Grandes Compagnies

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Grandes Compagnies of Grote Compagnieën waren benden avonturiers (routiers), die Frankrijk verwoestten in de 14e eeuw (periode van de Honderdjarige Oorlog), onder de regering van Jan II van Frankrijk en Karel V van Frankrijk.

De eerste Grande Compagnie lijkt de in 1357 opgerichte bende van Arnaud de Cervole te zijn geweest.[1]

De compagnieën waren aangeworven uit allerlei vreemdelingen, voornamelijk Duitsers, die koning Eduard III van Engeland uit zijn dienst had ontslagen na het tractaat van Brétigny (1360).

Door hun strooptochten en geweldenarijen tot het uiterste gedreven, verenigden de boeren zich onder de naam van Pacifères (d.i. vredesbrengers), versloegen de Compagnieën in verscheidene gevechten, en dreven hen voor enige tijd uit elkaar.

De Tard-Venus verslaan in 1362 bij Brignais het koninklijke vazallenleger (ost).

De Compagnieën doken evenwel spoedig weer op onder de naam van Tard-Venus (d.i. laatkomers), en versloegen bij Brignais in 1362 Jacob de Bourbon, graaf van La Marche, die hen onvoorzichtig had aangevallen.[2]

Bertrand du Guesclin wist Frankrijk van de Compagnieën te verlossen, door hen naar Spanje je te lijden, waar zij voor de partij van Hendrik van Trastamara streden tegen die broer Peter I van Castilië, bijgenaamd "de Wrede".

Noten[bewerken]

  1. Jean Froissart, Chroniques I (177), vgl. Étienne Baluze, Vitae Paparum Avenionensium I p. 345.
  2. Jean Froissart, Chroniques I 586 (215).

Referenties[bewerken]

  • art. Compagnieën (Groote), in S. de Bruin, Geographisch-historisch woordenboek. Deel 1: A-G, Leiden, 1869, p. 759.
  • art. Great Company, in J.A. Wagner, Encyclopedia of the Hundred Years War, Westport, 2006, pp. 139-141.