Graaddag

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een graaddag is een rekeneenheid om de (variërende) temperatuur op een eenvoudige manier mee te kunnen nemen in berekeningen, met name in berekeningen over energieverbruik. Een graaddag is relatief ten opzichte van een referentie temperatuur, meestal die waarbij geen verwarming meer nodig is (typisch 18 graden Celsius).

Definitie[bewerken]

Een graaddag is gedefinieerd als referentietemperatuur minus de gemiddelde temperatuur over de gehele dag, geminimaliseerd op 0. De gemiddelde temperatuur over een dag is in Nederland typisch gemeten bij het KNMI in de Bilt. Als de gemiddelde temperatuur over een bepaalde dag 10 graden Celsius was, dan heeft die dag een equivalent van 8 graaddagen. Als de gemiddelde temperatuur hoger ligt dan de referentietemperatuur (bijvoorbeeld 20 graden), dan is er typisch geen verwarming nodig; het aantal graaddagen is dan 0 (en niet -2).

Typisch worden graaddagen over een heel jaar gesommeerd. In Nederland zijn er ongeveer 3000 graaddagen per jaar.

Voorbeeld[bewerken]

In 2006 verbruikt men 1800 kubieke meter gas, en waren er 2621 graaddagen. Na het nemen van energiebesparende maatregelen verbruikt men in 2007 1100 kubieke meter gas, en waren er 2483 graaddagen.

Zoals aan het aantal graaddagen te zien is was 2006 kouder dan 2007 (2621 > 2483), maar het gasverbruik in 2007 is verder gedaald dan te verwachten was door de hogere temperatuur. Dit verschil is dan te verklaren uit de genomen energiebesparende maatregelen.

Externe links[bewerken]

Tabellen met graaddagen: