Fraude

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Falsa fides in me semper est (In mij is altijd ontrouw), Palazzo Ducale in Venetië

Fraude is een vorm van bedrog; de zaken worden anders voorgesteld dan ze zijn, door op papier of digitaal een onjuiste weergave te geven van de werkelijkheid. Men spreekt ook van oplichting, hoewel oplichting een breder begrip is: het kan ook op andere manieren geschieden.

Als uitkeringsfraude wordt ook beschouwd het verwijtbaar niet doorgeven van wijzigingen van omstandigheden waardoor men recht heeft op een lagere uitkering of waardoor men geen recht meer heeft op de uitkering, bijvoorbeeld (meer) gaan werken, gaan samenwonen, het (meer) gaan werken van de partner, of een erfenis ontvangen.

Het ISMA-model verklaart hoe fraude / de neiging tot regelovertreding ontstaat. De relevante factoren zijn volgens dit model: Interne norm, Sociale norm, Mogelijkheden en Afschrikking.

In Nederland kan men voor vragen of meldingen m.b.t. fraude terecht bij de Fraudehelpdesk.[1][2]

Herkomst[bewerken]

Volgens het Middelnederlandsch Woordenboek van het Instituut voor Nederlandse Lexicologie is de vroegste vindplaats van het woord een document uit 1294 uit Brugge. Het woord is waarschijnlijk via het Frans in de Nederlandse taal terechtgekomen, en vanuit het Latijn kwam het waarschijnlijk terecht in de Franse taal, daar in het Latijn het woord "fraus" bedrog, schade of misdaad betekent.

Kenmerken van fraude[bewerken]

Er bestaat geen duidelijke definitie van fraude. In het Nederlandse Wetboek van Strafrecht komt de term alleen voor in een artikel over mensenhandel. Veel vormen van fraude vallen onder Titel XII. Valsheid in geschriften, opgave van onware gegevens en schending van de verplichting gegevens te verstrekken. Kenmerkende elementen die aanwezig moeten zijn om van fraude te spreken zijn:

  • het gaat om opzettelijk handelen
  • er wordt een misleidende voorstelling van zaken gegeven
  • er is het oogmerk economisch voordeel te behalen
  • er is een benadeelde
  • er is sprake van onrechtmatig of onwettig handelen

Soms wordt gesproken van "misbruik of fraude", aangevend dat deze begrippen niet overeen hoeven te komen, maar zonder ieder apart te behandelen, zodat het onderscheid in de betreffende context niet ter zake doet. Het gebruik van een persoonlijke OV-chipkaart van een ander kan bijvoorbeeld worden aangemerkt als misbruik, terwijl het zonder opzet geen fraude is.

Voorbeelden van fraude[bewerken]

