Frederik II van Lotharingen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Frederik II van Opper-Lotharingen (986 - 13 mei 1026/1027) was een zoon van hertog Diederik I van Opper-Lotharingen en van Richildis von Blieskastel, dochter van graaf Folmar van Bliesgau. Hij was graaf van Bar en vanaf 1019 deelde hij bestuurlijke taken met zijn vader.

Frederik sloot een bondgenootschap met Fulco III van Anjou, tegen Odo II van Blois en bevocht hem bij Pontlevoy en in de Champagne. Hij was een van de aanvoerders van het verzet tegen Koenraad II de Saliër en legde daarvoor contacten met partijen in Italië. Frederik bood Robert II van Frankrijk de Italiaanse kroon aan maar die weigerde. In 1024 steunde Frederik de opstand van hertog Ernst II van Zwaben.

Frederik stierf al korte tijd later. Omdat hij eerder stierf dan zijn vader, heeft hij die nooit opgevolgd als hertog van Opper-Lotharingen (maar wordt als co-graaf in de nummering van heersende graven wel meegeteld). Zijn zoon Frederik III zou zijn grootvader wel opvolgen.

Frederik was in 1012 getrouwd met Mathilde van Zwaben (ca. 995 - 1031), dochter van hertog Herman II van Zwaben en schoonzuster van Koenraad II. Zij hadden de volgende kinderen:

Mathildes zoon Koenraad was een van de tegenstanders van Koenraad II bij diens koningsverkiezing. Dit verklaart waarom Frederik zich zo tegen Koenraad II verzette.

Referentie[bewerken]