Generaliteitslanden
Generaliteitslanden waren gebieden die in de tijd van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden onder direct bestuur van de Staten-Generaal vielen.
In tegenstelling tot de zeven gewesten (eigenlijk acht, maar Drenthe had geen stem in de Staten-Generaal) - Groningen, Friesland, Overijssel, Gelderland, Utrecht, Holland en Zeeland – hadden zij geen stem in het landsbestuur. Het waren voornamelijk rooms-katholieke gebieden die in een later stadium van de Tachtigjarige Oorlog op Spanje veroverd waren, of in sommige gevallen zelfs pas verkregen werden na het einde van de Spaanse Successieoorlog in 1713, zoals Staats-Opper-Gelre. Ze fungeerden in veel gevallen als bufferzone tussen de Republiek en de Spaanse respectievelijk Oostenrijkse Nederlanden. In economisch opzicht werden ze als wingewesten uitgebuit met zware belastingen en heffingen.
[bewerken] Overzicht van de generaliteitslanden
De generaliteitslanden waren:
- Staats-Brabant, ruwweg de huidige provincie Noord-Brabant.
- Staats-Vlaanderen, het huidige Zeeuws-Vlaanderen.
- Westerwolde en Wedde, het zuidoosten van de huidige provincie Groningen, dat na de Reductie van Groningen van 1594 tot 1619 een generaliteitsland was.
- Staats-Overmaas, de streek rond Maastricht. Bij het sluiten van de Vrede van Münster (1648) kon tussen Spanje en de Republiek geen overeenstemming worden bereikt over de toewijzing van de landen van Overmaas. Met het Partagetraktaat van 1661 werd het geschil uiteindelijk bijgelegd.
- Staats-Opper-Gelre, de streek rond Venlo. Na de Spaanse Successieoorlog werd Spaans Opper-Gelre gedeeltelijk door Pruisen geannexeerd als Pruisisch Opper-Gelre (1702), een deel werd Staats-Opper-Gelre, de rest werd Oostenrijks Gelre.
Soms wordt de bewoording Staats-Limburg gebruikt, waar in feite Staat-Opper-Gelre en/of Staats-Overmaas wordt bedoeld. Staats-Limburg is een onjuiste naam, want het hertogdom Limburg bleef onverdeeld tot de Spaanse c.q. Oostenrijkse Nederlanden behoren.
[bewerken] Overzeese gebieden
Gebieden buiten Europa werden vaak ook in naam van de Staten opgeëist, zie het Staten Island bij Nieuw-Amsterdam of het Stateneiland aan de zuidkust van Argentinië.
[bewerken] Buiten de Republiek
Er waren nog andere gebieden die niet tot de Republiek behoorden, maar er op verschillende manieren politiek of territoriaal mee verbonden waren, zoals:
- Vrije heerlijkheden:
- de Baronie Acquoy
- de Vrijheerlijkheid Ameland
- de Heerlijkheid Batenburg
- de graafschap Buren
- de Heerlijkheid Bokhoven
- de Heerlijkheid Boxmeer
- de Heerlijkheid Culemborg (tot 1720)
- de Commanderij Gemert
- de Baronie IJsselstein
- het Graafschap Leerdam
- het Graafschap Megen
- de Heerlijkheid Ravenstein
- de Heerlijkheid Vianen (tot 1725)
- Andere enclaves:
- het ambt Liemers, Huissen, Wehl en Gennep (Hertogdom Kleef)
- Luyksgestel (Prinsbisdom Luik)
- Baarle-Hertog (Land van Turnhout)
- Exclave:
- het Graafschap Lingen, als deel van Overijssel, welke aanspraak echter niet doorgezet konden worden tegen het Prinsbisdom Münster