Gerardus Henri Betz
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Gerardus Henri Betz (Breda, 30 oktober 1816 - Den Haag, 20 mei 1868) was een liberaal/Thorbeckiaans Kamerlid en minister van Financiën in het tweede kabinet-Thorbecke. Hij was een autodidact, die met zijn broer in Kralingen leiding gaf aan een stroopfabriek. Betz was raadslid in Rotterdam en vanaf 1859 Tweede Kamerlid voor die stad. Hij was een pleitbezorger van hervorming van het financiële stelsel en van afschaffing van plaatselijke accijnzen. Als minister stond hij in het middelpunt van de Limburgse brievenaffaire. Er was daarbij sprake van toezeggingen aan Limburgse Kamerleden over uitstel van belastingverhoging in Limburg met het oog op de Tweede Kamerverkiezingen. Hij trad vanwege deze affaire af als minister.
[bewerk] Tweede Kamer
| Periode |
|---|
| 15-02-1859 t/m 31-01-1862 |
| Voorganger: J.G.H. van Tets van Goudriaan |
Minister van Financiën 1862-1865 |
Opvolger: N. Olivier |
| Voorganger: G.H. Uhlenbeck |
Minister van Koloniën a.i. 1863 |
Opvolger: I.D. Fransen van de Putte |
| Bronnen, noten en/of referenties: |
|
De informatie op deze pagina, of een eerdere versie daarvan, is geheel of gedeeltelijk afkomstig van www.parlement.com. |

