Geschiedenis van de relatie tussen mens en hond

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Familie Kennedy met honden in 1963

De geschiedenis van de relatie tussen mens en hond beschrijft hoe de relatie tussen mens en hond is begonnen en hoe de positie tussen mens en hond is gegaan. Ook wordt er verteld hoe de tegenwoordige positie van de hond in iets is.

Volgens genetisch onderzoek van Caries Vila (1997) zijn er op grond van verschillen in het mitochondriaal DNA vier verschillende groepen hondenrassen te onderscheiden, die mogelijk het resultaat zijn van vier verschillende domesticaties in het verleden die onafhankelijk van elkaar hebben plaatsgevonden, enige tienduizenden tot 100 000 jaar geleden. Wel is duidelijk dat de hond afstamt van de wolf (Canis lupus) en niet van de coyote, de jakhals of een andere hondachtige: de verschillen van hond en wolf met al deze soorten zijn veel groter dan die tussen hond en wolf. Het meest recente onderzoek plaatst de oorsprong van de hond in het Verre Oosten, enige tienduizenden jaren geleden.

De eerste aantoonbare relatie van de wolf met de mens is omstreeks 14 000 tot 17 000 jaar geleden. Het is niet zeker of de mens naar de wolf is gekomen of andersom. Beiden hadden profijt van de ontstane situatie; de wolf werd door de mens gebruikt bij de jacht, om de kudde bijeen te houden en om te waarschuwen tegen vijanden. De mens zorgde er op zijn beurt voor dat de wolf altijd te eten kreeg. De wolf is een erg sociaal dier. Hij leeft, net als de mens, in groepsverband (roedel genoemd), met een sociale rangorde, waarbij bepaalde wolven het leiderschap op zich nemen. Dit maakt het dier mogelijk en aantrekkelijk als gezelschapsdier, waarbij de wolf de mens als leider beschouwde.

Gaandeweg begon men eisen aan het uiterlijk en gedrag van de wolf te stellen. Zoals er verscheidenheid is bij mensen, zo is dat ook bij wolven. Gelet op klimaat en geologie. De tamme wolf werd gekruist op zijn eigenschappen, afzijdig gehouden van zijn wilde soortgenoten en werd huishond. Als de hond blafte, dan werd hij gebruikt als waakhond. Als de hond stil en snel was dan was deze weer goed voor de jacht. Zo werd de basis gelegd voor het ontstaan van de verschillende rassen.

Geen dier ter wereld staat zo dicht bij de mens als de hond. Honden worden vaak ook "beste vriend van de mens" genoemd.

Snelheid van domesticatie[bewerken]

Recent onderzoek heeft aangetoond dat de verandering van eigenschappen van een gedomesticeerd dier sneller kan gaan dan voordien werd aangenomen. De acclimatisering van een wilde hond kan binnen één of twee menselijke generaties met het weloverwogen selectieve fokken. Men gelooft nu ook in het algemeen dat de aanvankelijke acclimatisering door wederzijdse wens was. Wilde hondachtigen die rond menselijke nederzettingen op zoek naar voedsel gingen hebben hoogstwaarschijnlijk meer voedsel gevonden. Honden die mensen of hun kinderen aanvielen werden gedood of verdreven, maar de vriendelijke dieren overleefden. Honden konden andere aaseters en ongedierte verdrijven of doden. Met hun scherpe zintuigen waren ze ook waardevol als een alarm tegen plunderende roofdieren en oorlogszuchtige mensen van andere groepen. Dit is een theoretisch model van de wijze waarop deze relatie zich kan hebben ontwikkeld.

Statussymbool en verwennerij[bewerken]

Een etalage met hondenkleding op Bali

Tijdens de Middeleeuwen gingen mensen de hond als een statussymbool beschouwen. De hond verschafte de mens aanzien. Sindsdien begon het aantal hondenrassen enorm toe te nemen. Honden werden gefokt op grootte, lengte, kleur, kop, gedrag en aaibaarheid. Nieuwe hondenrassen werden vaak vernoemd naar de streek, het land of eigenaar waar of door wie het gefokt is. Er bestaat al eeuwenlang een soort mode in honden waarbij een bepaald hondenras erg populair is. Honden in de 'duurdere' klasse geven status.

