Frans-Spaanse Oorlog (1635-1659)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Frans-Spaanse Oorlog
Onderdeel van de overgang van de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) naar de oorlogen (1667-1715) van koning Lodewijk XIV van Frankrijk
Slag bij Duinkerke door Charles-Philippe Auguste de Lariviére
Slag bij Duinkerke door Charles-Philippe Auguste de Lariviére
Datum 1635 - 1659
Locatie Franche-Comté, Pyreneeën, Zuidelijke Nederlanden
Resultaat Franse overwinning
Casus belli Frankrijk wil de Habsburgse prang die het inklemt tussen het Spaanse rijk en het Heilige Roomse Rijk openbreken.

Franse Rijn-Alpen-Pyreneeëndoctrine voor natuurlijke grenzen.

Verdrag Vrede van de Pyreneeën
Strijdende partijen
Flag of Royalist France.svg Frankrijk
Flag of the Commonwealth (1658-1660).svg Engelse Gemenebest
Prinsenvlag.svg Nederland
Flag of Cross of Burgundy.svg Spanje
Franse rebellen
aanhangers van Karel II van Engeland
Commandanten
Maarschalk Henri Turenne Regent van de Spaanse Nederlanden, Hertog van Enghien

De Frans-Spaanse Oorlog begon in 1635 in de Dertigjarige Oorlog (1618-1648). Toen de Vrede van Westfalen (1648) die oorlog beëindigde werd de Frans-Spaanse Oorlog voortgezet omdat Frankrijk met Spanje geen vrede sloot. Spanje viel vanuit de Zuidelijke Nederlanden Frankrijk aan tijdens diens Fronde-opstand (1648-1653). Maar het Frankrijk van Mazarin kon zich verbinden (1655) met het Engeland van Cromwell en ze wonnen bij Duinkerke (1658). De Frans-Spaanse Oorlog werd afgesloten met de Vrede van de Pyreneeën (1659) waarbij Spanje de Cerdagne en de Roussillon aan Frankrijk afstond, alsook delen van de Zuidelijke Nederlanden, en de Franse koning Lodewijk XIV met een Spaanse prinses huwde, wat hem aanspraken verschafte op het Spaanse rijk. Spanje stopte door deze oorlog een grootmacht te zijn. En de Zuidelijke Nederlanden bleven Lodewijks eerste oogmerk, zoals bleek in de daaropvolgende Devolutieoorlog (1667-1668).

De Spaanse Nederlanden en de Franse Fronde (1648-1653)[bewerken]

Terwijl de Vrede van Westfalen werd onderhandeld brak in Parijs de Eerste, grondwettelijke Fronde uit (augustus 1648), een belastingsopstand van de hogere rechtbanken, parlementen genoemd. De Franse regeringsleider Lodewijk de XIII en later Mazarin liet eerst parlementsleden aanhouden maar moest dan met Franse koningin en de 10-jarige Franse kroonprins Lodewijk XIV Parijs ontvluchten (sep 1648). Doch de Vrede van Westfalen (okt 1648) maakte het Franse leger vrij en het kon onder Condé Parijs belegeren (jan-mrt 1649). Dit eerste geschil werd zo bijgelegd. Aartshertog Leopold Willem, de Oostenrijkse landvoogd van de Spaanse Zuidelijke Nederlanden, maakte inmiddels van de gelegenheid gebruik om Ieper en Fort Knokke op Frankrijk (1649) te heroveren. En in Frankrijk volgde al vlug een Tweede Fronde, die van de hoge adel tegen het absolutisme. Mazarin liet enkele hoge edelen aanhouden, o.a. Condé (jan 1650). En daarop kwam ook een andere veldheer, Turenne, in opstand. Maar het Franse leger sloeg de Spaans-Zuid-Nederlandse troepen van Leopold Willem, door de Fronde ter hulp geroepen, terug bij Guise in Artesië en versloeg Turenne te Rethel boven Reims (dec 1650). Toch werden Condé en andere hoge edelen vrijgelaten (feb 1651) en moest Mazarin in ballingschap. Kleinere opstanden werden neergeslagen (mrt-apr 1651). Maar Frankrijk verviel in anarchie. Turenne verzoende zich daarop met de koning (mei 1651) terwijl het nu Condé was die met Spanje samenzweerde (okt 1651). Mazarin keerde terug (dec 1651). Leopold Willem heroverde onderwijl ook Veurne, Sint-Winoksbergen en Broekburg (1651). Condé begon in opstand in het Zuidwest-Franse Guyenne, klom op tot de Loire, verloor van Turenne te Cognac (nov 1651) maar won van hem te Bléneau (apr 1652). Condé en Turenne bereikten Parijs, waar Turenne Condé versloeg en de stad induwde (jul 1652). De anarchie dwong er Condé om naar Brussel te vluchten (okt 1652) waarop de Franse koning naar zijn hoofdstad kon terugkeren. Leopold Willem heroverde tussendoor ook nog eens Duinkerke (sep 1652). Doch Mazarin keerde voorgoed naar Parijs terug (feb 1653) en het Franse absolutisme was hersteld.

