Gustaaf Molengraaff

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gustaaf Molengraaff
(foto Franz Ziegler)

Gustaaf Adolf Frederik Molengraaff (Nijmegen, 27 februari 1860 - Wassenaar, 26 maart 1942) was een Nederlandse geoloog, bioloog en ontdekkingsreiziger. Hij was een autoriteit op het gebied van de geologie van Zuid-Afrika en Nederlands-Indië. Gustaaf was een jongere broer van de jurist Willem Molengraaff.

Biografie[bewerken]

Molengraaff begon in 1877 wiskunde en natuurkunde te studeren aan de universiteit te Leiden. Vanaf 1882 studeerde hij aan de universiteit van Utrecht. Als student maakte hij zijn eerste grote reis toen hij deelnam aan de wetenschappelijke expeditie naar de Nederlandse Antillen (1884-1885) onder leiding van W.F.R. Suringar en K. Martin. Na zijn terugkomst promoveerde hij op de geologie van Sint Eustatius. Daarna studeerde hij nog een jaar kristallografie in München, waarbij hij deelnam aan expedities in de Alpen.

In 1888 werd Molengraaff docent aan de Gemeente Universiteit Amsterdam; voor dat moment nam de scheikundige J.H. van 't Hoff het onderwijs in geologie voor zijn rekening. In 1891 werd Molengraaff hoogleraar. Dit belette hem niet naar Zuid-Afrika te reizen om goudafzettingen te bestuderen. In 1894 nam hij deel aan de Nederlandse expeditie naar Borneo, waar hij grote delen van het nog onbekende binnenland in kaart bracht.

In 1897 kreeg Molengraaff een betrekking als staatsgeoloog in de republiek Transvaal aangeboden. Het hoogleraarschap in Amsterdam beviel hem niet omdat hij te weinig middelen en studenten ter beschikking had, dus de keuze was snel gemaakt. Zijn taak in Zuid-Afrika was de Geologische Dienst van Transvaal op te zetten. Daarnaast zag Molengraaff kans de geologie van Transvaal in kaart te brengen, waarbij hij het Bushveld complex ontdekte. In 1900 raakte hij echter betrokken bij de Boerenoorlog en moest hij naar Nederland terugkeren.

Nadat hij in 1901 zijn gegevens over Transvaal had uitgewerkt, reisde hij naar Noord-Celebes, waar hij de geologie van een aantal goudvindplaatsen beschreef. Daarna keerde hij terug naar Zuid-Afrika, waar hij dankzij zijn reputatie als freelance geoloog kon werken. Hij werd o.a. door de centrale bank gevraagd de Cullinandiamant te beschrijven. Ondertussen bleven de verschrikkingen van de oorlog zijn aandacht trekken. Hij is de uitvinder van het identiciteitsplaatje voor soldaten, dat later overal ter wereld gebruikt zou worden.

In 1906 werd hij weer hoogleraar, ditmaal aan de Technische Hoogeschool te Delft. Dit keer kreeg hij voldoende middelen ter beschikking. In 1910-1911 leidde hij een expeditie naar Timor. Behalve aan het bestuderen van de gegevens van deze expeditie hield Molengraaff zich samen met W.A.J.M. van Waterschoot van der Gracht bezig met de geologie van Nederland. In 1927 nam Molengraaff als gids deel aan een Shaler Memorial Expedition naar de Transvaal, georganiseerd door Harvard University. In 1930 ging hij met emeritaat.

Molengraaff was door zijn kennis van de geologie van de Soenda-eilanden een aanhanger van de hypothese van continentverschuiving van Alfred Wegener, wat in die tijd opmerkelijk was. Uit zijn nalatenschap is een fonds opgezet dat studenten geologie steunt bij onafhankelijke projecten.

Molengraaff was lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, (KNAW), van de Mijnraad en hij was de eerste voorzitter van de geologische sectie van het Geologisch Mijnbouwkundig Genootschap voor Nederland en de Koloniën. De regering erkende zijn grote verdienste door hem te benoemen tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw.

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • F.R. van Veen, 2004, Gustaaf Molengraaff, een avontuurlijk geleerde ISBN 90-407-2433-4
  • H.A. Brouwer, 1942: Levensbericht van Gustaaf Adolf Frederik Molengraaff in jaarboek der K.N.A.W. 1941-1942
  • Website van het Molengraaff fonds (zie onder)
  • A.J. Pannekoek, 1962: Geological research at the universities of The Netherlands, 1877-1962 in Geologie & Mijnbouw, vol. 41 no. 4 p. 161-174