Niet alleen tijdens de Middeleeuwen, ook al in het Oude Egypte en de Romeinse tijd werden sommige honden als statussymbool gezien. Een goed voorbeeld voor het Oude Egypte is de faraohond. De faraohond is in de geschreven geschiedenis de oudste gedomesticeerde hond. Twee op een gazelle jagende honden zijn afgebeeld op een schijf die uit circa 4000 v.Chr. dateert en in ieder geval van vóór de Eerste Dynastie. De hond, en met name de jachthond, speelde een belangrijke rol in het dagelijks leven van koningen en edellieden in het Oude Egypte. De faraohond is middelgroot, sierlijk, krachtig en snel. In 1935 vond de Harvard-Boston-expeditie, onder leiding van Dr. G. Reisner, in het groot kerkhof ten westen van de piramide van Cheops in Gizeh een inscriptie die de begrafenis van de hond "Abuwtiyuw" voorstelde. De begrafenis ging met alle eerbewijzen die normaal aan de Egyptische adel te beurt vielen en dit op het bevel van de Egyptische koningen. Zoals de Egyptische edelen was de hond voortdurend in het gezelschap van de koning en toen hij stierf, beval de koning plechtig dat hij in een eigen graf moest worden begraven. De hond nam in Egypte een veel belangrijkere positie in dan de kat.

In het oude Tibet geloofden boeddhistische monniken in het klooster dat als het baasje van zijn mopshond overleed, zijn ziel in het hondje zou trekken. De hondjes werden hierdoor door de andere monniken extra verwend.

Op het 17e-eeuwse schilderij van Caesar van Everdingen van Willem II van Holland is een klein hondje van hem naast hem te zien.

Een bekend hondje uit de geschiedenis was het mopshondje Pompey van Willem van Oranje. Pompey sliep altijd bij Willem van Oranje op het bed, en het hondje redde het leven van de prins door te blaffen en in Willems bed te springen als waarschuwing voor Spaanse overvallers die hem in zijn slaap probeerden te vermoorden.

Een bijzonder verhaal is die rond de rassen King Charles-spaniël en Cavalier King Charles Spiel. Koning Karel I staat op vele schilderijen van Anthonie van Dyck met zijn King Charles-spaniëls. De hondjes zijn ook naar hem vernoemd omdat hij er een groot liefhebber van was. In 1903 heeft men in Engeland geprobeerd de naam Toy Spaniel te veranderen, maar dit stuitte op verzet van koning Eduard VII, ook een liefhebber van het ras. Het ras wordt vaak met koningen geassocieerd. Een exemplaar zat verborgen in het kleed van Mary of Scotland na haar terechtstelling. Koning Karel II maakte zich geliefd bij de bevolking door met deze spaniëls in het St. James's Park te spelen 'voor het dauw was opgetrokken'. Karel II zorgde ervoor dat het niet verboden kon worden dat hij zijn spaniëls mee kon nemen naar openbare gelegenheden en zelfs de Houses of Parliament. Hij besteedde tijdens zijn vergaderingen met de raadsmannen meer tijd aan het spelen met zijn spaniëls dan met staatszaken. Hij nam zijn honden zelfs mee naar de slaapkamer.

Jacobus I van Engeland bestelde een half dozijn cairnterriërs om deze naar Frankrijk te sturen als geschenk. Vorsten schonken vaker elkaar status gevende hondjes om andere vorsten tevreden te houden.

Tegenwoordig is er een nieuwe manier om honden status toe te kennen. Met name in Hollywood is hondenkleding heel populair. Vele acteurs, zangers, rappers en andere sterren geven hun honden dure hondenkleding, zoals Paris Hilton en haar chihuahua Tinkerbell. Hondenkleding wordt ook in Nederland populairder. Ook zijn er speciale hondensieraden, -bedden, -zonnebrilletjes en -schoentjes.

Honden met een doel[bewerken]

Honden worden al eeuwen lang voor verschillende doeleinden gebruikt. De mensheid kwam erachter dat honden zich voor heel veel dingen 'nuttig' konden maken. Ook konden ze de mens goed bijstaan in oorlog of in de maatschappij.

Honden in de maatschappij (werkhonden)[bewerken]

Hulphonden[bewerken]

Honden worden al eeuwenlang in maatschappijen gebruikt. Een bekende is een geleidehond. De eerste school voor geleidehonden werd gesticht tijdens de Eerste Wereldoorlog in Duitsland. De bedoeling hiervan was als mobiliteit te dienen om verblinde veteranen terug te brengen. De tweede school, genaamd Seeing Eye, kwam in 1929 in New Jersey, Verenigde Staten. Twee jaar later kwam ook de British Guide Dog Association. In Nederland houdt het Koninklijk Nederlands Geleidehonden Fonds (KNGF) zich hier sinds 1935 mee bezig. Voor dit doel wordt vaak de labrador, golden retriever, herdershond, of de Hollandse herder gebruikt. Een geleidehond is een voorbeeld van een assistentiehond. Andere assistentiehonden zijn signaalhonden, ADL-honden en Seizure alerthonden.

Herdershonden[bewerken]

De herdershond is één groep van honden die qua bouw en karakter nog erg dicht bij de wolf staat. Herdershonden werden oorspronkelijk gebruikt om de schaapsherder te begeleiden bij het hoeden van de schaapskudde. Als sport wordt schapenhoeden vooral in Engeland, Schotland en Ierland beoefend. Tegenwoordig worden herdershonden veel ingezet als politiehond en als blindengeleidehond.

Politiehonden[bewerken]

Honden worden ook gebruikt door de politie. Er wordt verschil gemaakt tussen surveillancehonden en speurhonden. Surveillancehonden assisteren in de dagelijkse surveillance of bij het optreden van de Mobiele Eenheid. Speurhonden werden en worden gebruikt om menselijke geur, drugs, explosieven en brandversnellers op te sporen.

Reddingshonden[bewerken]

Er bestaan al eeuwenlang reddingshonden. Reddingshonden zoals de Berner sennenhond en de sint-bernard werden gebruikt in het Alpengebergte om mensen op te sporen en uit de sneeuw te redden. Tegenwoordig gebruikt men zelden nog traditionele berghonden maar bijna alleen maar Duitse herders.

Brandweerhonden[bewerken]

Ook de brandweer gebruikt zogenaamde brandweerhonden om mensen te redden. Brandweerhonden is geleerd om op steile ladders te klimmen.

Trekhonden[bewerken]

Twee honden voor een transportkar

Tot in de jaren twintig van de 20e eeuw kwam de hondenkar vrij algemeen in het straatbeeld voor. De trekkracht van de hond bleek de mens goed van dienst te kunnen zijn. Van schilderijen en uit allerlei andere bronnen is bekend dat al rond 1675 hondenkarren in het Nederlandse straatbeeld voorkwamen. De definitieve doorbraak van de trekhond en de hondenkar dateert in Nederland van omstreeks 1800. Van België en onder meer Duitsland, Frankrijk, Noorwegen en Zwitserland weet men dat er vanaf die tijd tot ± 1950 ook met hondenkarren gewerkt werd. In Denemarken was het werken met hond en hondenkar niet toegestaan en in Parijs werd het al rond 1824 verboden. Engeland verbood vanaf 1855 de inzet van de hond als trekhond.

De mens liet de hond ingespannen voor, onder of achter de kar voor zich werken. Een van de redenen om dit dier in te zetten was dat de hond een goedkopere werkkracht was dan bijvoorbeeld het paard. Wie zich geen paardenkracht kon veroorloven gebruikte de energie van de hond als transportmiddel. Honden trokken niet alleen karren maar ook ploegen en zelfs trekschuiten. De hond was meestal goedkoop in de aanschaf en stelde geen hoge eisen aan onder meer zijn voeding, onderkomen en verzorging. Het dier nam meestal genoegen met wat de "pot schafte"; zijn maaltijd bestond hoofdzakelijk uit etensresten, brood, groenten en slachtafval.

Verschillende hondenrassen, maar ook bastaarden, hebben werk met de hondenkar verricht. Het zijn voornamelijk de voorouders van de huidige bekende hondenrassen zoals: bouviers, Duitse doggen, Duitse herders, groenendaelers, Hollandse herders, Pyrenese berghonden, sennenhonden en Siberische husky's. Ook het uitgestorven Belgische hondenras 'Matin Belge' werd als trekhond gebruikt.

In de Trekhondenwet van 1910 werd een vergunning voor het gebruik van de hond als trekhond verplicht gesteld. De vergunning werd pas verstrekt wanneer aan de voorschriften wat betreft de begeleider, hond en kar werd voldaan. In 1912 werd de Anti Trekhonden Bond opgericht, die nu door het leven gaat als Bond tot Bescherming van Honden, ook wel bekend als de Hondenbescherming. Tegenstanders van de hond als trekdier wonnen in de loop der jaren langzaam terrein. De Wet op de Dierenbescherming, die met ingang van 1962 in werking trad, verbood uiteindelijk het beroepsmatig werken met honden.

Poolhonden[bewerken]

Vele noordelijke volkeren uit Lapland, Groenland, IJsland en Canada gebruiken al eeuwenlang de hond om een slee te trekken. De ouderwetse eskimoslee wordt door 10 tot 15 poolhonden voortgetrokken. Als een goede bestuurder de teugels in handen heeft, kunnen de honden in één dag 80 km afleggen.

Waakhonden[bewerken]

Waakhonden bestaan al duizenden jaren. Waakhonden worden gebruikt om een bepaald gebied voor de mens te bewaken. De Romeinen gebruikten veel waakhonden. Ook in veel middeleeuwse kastelen liepen dit soort honden. Bijna alle honden kunnen worden ingezet als waakhond. Zelfs de chihuahua staat bekend als waaks, "in miniatuurversie". In de geschiedenis had vooral de adel waakhonden. Julius Caesar scheen een voorkeur te hebben voor de mastino napoletano.

Honden in de jacht en hondengevechten[bewerken]

Jachthonden[bewerken]

Een functie waar de hond waarschijnlijk het langst voor is gebruikt was de jacht. Bewoners uit de prehistorie, indianen, Afrikaanse volksstammen gebruikten allemaal honden tijdens de jacht. De vossenjacht was een eeuwenoude Britse traditie die vooral door de aristocratie werd bedreven. Ook vele vorsten jaagden en jagen samen met honden. Prins Charles jaagt nog steeds met honden op vossen. De meeste honden hebben nog een jachtinstinct en hebben geen problemen samen met de mens te gaan jagen.

Vechthonden[bewerken]

Er bestaan al heel lang hondengevechten. Hondengevechten worden meestal georganiseerd ter vermaak van de mens. De Romeinen gebruikten grote honden in arena's om onder anderen christenen te verscheuren. Ook kan er flink geld mee verdiend worden. Hondengevechten zijn nu in de meeste westerse landen verboden omdat het met veel dierenleed gepaard gaat. Honden worden zowel geestelijk als lichamelijk mishandeld om ze vals en agressief te maken om tegen andere honden te vechten. Tijdens hondengevechten loopt de hond ernstige littekens op. Ook worden er proefhonden gebruikt als "agressie-instrument" om vechthonden met het vechten op te laten oefenen. Hoewel hondengevechten tegenwoordig een taboe zijn proberen sommige Amerikaanse rappers zoals DMX en Snoop Dogg het als een "stoere" bezigheid te laten zien.

Honden in oorlog[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Oorlogshond voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Honden worden al duizenden jaren lang ingezet bij oorlog. De Romeinen gebruikten de mastino napoletano veel in oorlog. Alexander de Grote nam ook veel honden mee tijdens zijn oorlogen.

In het interbellum werden SS'ers "harder gemaakt" doordat ze tijdens hun opleiding een pup kregen. Na een jaar goed voor deze pup te zorgen moesten ze het dier waarvan ze hielden, afschieten[bron?].

Antitankhonden zijn honden met explosieven op hun rug; ze zijn getraind om onder vijandige tanks te duiken, waardoor de explosieven afgaan. Ze werden tijdens de Tweede Wereldoorlog in Rusland getraind om te helpen met de strijd tegen nazi-tanks. Maar omdat ze hadden geoefend op Russische tanks, liepen de honden op het slagveld naar de Russische tanks in plaats van naar de vijand. Het Duitse leger had snel weet van deze hundminen. Russische honden werden in het vervolg doodgeschoten, omdat ze misschien explosieven zouden kunnen dragen. Hierdoor bleven er nog maar weinig honden over aan het oostfront, waardoor het gebruik van honden als verrassingswapen nog onwaarschijnlijker werd. Na de oorlog werden er efficiëntere en makkelijkere methodes geïntroduceerd.

Honden als huisdier[bewerken]

De relatie tussen mens en hond wordt vaak gekarakteriseerd door de sterke emotionele band. Honden zijn door de wereldgeschiedenis heen al lang een populair huisdier en het eerste huisdier. Geen dier ter wereld staat zo dicht bij de mens als de hond. Honden worden vaak ook "beste vriend van de mens" genoemd. Veel mensen nemen een hond als huisdier om het huis (en landgoed) te bewaken, maar vooral omdat een hond als echte vriend gezien wordt die de mens nooit in de steek zou laten. Onderzoek heeft aangetoond dat honden emoties kunnen evenaren die bij geen enkel ander dier ooit zijn voorgekomen. Zo kunnen honden qua emoties precies voelen wat hun baasje voelt. Honden zijn ook het intelligentste huisdier. De hond is op de kat na in Nederland het populairste huisdier. Katten zijn populairder omdat ze goedkoper en minder tijdrovend zijn. Honden zijn sociale dieren en daardoor afhankelijker van de mens.

Honden als proefdier[bewerken]

Proefexperimenten op dieren, onder andere op honden komen al jarenlang voor; Vereniging Proefdiervrij probeert al sinds 1897 om dit af te schaffen. Voor welke experimenten honden precies worden gebruikt is niet duidelijk. Deze informatie wordt geheimgehouden. In grote lijnen is wel bekend waar de dieren voor zijn gebruikt. Veel honden (917) werden in 2003 gebruikt voor de ontwikkeling van vaccins of geneesmiddelen. Ook in het onderwijs werden veel honden gebruikt (823). Precieze informatie over dit geneesmiddelenonderzoek of onderwijs wordt niet gegeven. Het blijft daarmee ook onduidelijk of het onderzoek met honden niet op een andere manier had kunnen worden uitgevoerd. Ruim 350 honden werden gebruikt om een wetenschappelijke vraag te beantwoorden. Eén derde van alle proeven op honden (706) werd uitgevoerd omdat dat vereist was volgens de (Nederlandse of Europese) regels.

In 2003 werd in de uitzending van het consumentenprogramma Radar over dierproeven voor diervoeders gesproken over het doorsnijden van de stembanden om blaffen te voorkomen. De informatie hierover kwam uit een Amerikaans contractlaboratorium. Dit is in Nederland bij wet verboden (art. 40 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren). In 2003 zijn in Nederland 2134 proefhonden gebruikt.

Ook gebruikte de communistische Sovjet-Unie zogenaamde ruimtehonden zoals ruimtehond Laika die op 3 november 1957 vanuit Baikonoer werd gelanceerd om de "leefbaarheid" van kunstmanen te testen. Laika stierf al na een paar uur in de ruimte aan oververhitting en stress, voordat de vierde omloop ten einde was.

Honden als voedsel[bewerken]

In sommige Aziatische landen worden sommige honden gefokt in 'boerderijen' en vervolgens geslacht voor voedsel. In Korea wordt hondenvlees gebruikt in medische soep. Soms ontstonden er conflicten tussen westerse hondenliefhebbers en hondenvleeseters. Zo kwam in het nieuws dat tijdens het FIFA Wereldkampioenschap voetbal in 2002 in Korea, de Koreaanse regering opriep om het gebruik van hondenvlees sterk te beperken omdat dit westerlingen flink dwars zat. Op de Filipijnen werd hondenvlees verstrekt om de hongersnood tegen te gaan.

Tijdens de Hongerwinter werden vele honden vanwege de hongersnood geslacht voor voedsel.

In China werden chowchows naar opslagruimten van families gestuurd om daar te waken, wanneer er een flink voedseltekort was werden de honden geslacht voor voedsel. In de Chinese provincie Yunnan worden levende honden op markten verkocht voor voedsel. Sinds de tijd van Confucius werd de hond zeer gewaardeerd in China. Maar de filosoof Mencius noemde hondenvlees het lekkerste van alle vleessoorten. In de traditionele Chinese geneeskunst wordt de penis van een hond als een afrodisiacum gezien en wordt daarom ook opgediend in sommige restaurants.

Honden in de islam[bewerken]

Honden zijn voor moslims onreine beesten. Het hebben van een hond als huisdier werd sterk afgeraden. Een persoon mag een hond hebben voor een doel, bijvoorbeeld als waak- en jachthond. En er staat nergens in de Koran geschreven dat een moslim geen hond in huis mag hebben, zolang er een eigen bidplek is, en men goed voor het huisdier zorgt. Er staat geschreven dat een vrouw het hellevuur in is gegaan door haar hond, omdat ze er niet goed voor had gezorgd. Een hond in huis hebben is in de islam dus niet verboden (erg veel mensen denken dat) het is niet 'haram' tegen de regels van de islam) maar het wordt wel afgeraden, niet alleen honden, maar veel andere dieren ook.

Couperen[bewerken]

Het couperen van de staart gebeurt doorgaans als de pup een paar (twee, drie) dagen oud is. Meestal gebeurt het couperen door de dierenarts. Het staartje wordt met een schaar afgeknipt, het wondje wordt vervolgens of dichtgeschroeid, of met een hechting dichtgemaakt. Verdoven is niet gebruikelijk. Soms gebeurt het couperen door middel van afbinden. Er wordt dan een elastiekje om het staartje gebonden, waarna het uiteinde afsterft en er uiteindelijk afvalt. Couperen kwam vooral voor bij de meeste terriërs (onder meer airedale, fox, jack russell, kerry blue, softcoated wheaten, yorkshire), spaniëls, schnauzers, poedels, staande honden (als de Duitse staande kort- en draadhaar, weimaraner, vizsla), bouviers, boxers, dobermanns, bobtails en rottweilers. Het couperen van staarten is sinds 1 september 2001 in Nederland en sinds 1 januari 2006 in België verboden. Hiermee is België de tiende lidstaat van de EU waar couperen van staarten is verboden.

Couperen vroeger[bewerken]

Ook heel vroeger kwam couperen bij honden al voor:

  • De oude Romeinen dachten dat het couperen van de staart hondsdolheid zou voorkomen.
  • Vecht- en waakhonden gebaat waren bij zo min mogelijk 'uitsteeksels' waar een tegenstander eventueel grip op zou kunnen krijgen.
  • Er in vroeger tijden geen belasting hoefde te worden betaald voor werkhonden met een gecoupeerde staart (men kon een werkhond aan zijn gecoupeerde staart herkennen).
  • Rond een gecoupeerde staart minder vuil en ontlasting (met enge made-infecties tot gevolg) blijft hangen, wat vooral praktisch was bij herdershonden die lang alleen bij de kudde bleven, weinig contact hadden met mensen en dus nauwelijks tot geen vachtverzorging kregen.

Couperen tegenwoordig[bewerken]

  • Een gecoupeerde staart kan beschadigingen (bijvoorbeeld bij jachthonden tijdens het werk in stekelig struikgewas) voorkomen. Staarten beschadigen snel en beschadigde staarten helen slecht, omdat de wond door het kwispelen steeds weer wordt opengeslagen.
  • Een gecoupeerde staart kan tot de typische kenmerken van een ras behoren.
  • Sommige mensen vinden sommige honden zonder staart mooier dan met staart.

Hondenbelasting[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie hondenbelasting voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Onder de naam hondenbelasting kan door de gemeente een belasting worden geheven ter zake van het houden van een hond. De belasting wordt geheven van de eigenaar van een hond en veelal naar het aantal honden dat wordt gehouden (artikel 226 Gemeentewet). De hondenbelasting is geen uitvinding uit de tweede helft van de 20e eeuw. Het stamt uit de tijd dat de hondenkar gebruikt werd als transportmiddel voor de armen, terwijl de rijkere het paard en wagen als vervoer gebruikten. De overheid zag in beiden een middel om transportbelasting te kunnen heffen. Het is niet bekend of het belastinggeld vervolgens ook in het toenmalig vervoer of wegenstelsel geïnvesteerd werd (d.i. een bestemmingsheffing). Tegenwoordig, begin 21e eeuw, wordt ervan uitgegaan dat de heffing van hondenbelasting is gerechtvaardigd teneinde de overlast van hondenpoep terug te dringen. Ook thans kan evenwel niet worden gezegd dat sprake is van een bestemmingsheffing. Veelal wordt de opbrengst van de belasting aangewend om een gat in de begroting te dichten.