Gasreus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Afbeelding van opengewerkte gasreuzen in ons zonnestelsel

Een planeet die voornamelijk uit gassen bestaat, wordt gasreus genoemd. In ons zonnestelsel zijn twee gasreuzen, de planeten Jupiter en Saturnus. Net zoals de terrestrische planeten Aardse planeten genoemd worden, worden gasreuzen ook wel Joviaanse planeten genoemd. Deze naam is afkomstig van het Latijnse Iovis, de genitivus van het woord Jupiter dat vrij vertaald op Jupiter gelijkend betekent. Tot enkele jaren geleden werden Uranus en Neptunus ook tot de gasreuzen gerekend, maar tegenwoordig worden deze twee planeten in een aparte groep planeten ingedeeld, de ijsreuzen.

Kenmerken[bewerken]

Kenmerken van de gasreuzen in ons zonnestelsel (Jupiter en Saturnus) zijn:

  • ze zijn gasvormig
  • hun banen liggen ver van elkaar verwijderd
  • ze hebben veel manen
  • ze hebben banen ver van de zon
  • ze hebben een kleinere dichtheid dan de terrestrische planeten
  • ze bezitten allemaal ringen
  • ze hebben een grotere massa dan de terrestrische planeten, maar kleiner dan dat van een bruine dwerg.
De grote rode vlek op Jupiter

Ontstaan[bewerken]

Gasreuzen ontstonden net als de andere planeten in het zonnestelsel door accretie van stof en ijs in de zonnenevel. Omdat ze verder van de zon vandaan zijn was de temperatuur lager dan de dichter bij de zon gelegen terrestrische planeten. Daardoor kon er relatief meer gas condenseren voordat de protoster ontbrandde, zodat de gasreuzen een grotere hoeveelheid gas uit de protoplanetaire nevel naar zich toe trekken en vasthouden. Ongeveer 1 miljoen jaar na het ontstaan van de accretieschijf begon de zonnewind te blazen, die al het overgebleven gas uit het zonnestelsel verdreef. Verder dan Neptunus kunnen ook geen gasreuzen meer voorkomen, want daar was het gas al verdreven voordat het tot de vorming van reuzenplaneten kon komen.

Samenstelling[bewerken]

Qua samenstelling lijken Jupiter en Saturnus erg op elkaar. Onderzoek heeft aangetoond dat beide planeten bestaan uit een kleine kern van silicaten en metaal, met daarom heen een dikke mantel van metallisch waterstof, dat een goede geleider van elektrische stroom is, en daarboven een laag moleculair waterstof. Dankzij de mantel van metallisch waterstof beschikken zij over een sterk magnetisch veld.

De samenstelling van de kleinere ijsreuzen Uranus en Neptunus is totaal verschillend van de beide gasreuzen. Zij bestaan uit een grotere kern van silicaten en metaal en een dunnere mantel van waterstof, methaan, en ammoniak.

Atmosfeer[bewerken]

Net zoals bij sommige terrestrische planeten hebben ook de gasreuzen een atmosfeer, alleen is de overgang tussen planeet en atmosfeer veel minder duidelijk; men kan het verschil slechts "zien" door de temperatuurverschillen. In de atmosfeer van de gasreuzen zijn ook wolkenpatronen met vele kleuren (door verschillende chemische stoffen). Stormen op de gasreuzen kunnen eeuwenlang duren, zoals onder andere de bekende Grote Rode Vlek op Jupiter die al minstens 300 jaar bestaat. In de vlek komen elektrische ontladingen voor die 100 keer zo sterk zijn als de bliksem op aarde. Doorgaans wordt als oppervlak van de gasreus de zichtbare buitenkant van de atmosfeer van de planeet gehanteerd.

Exoplaneten[bewerken]

Planeten die momenteel bij andere sterren ontdekt worden (exoplaneten) zijn doorgaans gasreuzen. Dit gegeven is het direct gevolg van de beperkingen van de techniek, omdat met de huidige methoden gasreuzen het eenvoudigst te ontdekken zijn. Langzaam aan worden echter ook meer niet-gasreuzen bij andere sterren ontdekt.