Genten (Sulidae), ook wel rotspelikanen genoemd, zijn 70-85 cm grote stootduikende zeevogels met een torpedovormig lichaam. Verder hebben ze een lange, forse snavel met gekartelde zijranden, korte poten en lange, puntige vleugels. Voedsel, vooral vis, wordt op zee gezocht. Op eilanden met een droog klimaat nestelen vaak grote groepen maskergenten (Sula dactylatra). Deze soort is te herkennen aan de witte veren en de zwarte vleugelranden. In tegenstelling tot de andere soorten, broedt de roodpootgent (Sula sula) niet op de grond, maar in de bomen. De opvallende rode poten zijn kenmerkend voor deze soort, die verder te herkennen is aan de bruine vleugels en het wit- of bruingekleurde lichaam. De bruine gent (Sula leucogaster) voedt zich niet alleen met vis, maar ook met pijlinktvissen. Bruine genten maken hun nest vooral op eilanden voor de kust, vaak op rotswanden of begroeide hellingen. Genten zijn vooral in tropische streken te vinden, maar ook in Groot-Brittannië komen ze voor. De familie telt 10 nog bestaande soorten.[1]
Naar Friesen,V.L. (2002)[2]
Bronnen, noten en/of referenties
- BirdLife International 2006. Sula tasmani. In: IUCN 2006. 2006 IUCN Red List of Threatened Species. <www.iucnredlist.org>. Downloaded on 11 May 2006.
|