Gabriel Hanotaux

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gabriel Hanotaux

Gabriel Albert Auguste Hanotaux (Beaurevoir, 19 november 1853 - Parijs, 11 april 1944) was een Frans diplomaat, historicus en politicus.

Biografie[bewerken]

Opleiding en vroege carrière[bewerken]

Gabriel Hanotaux werd op 19 september 1853 geboren in Beaurevoir, departement Aisne. Hij studeerde aan de École Nationale des Chartes en werd maître de conférence (lector) aan de École pratique des hautes études in 1880. In 1879 kreeg hij een betrekking als assistent-secretaris op het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken. Kort hierna werd hij ambassadesecretaris in Constantinopel. Van 1886 tot 1892 onderbrak hij zijn diplomatieke carrière en vertegenwoordigde hij het departement Aisne. Als republikein koos hij de zijde van Léon Gambetta en Jules Ferry. Gabriel Hanotaux werd in 1890 kabinetchef.

Minister van Buitenlandse Zaken[bewerken]

Gabriel Hanotaux onderhandelde in 1892 met Sir Charles Tupper, de Canadese hoge commissaris in Londen over een Frans-Canadees handelsverdrag. Het handelsverdrag werd een jaar later, in 1893, getekend. Van 30 november 1894 tot 1 november 1895 was hij minister van Buitenlandse Zaken onder de premier Charles Dupuy en Alexandre Ribot. Van 29 april 1896 tot 28 juni 1898 bekleedde hij dit ambt opnieuw, nu onder premier Félix Jules Méline. Als groot voorstander van een continentaal-Europese buitenlandse politieke - hij wantrouwde Groot-Brittannië -, was stond hij nauwe betrekkingen met Rusland voor en vergezelde hij president Félix Faure tijdens diens staatsbezoek aan Rusland (1896). In 1898 was hij interim-minister van Koloniën.

Gabriel Hanotaux was een voorstander van een groot Frans koloniaal rijk. Geheel in deze lijn stuurde hij militaire expedities naar de Franse gebieden (of gebieden waarop Frankrijk aanspraak meende te hebben) in Afrika om deze te pacificeren.

Zijn wantrouwen ten opzichte van Groot-Brittannië werd nog eens gevoed tijdens het Fashoda-incident in Soedan toen Franse en Engelse troepen tegenover elkaar stonden.

In 1909 richtte hij Comité France-Amérique ("Comité Frankrijk-Amerika") op.

Afgevaardigde bij de Volkenbond[bewerken]

Na de Eerste Wereldoorlog maakte hij deel uit van de eerste (15 november - 18 december 1920), tweede (5 september - 5 oktober 1921), derde (4 september - 30 september 1922) en vierde (3 september - 29 september 1923) Franse delegaties bij de algemene vergaderingen van de Volkenbond. Hij was een fel tegenstander van het plan tot om het toelaten van esperanto als werktaal van de Volkenbond.

Overlijden[bewerken]

Gabriel Hanotaux overleed op 90-jarige leeftijd, op 11 april 1944 in Parijs.

Historicus[bewerken]

Als historicus publiceerde Hanotaux diverse werken. Zijn Histoire de la Troisième République geldt thans nog steeds als een standaardwerk over de Derde Franse Republiek. Zijn bekendste werk is de Histoire de cardinal de Richelieu, een boek over het leven en werken van de 17de eeuwse Franse kardinaal de Richelieu. Vanwege zijn literaire prestaties werd hij op 1 april 1897 in de Académie française (Franse Academie) gekozen. Hij bezette de 29ste zetel.

Werken[bewerken]

  • Les Villes retrouvées (1881)
  • Origines de l'institution des intendants des provinces, d'après les documents inédits (1884)
  • Henri Martin, sa vie, ses œuvres, son temps, 1810-1883 (1885)
  • Études historiques sur le XVIe et le XVIIe siècle en France (1886)
  • Recueil des instructions données aux ambassadeurs et ministres de France : depuis les traités de Westphalie jusqu'à la Révolution française (1888-1913)
  • Essai sur les libertés de l'Église gallicane depuis les origines jusqu'au règne de Louis XIV (1888)
  • Note sur la famille maternelle de Jean de La Fontaine (les Pidoux du Poitou et de l'Île-de-France) (1889)
  • Paris en 1614 (1890)
  • Histoire du cardinal de Richelieu (1893-1903)
  • Les Hommes de 1889 (1893)
  • L'Affaire de Madagascar (1896)
  • Tableau de la France en 1614, la France et la royauté avant Richelieu (1898)
  • La Seine et les quais, promenades d'un bibliophile (1901)
  • Du Choix d'une carrière (1902)
  • L'Énergie française (1902)
  • Histoire de la France contemporaine, 1871-1900 (1903-1908)
  • La Paix latine (1903)
  • La jeunesse de Balzac. Balzac imprimeur 1825-1828, met Georges Vicaire; Paris, A. Ferroud, 1903, 1e editie, Librairie des Amateurs, A. Ferroud, F. Ferroud, 1921. La partie « Balzac imprimeur »
  • Le Partage de l'Afrique : Fachoda (1909)
  • La Démocratie et le travail (1910)
  • La fleur des histoires françaises (1911)
  • Jeanne d'Arc (1911)
  • Une commémoration franco-américaine. Pour un grand français, Champlain (1912)
  • Études diplomatiques. La Politique de l'équilibre, 1907-1911 (1912)
  • Histoire de la nation française (1913)
  • La France vivante. En Amérique du Nord (1913)
  • Études diplomatiques. 2e série. La guerre des Balkans et l'Europe, 1912-1913 (1914)
  • Les Villes martyres. Les falaises de l'Aisne (1915)
  • Pendant la grande guerre, I (août-décembre 1914) : études diplomatiques et historiques (1916)
  • L'Énigme de Charleroi (1917)
  • L'Aisne pendant la Grande guerre (1919)
  • Circuits des champs de bataille de France, histoire et itinéraires de la Grande guerre (1919)
  • De l'histoire et des historiens (1919)
  • Le Traité de Versailles du 28 juin 1919. L'Allemagne et l'Europe (1919)
  • Joffre (met luitenant-kolonel Fabry) (1921)
  • La Bataille de la Marne (1922)
  • Georges Vicaire. 1853-1921 (1922)
  • Histoire illustrée de la guerre de 1914 (1924)

Bibliophiles (1924)

  • Le Général Mangin (1925)
  • La Renaissance provençale. La Provence niçoise (1928)
  • Histoire des colonies françaises et de l'expansion de la France dans le monde (1929-1934)
  • Le Maréchal Foch ou l'homme de guerre (1929)
  • Regards sur l'Égypte et la Palestine (1929)
  • En Belgique par les pays dévastés (1931)
  • Histoire de la nation égyptienne (1931-1940)
  • L'Art religieux ancien dans le comté de Nice et en Provence (1932)
  • À propos de l'histoire (met Paul Valéry) (1933)
  • Mon temps (1935-1947)
  • Pour l'Empire colonial français (1935)
  • Raymond Poincaré (1935)

Zie ook[bewerken]

Voorganger:
Jean Casimir-Perier
Minister van Buitenlandse Zaken
1894-1895
Opvolger:
Marcelin Barthelot
Voorganger:
Léon Bourgeois
Minister van Buitenlandse Zaken
1896-1898
Opvolger:
Théophile Delcassé
Voorganger:
André Lebon
Interim-Minister van Koloniën
1898
Opvolger:
Georges Trouillot
Voorganger:
Paul-Armand Challemel-Lacour
Zetel 29
Académie française
1897-1944
Opvolger:
André Siegfried