Gehucht

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het gehucht Oberwil in Zwitserland

Een gehucht is een woonplaats die kleiner is dan een dorp. In Nederland wordt hiermee enkel een kleine gemeenschap zonder kerk aangeduid (een kleine gemeenschap mét kerk is een buurtschap). In Vlaanderen wordt dit onderscheid niet gemaakt.

Het woord stamt af van het collectivum van hoeve: "gehofte".[1] Dit is omdat gehuchten rond één of meerdere alleenstaande hoeves ontstonden. Die waren opgericht ten midden van woeste grond, door families die toestemming hadden gekregen om er nieuw land te bewerken. Rond deze hoeves verrezen nieuwe boerderijen op initiatief van erfgenamen en nieuwe boerenfamilies. Zo ontstonden nieuwe woonkernen. Ze kregen niet altijd een eigen kerk, maar tenminste een kapel.

Gehuchten werden meestal genoemd naar de aloude namen voor het gebied waarin ze liggen. Daarom bevatten ze vaak de toponiemen "hees", "beemd" en "waard". Hoewel ze afgezonderd liggen, bleven ze bij een dorp of stad horen, zelfs wanneer ze uitgroeiden tot een klein dorp. Uitzondering hierop vormen de gehuchten die zelfstandig werden door samenvoeging met gehuchten uit andere gemeentes. Een goed voorbeeld is Kinrooi, dat in 1845 werd opgebouwd uit drie gehuchten.

Bronnen, noten en/of referenties