Great Observatories-programma

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Great Observatories-programma van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA bestaat uit vier grote ruimtetelescopen. Deze moeten astronomische waarnemingen doen over veel verschillende golflengtegebieden om zo de straling door het hele elektromagnetische spectrum te bestuderen. Belangrijk hierbij is dat van een object gelijktijdig waarnemingen kunnen worden gedaan op verschillende golflengten.

De vier observatieposten zijn:

De HST bestaat uit een aantal precisie-instrumenten voor astronomische waarnemingen, en draait sinds de lancering door de NASA op 24 april 1990 als een kunstmaan rond de aarde. De Hubble wordt gebruikt voor optische waarnemingen. De telescoop bezit ook een infraroodcamera.
In 2009 is door het aanbrengen van nieuwe gyroscopen en accu's de levensduur van de telescoop verlengd tot 2014, en mogelijk 2020. Verder zijn nieuwe instrumenten geïnstalleerd: de Cosmic Origins Spectrograph en een nieuwe groothoekcamera, WFC3, die de huidige WFPC2 zal vervangen.
De HST zal uiteindelijk vervangen worden door de James Webb Ruimtetelescoop (James Webb Space Telescope, JWST), een infraroodtelescoop. Deze zou in 2018 gelanceerd moeten worden.
Gelanceerd door een spaceshuttle in 1991. CGRO verzamelt gegevens over sommige van de krachtigste fysische processen in het universum, gekenmerkt door een hoge energie.
Werd in juli 1999 vanuit een spaceshuttle in een hoge baan om de aarde gebracht. CXO observeert zwarte gaten, quasars, en hete gassen in het röntgenbereik van het elektromagnetisch spectrum.
De golflengte die bij de vorige drie nog niet aan bod kwam, het thermische infrarood, wordt met deze ruimtetelescoop bestudeerd.