Gregor Mendel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Beluister

(info)

Gregor Johann Mendel (Heinzendorf bij Odrau, Oostenrijks Silezië (tegenwoordig Vražné-Hynčice, Tsjechië), 20 juli 1822 - Brünn, Moravië (Oostenrijk-Hongarije) (tegenwoordig Brno, Tsjechië), 6 januari 1884) was een Oostenrijkse augustijn met belangstelling voor biologie.

Gregor Mendel

Levensloop[bewerken]

Mendel bestudeerde in het klooster door middel van kweekproeven de overerving van eigenschappen van onder andere erwten en stelde een theorie op over hoe eigenschappen zich gedragen bij overerving en kruising. Hij ging er hierbij vanuit dat de eigenschappen van gameten kunnen worden beschouwd als vaste eenheden, en dat de combinatie van twee van die eenheden zou bepalen wat voor eigenschap er tot uitdrukking zou komen. Hierbij kan het bijvoorbeeld voorkomen dat de ene eenheid dominant is over de andere, en dat die dominante eenheid dus tot expressie zou komen. Bij de vorming van de gameten krijgt iedere gameet willekeurig een van deze twee eigenschapseenheden toegewezen, en voor een andere soort eigenschap kan het een andere eenheid betreffen.

Om dit te bestuderen kweekte Mendel vele jaren erwten op de binnenplaats van het klooster van 7 x 35 meter, waarbij hij nauwkeurig bijhield welke plant welke was, door te nummeren, en ook bijhield welke plant welke bestoof (hiertoe moest hij persoonlijk de stampers bestuiven met een penseel en de meeldraden wegknippen), en op die manier probeerde statistiek te bedrijven. Hij was door zijn abt minder belast met zielverzorgende taken, en kon zich hierdoor veel richten op zijn onderzoek. Wel was Mendel docent op een plaatselijke middelbare school.

Hij wordt vaak de vader van de genetica genoemd. De wetmatigheden die hij ontdekte bij de bestudering van de overerving, worden nu nog de Wetten van Mendel genoemd. Wanneer iets overerft op een manier zoals Mendel dat beschreef, wordt dat een Mendeliaanse overerving genoemd.

Toen hij in 1866 zijn ontdekkingen publiceerde trokken deze weinig aandacht. In 1900 werd zijn werk herontdekt door Hugo de Vries, Carl Correns en Erich von Tschermak, en sinds die tijd is Mendels naam een begrip geworden in de genetica en de biologie.

Er is heel wat discussie over de resultaten van zijn experimenten geweest. Nauwelijks iemand durft het een 'wetenschappelijke fraude' te noemen, want de juistheid van zijn hypothese kan o.a. door een herhaling van de experimenten worden aangetoond. Sommigen vinden wel dat hij wat met zijn cijfers moet hebben gesjoemeld om tot zulke precieze resultaten te komen. Mendel had tevens geluk dat hij zeven eigenschappen van de erwt uitkoos die allemaal op een andere van de zeven chromosomen van de erwt bleken te liggen, zodat hij geen last had van koppeling van erfelijke eigenschappen. Sommigen opperden daarom dat hij deze eigenschappen doelbewust uitkoos. Recente wetenschappers vinden dat de kritiek tegen Mendels werk overdreven was.

Trivia[bewerken]

In Haarlem is een middelbare school naar hem genoemd: het Mendelcollege.

Zie ook[bewerken]

Portal.svg Portaal Genetica

Externe links[bewerken]