George Johan Albert Webb

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kapitein G.J.A. Webb

George Johan Albert Webb (Batavia, 23 juli 1861 - Atjeh, 24 januari, 1902) was een Nederlandse kapitein in het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger en ridder in de Militaire Willems-Orde vierde klasse.

Militaire loopbaan[bewerken]

George Johan Albert Webb werd op 23 juli 1861 te Batavia geboren als zoon van Samuel Albert Webb en Johanna Charlotta Geertruida Alexandrina Muller Kruseman. Webb volgde de Koninklijke Militaire Academie en werd in december 1884 aangesteld als tweede luitenant der infanterie. Het jaar daarop vertrok hij naar Indië; in 1887 werd hij te Atjeh ingedeeld in bij het twaalfde bataljon infanterie. Tijdens het gevecht nabij Kota Radja Bedil (Kota Pohama) op 12 oktober 1887 voldeed hij zo goed dat nog tijdens het gevecht de aanvoerder zijn adjudant naar Webb zond om zijn tevredenheid te betuigen. Hij ontving hiervoor de Gouden Kroon voor eervolle vermelding. Tijdens de bestorming van Samalanga onderscheidde hij zich weer en werd hem (bij KB van 23 oktober 1901, nr. 59) de Militaire Willems-Orde vierde klasse toegekend; deze werd hem uitgereikt door generaal Joannes Benedictus van Heutsz, die hem daarop benoemde tot commandant van de derde divisie Korps Marechaussee te voet en hem daarnaast belastte met het civiele bestuur te Lam Njong.

Het graf van kapitein GJA Webb te Peutjoet

Gedurende de jaren negentig leidde Webb diverse gevechten (met in zijn troep onder meer Henri M. Vis). Als aanvoerder was Webb aanwezig bij de verovering van een vijandelijke sterkte te Lemboe Lapihon in oost-Peusangan (noordkust Atjeh); 21 man werden gedood of gewond maar Webb wist desalniettemin de overwinning te behalen.

De dood van Webb[bewerken]

In januari 1902 rukte de marechaussee onder kapitein Webb uit naar de Boven-Paseistreek ter opsporing van de benden van Panglima Polèm II. Op 21 jan 1902 sneuvelde Webb Leubeuë Minjeu door een zorgvuldig geplaatste boobytrap, waarop een boom neerstortte en hem en een hoornblazer verpletterde. Kapitein Webb werd te Peutjoet begraven en kreeg een eigen Kapitein Webblaan en een monument op Peutjoet (zie afbeelding).

Nasleep[bewerken]

Vanuit het bivak te Matang Koeli werd door de daar aanwezige vier brigades Korps Marechaussee, versterkt door een honderdtal bajonetten uit het bivak, onder commando van overste Berenschot van 30 januari tot 13 februari 1902 een tocht gemaakt naar de bovenloop van de Keureutoë rivier waar echter geen spoor meer werd aangetroffen van Panglima Polèm, die al vertrokken bleek te zijn naar de Gajolanden. De in Boven-Keureutoë aanwezige vijand bestond uit gewekenen van Geudong, Seuleuma en Pira. In verschillende ontmoetingen werden 27 Atjehse bendeleden gedood en 16 vijandelijke schuilplaatsen opgeruimd.

Portal.svg Portaal KNIL
Bronnen, noten en/of referenties
  • 1902. Deli Courant, 10 januari 1902.
  • 1902. Deli Courant, 10 april 1902 (Verslagmaand Februari 1902).
  • 1902. A.S.H. Booms. In memoriam. G.J.A. Webb. Kapitein der Marechaussees, ridder der Militaire Willemsorde, gesneuveld te Atjeh 24 januari 1902. Eigen Haard. Bladzijde 390-392.