Geruite rondmondhoren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Geruite rondmondhoren
Geruite rondmondhoren
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Mollusca (Weekdieren)
Klasse: Gastropoda (Slakken of buikpotigen)
Orde: Neotaenioglossa
Familie: Pomatiidae
Geslacht: Pomatias
soort
Pomatias elegans
(O.F. Müller, 1774)
Aanwezigheid in Europa per land ██ aanwezig ██ geen gegevens
Aanwezigheid in Europa per land

██ aanwezig

██ geen gegevens

Afbeeldingen Geruite rondmondhoren op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De geruite rondmondhoren (Pomatias elegans) is een landkieuwslak uit de familie Pomatiidae.

Naam[bewerken]

De soortnaam werd in 1774 gepubliceerd door Otto Frederik Müller (1730-1784) als Nerita elegans[1] Door andere inzichten in de taxonomie is de soort later in het geslacht Pomatias geplaatst. Als gevolg van deze naamswijziging worden auteursnaam en datum nu tussen haakjes gezet.

Beschrijving[bewerken]

Het geribbelde huisje van de volwassen slak heeft 4 tot 5 windingen. De slak heeft een gewicht van gemiddeld 450 tot 500 milligram[2]. De grondkleur is roodbruin, met witte 'vlammen'. De slak kan vier tot vijf jaar oud worden.

Afmetingen van de schelp

  • breedte: tot 12 mm.
  • hoogte: tot 18 mm.

Habitat[bewerken]

De dieren leven in kalkrijke gebieden met losse grond.

Levenswijze[bewerken]

De slak leeft van dood, liefst verdroogd, blad en verterend hout. Dagelijks wordt zo'n 2 milligram gegeten[2].

Voortplanting[bewerken]

Eitjes worden in de herfst gelegd, niet in groepjes maar los. De jongen komen na ongeveer drie maanden uit. Het huisje van het jong heeft twee windingen en een hoogte van ongeveer 2 millimeter.[2]

Huidige verspreiding[bewerken]

De slak is bekend uit grote delen van Europa en Noord-Afrika. In Nederland is de soort alleen bekend uit Zuid-Limburg.[3] In België komt de geruite rondmondhoren vrij algemeen op plaatsen met de geschikte bodem voor.

Fossiel voorkomen[bewerken]

Deze soort is bekend uit interglacialen en interstadialen uit het hele Pleistoceen en het Holoceen. In Nederland (Zuid-Limburg) en België van enkele plaatsen bekend uit Holocene afzettingen.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Müller, O. F., 1774. Vermivm terrestrium et fluviatilium, seu animalium infusoriorum, helminthicorum, et testaceorum, non marinorum, succincta historia. Volumen alterum. - pp. I-XXXVI [= 1-36], 1-214, [1-10]. Havniæ & Lipsiæ.(Heineck & Faber).
  2. a b c Animalbase
  3. Website Anemoon
  • (fr) Adam, W., 1960. Mollusques terrestres et fluviatiles. Faune de Belgique. Bruxelles, 402 pp.
  • (nl) Benthem Jutting, W.S.S. van, 1933. Mollusca (I) A. Gastropoda Prosobranchia et Pulmonata. Fauna van Nederland, 7: 1-387.
  • (nl) Gittenberger, E., Backhys, W., Ripken, Th.E.J., 1984. De landslakken van Nederland. KNNV, Hoogwoud, 184 pp. [2e druk]
  • (de) Jaeckel, S.G.A., 1962. Ergänzungen und Berichtigungen zum rezenten und quartären Vorkommen der mitteleuropäischen Mollusken. In: Tierwelt Mitteleuropas, Bd II(1), Ergänzung, pp. 25-260.
  • Kerney, M.P., Cameron, R.A.D., 1980. Elseviers slakkengids. Elsevier, Amsterdam/Brussel, 310 pp. ISBN 90 10 03273 6.