begeleider Cosmé McMoon. Jenkins droeg opvallende kostuums die zij zelf had ontworpen, soms verscheen zij ten tonele met vleugeltjes en allerlei franjes.[1] Voor 'Clavelito' gooide zij bloemen in het publiek, onderwijl fladderend voor een ventilator waardoor de bloemen in haar haar meefladderden.

Na een ongeluk met een taxi in 1943 ontdekte zij dat ze een hogere F kon zingen dan voorheen. In plaats van een proces te beginnen tegen het taxibedrijf, zond zij de taxichauffeur een doos dure sigaren.[2]

Ondanks de publieke wens voor meer optredens, beperkte Jenkins het aantal optredens tot een paar favoriete plekken en haar jaarlijkse optreden in de Ritz-Carlton balzaal in New York. Het aantal aanwezigen bij haar optredens was altijd gelimiteerd tot de loyale clubvrouwen en een select aantal anderen. Zij behandelde zelf de distributie van de felbegeerde toegangskaarten. Op 76-jarige leeftijd gaf zij eindelijk toe aan de publieke wens om een optreden te geven in de Carnegie Hall op 25 oktober 1944. De kaartjes waren al weken van tevoren uitverkocht. Jenkins overleed een maand na dit optreden.

Er wordt beweerd dat Jenkins’ hele 32-jarige carrière een grote grap was, maar dat strookt niet met een andere bewering, namelijk dat haar dood een gevolg was van het hoongelach van critici na het optreden in de Carnegie Hall. Elk van deze beweringen kan slecht worden onderbouwd. Alles wijst erop dat Florence Foster Jenkins is gestorven met hetzelfde geluk, zelfvertrouwen en voldane gevoel dat zij al haar hele artistieke leven had gekend.

Jenkins nam negen aria’s op, op vijf 78-toeren platen, welke opnieuw zijn uitgegeven op drie cd’s. The Muse Surmounted: Florence Foster Jenkins and Eleven of Her Rivals (homofone plaat) bevat slechts één van Jenkins’ optredens, Valse Caressante, voor zang, fluit & piano, maar het bevat eveneens een interview met de componist, die eveneens haar begeleider was, Cosmé McMoon. The Glory (????) of the Human Voice (RCA Victor) bevat de acht andere aria’s, alle begeleid door McMoon. Murder on the High C’s (Naxos) bevat alle negen aria’s plus optredens van anderen, maar hier ontbreekt het interview met McMoon. In 2001 had een toneelstuk door Chris Ballance over Jenkins veel succes op het Edinburgh Fringe.[3] Een ander toneelstuk over Jenkins’ leven, Souvenir, ging van start op Broadway in november 2005 met Judy Kaye in de hoofdrol als Jenkins. In de tussentijd, ging in september 2005 een nieuw toneelstuk, Glorious, over Jenkins in première in Engeland, geschreven door Peter Quilter.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. (en) Helguera, Pablo, Theatrum Anatomicum, Jorge Pinto Books Inc.t, 2009, 169 ISBN 978-1934978160.
  2. (en) Schickel, Richard; Michael Walsh, Carnegie Hall: The First One Hundred Years, Harry N. Abramst, 1987, 263 ISBN 978-0810907737.
  3. (en) "Singing sensation Florence Foster Jenkins". CBC (8 augustus 2008)