Grondwet van Noord-Korea

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Socialistische Grondwet van de Democratische Volksrepubliek Korea (officieel Kim Il-sungs Grondwet[1]) is de hoogste wet van Noord-Korea. De wet werd in december 1972 aangenomen door de eerste Opperste Volksvergadering en is in april 2009 voor het laatst geamendeerd. De eerste Noord-Koreaanse constitutie werd aangenomen in 1948, toen de Democratische Volksrepubliek Korea werd gesticht.

In de preambule wordt op positieve wijze beschreven hoe Kim Il-sung de republiek creëerde. Aan het eind van de preambule is de eerste bepaling opgenomen, namelijk dat Il-sung de eeuwige president van de Republiek is. Daarnaast wordt het document zelf in dit gedeelte uitgelegd als "de codificatie van de op de Juche geënte ideeën van de grote leider kameraad Kim Il-sung over staatsvorming en zijn heldendaden daartoe."

De rest van de wet is verdeeld in zeven hoofdstukken. Hierin staat beschreven dat de burgerlijke en politieke klassieke grondrechten, zoals vrijheid van meningsuiting, het recht op een eerlijk proces, en de vrijheid van godsdienst beschermd worden. Ook wordt het sociale grondrecht van elke burger op werk, gratis onderwijs, voedsel en gratis gezondheidszorg bevestigd.

De grondwet presenteert een ideaalbeeld van de samenleving. In de praktijk kan, door onderliggende wetten alsmede de sociale en economische omstandigheden, het ideaalbeeld zelden bereikt worden.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Considerans, laatste alinea.
Wikisource Bronnen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Constitution of North Korea (1972) op Wikisource