Grote wintervlinder

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Grote wintervlinder
Erannis defoliaria01.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse: Insecta (Insecten)
Orde: Lepidoptera (Vlinders)
Familie: Geometridae (Spanners)
Geslacht: Erannis
Soort
Erannis defoliaria
Clerck, 1759
Erannis defoliaria larve.jpg
Britishentomologyvolume6Plate703.jpg
Afbeeldingen Grote wintervlinder op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Insecten

De grote wintervlinder (Erannis defoliaria) is een dagactieve nachtvlinder uit de familie van de spanners.

Kenmerken[bewerken]

Er is sprake van seksueel dimorfisme. De mannelijke vlinder heeft een spanwijdte tussen de 40 en 44 millimeter. De kleuren van de vlinder zijn zeer variabel. Vrouwtjes van deze soort hebben geen vleugels en worden 8 à 10 millimeter lang. Ze lijken op een zwart met wit gespikkelde larve met pootjes. De lichaamsvorm doet denken aan een kruising tussen een keverlarve (lange pootjes) en een cicade (driehoekig, gekield lichaam).

De rups en zijn waardplanten[bewerken]

De rups is polyfaag en lust diverse soorten loofbomen. Waardplanten van de grote wintervlinder zijn onder andere eik, wilg, berk, prunus, els, ribes en meidoorn. De soortnaam defoliaria betekent letterlijk ontbladeren en de rupsen zijn in de tuinbouw gevreesd omdat ze hele boomgaarden kunnen kaalvreten.

Verspreiding en leefgebied[bewerken]

De grote wintervlinder komt voor in grote delen van Europa en is in Nederland en België een gewone vlinder.

Vliegtijd[bewerken]

De vliegtijd is van eind september tot half februari met een piek in oktober en november. In tegenstelling tot de meeste vlinders wordt ook 's winters gevlogen, zelfs als er sneeuw ligt. Uiteindelijk overwintert de soort als ei.

Externe links[bewerken]

Vleugelloos vrouwtje