Frankrijk tegen de Spaanse Zuidelijke Nederlanden (1654)[bewerken]

De Franse opstandeling Condé trok met zijn Franse legerresten naar de Zuidelijke Nederlanden en vocht er voor Spanje. Dat was opmerkelijk omdat hij de Franse bevelhebber was die Spanje in 1643 in de Slag bij Rocroi had verslagen, wat Spanjes rol als eerste landmacht van Europa had beëindigd. Condé wilde voor Spanje het in 1640 verloren Atrecht heroveren. Maar de Fransen onder Turenne verbraken Condés belegering ervan (aug 1654). En Turenne ontnam de Zuidelijke Nederlanden Landrecies, de stad Condé en Saint-Ghislain (1655). Omgekeerd kon Condé Turennes beleg van Valencijn (1656) (juli). Maar toen Turenne met Engelse hulp Duinkerke belegerde wilde Condé dat met een leger vanuit Veurne opnieuw verijdelen. En met 1 tegen 2 verloor hij de Slag in de Duinen (jun 1658) waarop Turenne Duinkerke veroverde en overdroeg aan Engeland (jun 1658). Want Mazarin had Engeland als bondgenoot tegen Spanje geworven.

Frankrijk verbindt zich met Engeland tegen Spanje (1655)[bewerken]

Cromwell, de machthebber in Engeland, won de Eerste Engelse Zeeoorlog (1651-1654) tegen de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en wilde onmiddellijk daarop Spanjes koloniaalrijk veroveren. Spanje kreeg zo twee vijanden tegelijkertijd. Cromwells landingsvloot mislukte vóór Oost-Hispaniola/Santo Domingo, maar nam Spanje Jamaica af (mei 1655) en probeerde tevergeefs met een blokkade vóór Gibraltar Spanjes jaarlijkse zilvervloot te overweldigen (jun-okt 1655). Cromwell verklaarde Spanje openlijk de oorlog (okt 1655) en verbond er zich met Frankrijk tegen (nov 1655). En zo stond Frankrijk sterker tegenover Spanje in de Zuidelijke Nederlanden. Van een Spaanse zilvervloot van 8 schepen kelderden de Engelsen het jaar daarop er vóór Cádiz 2, verbranden er 2 en praaiden er 2 (sep 1656). En weer een jaar later vernielden ze in de Canarische Eilanden te Tenerife 16 schepen van een andere zilvervloot (apr 1657). En de Engelse boekaniers uit Tortuga mochten zich in Jamaica vestigen (1657). En de heroveringspogingen die Spanje vanuit Cuba op Jamaica verrichtte werden afgeslagen (1657+1658). En Franse boekaniers uit Tortuga sijpelden West-Hispaniola/Haïti binnen (1659). En in het kader van zijn rivaliteit met Spanje verbond Cromwell zich nu bijkomend met Frankrijk specifiek tegen de Spaanse Zuidelijke Nederlanden (mei 1657).