  • Bij acquisitiefraude worden mensen overgehaald een advertentie te plaatsen tegen een hoog bedrag, terwijl de advertentie later niet geplaatst zal worden.
  • Onder belastingfraude (ook wel:belastingontduiking) wordt verstaan: minder of geen belasting betalen door het niet naleven van de fiscale wetgeving. Bij belastingontduiking is er altijd sprake van een wetsovertreding.
  • Bij de "bouwfraude" worden afspraken die in strijd zijn met mededingingsregels verzwegen;
  • Bij btw-fraude wordt de inning van btw gedwarsboomd door een zgn. btw-carrousel op te zetten van lege BV's die elkaar leveringen doen (eventueel fictief of altijd dezelfde goederen) waarbij ofwel btw niet afgedragen wordt of onterecht teruggevorderd.
  • Bij copyfraud worden auteursrechten geclaimd, terwijl diegene niet de juridische controle heeft over een werk.
  • Bij diplomafraude wordt beweerd dat men een titel of diploma heeft terwijl dit niet zo is, of wordt een vals diploma gebruikt. Hieraan verwant is c.v.-fraude: het vermelden van onwaarheden op het c.v. Dit alles geschiedt om de eigen onderneming of positie op de arbeidsmarkt te verbeteren.
  • Bij examenfraude spiekt de leerling of student, waardoor zijn leraren geen juist beeld van zijn kennis krijgen;
  • Bij faillissementsfraude worden geld of middelen vlak voor het faillissement uit de onderneming vervreemd, waardoor schuldeisers geen beslag kunnen leggen op de bezittingen.
  • Hypotheekfraude is een vorm van kredietfraude waarbij het onderpand een vastgoedobject is.
  • Bij jaarrekeningenfraude wordt in de jaarrekening een onjuist beeld gegeven van de stand van zaken in een bedrijf;
  • Bij kredietfraude wordt onder valse voorwendselen een lening of 'krediet' aangevraagd of verkregen. Wanneer het krediet niet meer kan worden afgelost blijkt het onderpand vaak minder waard te zijn dan eerder werd verondersteld.
  • Bij uitkeringsfraude gaat het om personen die onder valse voorwendselen ten onrechte een (te hoge) uitkering genieten;
  • Bij verkiezingsfraude wordt geknoeid met verkiezingsuitslagen, waardoor de kiezers en het buitenland een onjuist beeld krijgen van de verkiezingen, en een politicus ten onrechte wordt geïnstalleerd.
  • Bij verzekeringsfraude tracht een verzekerde een verzekeringsmaatschappij onder valse voorwendsels tot uitkering te doen overgaan of een verzekering onder valse voorwendsels aan te vragen.
  • Bij voedselfraude wordt een bepaald etenswaar vervangen door een ander, vaak goedkoper etenswaar zonder dat de eter weet dat dit product is verwisseld.
  • Voorschotfraude.
  • Bij witwassen wordt de illegale herkomst van gelden verborgen via een carrousel van transacties, waardoor de gelden ogenschijnlijk legaal verkregen lijken te zijn.
  • Bij wetenschapsfraude worden onderzoeksresultaten verkregen door deze te baseren op gemanipuleerde, verzonnen of door plagiaat verkregen gegevens.

Er bestaan veel oplichtingsmethoden waarbij het slachtoffer niet de overheid is maar een gewone (meestal vermogende) medeburger. Eén van de meest voorkomende is de "Nigeriaanse oplichting" waarbij gevraagd wordt om een rekening ter beschikking te stellen waarop een enorm bedrag (miljoenen USD of €) afkomstig van één of andere erfenis kan geparkeerd worden. Het slachtoffer wordt een deel van deze erfenis beloofd maar moet eerst allerlei verplichtingen (met kosten) vervullen. Uiteindelijk na het betalen van kosten blijkt dan dat het geld toch niet kan worden overgemaakt. Zolang het slachtoffer geen wantrouwen heeft blijven de oplichters geld vragen. Deze vorm van oplichting is zeer oud en bekend maar toch lopen er nog steeds personen in de val. De technische term voor dit soort oplichtingen is "advance fee fraud". Een stelregel om te ontdekken of het om oplichting gaat is de volgende: "Als het te mooi is om waar te zijn, dan is het niet waar".

Systeemfraude[bewerken]

De Nederlandse overheid verstaat onder systeemfraude iedere poging tot het laten uitbetalen door de belastingdienst van een bedrag dat is gebaseerd op onjuiste gegevens. Het kan onder meer betreffen voorlopige teruggaven van loon- of omzetbelasting, of voorlopige uitbetaling van toeslagen. De fraude kan gepaard gaan met identiteitsfraude (een aanvraag wordt gedaan op naam van een ander zonder daartoe gemachtigd te zijn). Ook kan het initiatief uitgaan van een bemiddelaar, en gebeuren op naam van een betrokkene die meedeelt in de buit, en/of meewerkt zonder te begrijpen wat hij ondertekent. In hoeverre degene op wiens naam de fraude plaatsvindt dader is en in hoeverre slachtoffer kan dus variëren.[3]

Bekende fraudezaken[bewerken]

(In het hieronder volgende overzicht is doorgaans de hoofdpersoon aangegeven.)

België[bewerken]

Nederland[bewerken]

Verenigde Staten[bewerken]

Overige landen[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties