Gotland pelsschaap

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gotland pelsschaap

Het Gotland pelsschaap is een schapenras, waarvan er circa 1000 in Nederland zijn (2004).

De afstamming van het Gotland pelsschaap is niet duidelijk. Zeker is dat er kenmerken in terug te vinden zijn van diverse rassen, zoals het Zweedse Gute Får schaap, de Leicester en de Karakul. Het is een typisch kortstaart landras: sterk, beweeglijk en hinde-achtig. De ontwikkeling van de Gotlander is rond 1920 in Zweden begonnen.

De ooien zijn vruchtbaar en lammeren gemakkelijk af. De worpgrootte bedraagt gemiddeld 1.8, waarbij 1-jarige ooien zijn meegerekend. De ooien zijn goede moeders en hun productieperiode is circa 7 jaar.
Het lam is bij de geboorte meestal zwart, wat spoedig verandert in grijs. Kop en poten blijven zwart, soms met witte vlekken. Een lam is pels- en slachtrijp op een leeftijd van ongeveer vijf maanden.

Het vlees van een Gotlander is bijzonder van kwaliteit. Zeer fijn met een lichte wildsmaak, goed gestructureerd en niet vet. Het slachtgewicht ligt tussen de 17 en 22 kilo, op een leeftijd van 5 maanden.
Omdat de lammeren erg beweeglijk zijn, is het vlees mager en sappig. Maar het Gotland Pelsschaap wordt niet alleen geroemd om zijn vlees, ook de pels en de wol zijn waardevol. De Gotlander levert een zachte, zijdeachtige wol, variërend van licht- tot donkergrijs. Het spinnen van de wol vereist een bepaalde vaardigheid, maar is heel goed te doen. De wol is zeer geschikt om te vilten en het laat zich goed verven.

De pelzen zijn ook uitermate geschikt om te laten looien. De vachten kan men ook laten scheren, verven en waxen met een leer- of suèdekant. De kwaliteit van het haar, zoals de dichtheid, de krul en de kleur bepaalt de waarde van de pels. De bewerkte pelzen worden gebruikt voor het vervaardigen van allerlei kledingstukken.