Guido de Brès

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Guido de Brès, in het Frans: Guy de Brès, andere varianten van zijn achternaam: de Bresse en de Bray, (Bergen, 1522Valencijn, 31 mei 1567) was een Waalse protestantse theoloog. Hij is de opsteller van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Het Wetenschappelijk bureau van de SGP, de Guido de Brès-Stichting, is naar hem vernoemd.

Levensloop[bewerken]

Guido de Brès (Guy de Bray) (1522-1567) werd geboren in Bergen, Henegouwen. Reeds op jonge leeftijd maakte hij de bewuste keus voor de protestantse geloofsrichting zoals deze door Maarten Luther werd voorgestaan. Later ging hij over naar het calvinisme. Hij heeft Johannes Calvijn verschillende keren ontmoet en studeerde ook geruime tijd aan de academie van Genève waar Calvijn onderwijs gaf.

In de jaren 1552-1556 was hij rondreizend prediker in de Zuidelijke Nederlanden. De gedachten van Luther vonden aanvankelijk veel weerklank in de Zuidelijke Nederlanden, (Gent, Antwerpen, Doornik etc.). Ten slotte moest De Brès naar Duitsland vluchten. Weer later studeerde hij enige tijd in Genève. Rond 1559 was De Brès weer in de Nederlanden. Hij reisde er als calvinistisch prediker rond. In de jaren 1559-1561 deed hij dienst als predikant in Doornik.

Geloofsbelijdenis[bewerken]

In 1561 voltooit hij de Nederlandse Geloofsbelijdenis (Confessio Belgica). Deze belijdenis was bedoeld om Filips II duidelijk te maken dat de calvinisten geen radicale doperse stroming vormden, maar een hervorming in de Bijbelse zin van de Rooms-katholieke kerk wilde zijn. Het geschrift was in belangrijke mate beïnvloed door het boek "De Institutie" van Calvijn en de belijdenis van de Franse hugenoten. De geloofsbelijdenis werd gedrukt bij J. Crespin in Genève.

In de nacht van 1 op 2 november 1561 wierp De Brès zijn belijdenis over de muur van het kasteel in Doornik waar in die tijd de landvoogdes Margaretha van Parma verbleef, om deze onder de aandacht van de overheid te brengen. De landvoogdes heeft een exemplaar ervan gezien.

De eerste Nederlandse uitgave werd begin 1562 gedrukt te Emden.[1]

Einde[bewerken]

Na het Beleg van Valencijn in 1567 door Spaanse troepen onder bevel van Filips van Sint-Aldegonde dat volgde op de beeldenstorm aldaar, werd De Brès als één van de leiders van de opstandige calvinisten gevangengezet. Hij moest zich voor de Inquisitie verantwoorden en werd veroordeeld tot de doodstraf door ophanging. De executie vond plaats op 31 mei 1567. De Brès stierf na een moedige getuigenis en onder grote belangstelling. Twaalf dagen voor zijn executie schreef hij nog een indrukwekkende brief aan zijn vrouw, waarin zijn geloofsvertrouwen doorklinkt.

Het werk van De Brès[bewerken]

Guido de Brès heeft verschillende boeken geschreven. Zijn belijdenis is tot op de dag van vandaag een gezaghebbend document in kerken van gereformeerde en met name van reformatorische signatuur.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Jonathan Israël (1996), De Republiek (1477-1806), ISBN 9051941315, Vol. I, p. 107