Frankrijk en Engeland winnen bij Duinkerke (1658)[bewerken]

Engeland zou Duinkerke en Mardijk verwerven, Frankrijk Grevelingen. Frankrijk en Engeland samen namen Mardijk in (sep 1657), wonnen de Slag der Duinen (jun 1658) en veroverden Duinkerke. Ze namen vervolgens nog Grevelingen en Ieper in. En Frankrijk plunderde het Leie- en het Scheldeland uit (aug 1658). Engeland hielp hier louter om Spanje een hak te zetten. Want het Duinkerke dat het zo verwierf verkocht het al in 1662 aan Frankrijk. Spanjes militaire inspanningen in de Zuidelijke Nederlanden waren zwak, mede omdat het zich vooral op Portugal richtte, dat zich in 1640 opnieuw van Spanje had afgescheiden. En Spanje was in de pestepidemie van 1650 al een kwart van zijn bevolking kwijt. Toch nam het tijdens de Frans-Spaanse Oorlog het Portugese Olivenza in (1657) maar mislukte bij Elvas (jan 1659) in zijn heroveringspoging van Portugal. Spanje zette tegen Portugal 20.000 man in, in de Zuidelijke Nederlanden 27.000 man. De Spaanse koning Filips IV was seniel geworden maar had geluk. De voor Cromwell gevluchte Karel II van Engeland had in de Slag der Duinen met Spanje meegevochten. En toen hij ná Cromwells dood naar Londen werd teruggeroepen (apr 1660) en koning werd sloot hij vrede met Spanje (jun 1660). Engeland hield Jamaica maar Spanje moest Frankrijk én Engeland niet langer tezamen bevechten.

Na de Vrede van de Pyreneeën (1659) bedreigt Frankrijk de Zuidelijke Nederlanden[bewerken]

Maar Mazarin sloot voorheen met Spanje al de Vrede van de Pyreneeën (okt 1659). Spanje was niet langer een grootmacht. Boven de Pyreneeën moest het de Roussillon en de Cerdagne aan Frankrijk afstaan. En in de Zuidelijke Nederlanden moest het heel Artesië met Atrecht en Bethune, alsmede Zuid-Henegouwen met Avesnes en Le Quesnoy, alsook de strook Sedan-Verdun aan Frankrijk overdragen. En in het kader van de Vrede van de Pyreneeën mocht Lodewijk XIV huwen (jun 1660) met Maria Theresia, dochter van Filips IV. En Maria Theresa maakte geen aanspraken op de Spaanse troon mits een bruidsschat die door Spanje nooit werd betaald. Kortom, Frankrijk maakte wél aanspraken op de Spaanse troon, en dus op Spanje, op Spaans-Italië, op Spaans-Amerika, op de Spaanse Filipijnen en op de Spaanse Zuidelijke Nederlanden, die Parijs nog altijd in de weg zaten om Frankrijks natuurlijke Rijn-Alpen-Pyreneeëngrenzen te bereiken. Want ook Lodewijk XIV hing deze doctrine van Richelieu en Mazarin aan. En Lodewijk XIV kon het Spaanse rijk erven. Want inteelt deed het Spaanse koningshuis en Spanjes hoge adel degenereren omdat ze onderling huwden om hun familiale bezittingen bijeen te houden. De Spaanse koning Filips IV werd vroegtijdig kinds en zijn zwakke zoontje Karel II was het levenslang. Weldra zou Lodewijk XIV zelf regeren (1661) en met de Devolutieoorlog (1667-1668), de Hollandse Oorlog (1672-1678) en de Frans-Spaanse oorlog (1683-1684) opnieuw delen van de Zuidelijke Nederlanden inlijven.

Externe link[bewerken]

Bibliografie[bewerken]

  • (nl) (1982): Algemene Geschiedenis der Nederlanden Deel 6, 7 en 8. Fibula-Van Dishoek , Haarlem.
  • (nl) (1999): Kalendarium Geschiedenis van de Lage Landen in jaartallen. Het Spectrum, Utrecht
  • (nl) Rooms, Etienne (2007): Lodewijk XIV en de Lage Landen. Davidsfonds, Leuven
  • (de) (1982): Der Grosse Plötz, Die Daten-Enzyklopädie der Weltgeschichte. Komet-Ma, Keulen
  • (de) Engel, Josef (1981): Grosser Historischer Weltatlas Dritter Teil Neuzeit. Bayerischer Schulbuch-Verlag, München