Haar-ziekte (taal)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Haar-ziekte[1] is een informele en pejoratieve benaming voor het in het moderne Nederlands veel voorkomende verschijnsel van 'onnodige vrouwelijke verwijzing'. Hierdoor wordt naar bepaalde zelfstandige naamwoorden die oorspronkelijk niet vrouwelijk zijn – met name bepaalde types onzijdige woorden – verwezen met het vrouwelijk bezittelijk voornaamwoord haar. Dit wordt als incorrect beschouwd.[2] Anderen signaleren hier een kleine grammaticale verandering in wording.[3] Deze ontwikkeling druist lijnrecht in tegen de meer algemene tendens van het commuun genus.

Inhoud

Vrouwelijke preferentie [bewerken]

Men zou dit als een vorm van overgeneralisatie kunnen beschouwen, of liever van overspecificatie.[4] Er bestaat kennelijk een tendens om abstracte en collectieve zaken en begrippen bij voorbaat als vrouwelijk op te vatten. Aangezien dit verschijnsel vooral optreedt in brieven en min of meer officiële teksten, is het mogelijk ook een vorm van hypercorrectie. De vrouwelijke verwijzing klinkt wellicht verzorgder. Een dergelijke vrouwelijke preferentie staat immers niet geheel op zichzelf, vergelijk het gebruik van de voorbepaling zuster- in de volgende, geheel grammaticale zin:

Ook hier treffen we een voorbeeld aan van asymmetrisch taalgebruik. Niemand immers zal # broederartikel zeggen, net zo min als bijvoorbeeld # broederinstituut.[6] Daarentegen is de volgende kop wederom geheel acceptabel:

  • Wageningen UR en Frans zusterinstituut INRA bundelen hun krachten in Europa.[7]

Provisorische naam [bewerken]

Dergelijk gebruik is wellicht ook niet zo nieuw als het lijkt, maar de verwijzing met haar schijnt recent meer en meer op te treden. Wel is de ervoor bedachte spotnaam[8] van recente datum. De term is een kennelijke navolging van de eveneens pejoratieve benaming Engelse ziekte. Evenals deze laatste is de term oorspronkelijk als woordgrap bedoeld. Mede doordat het verschijnsel relatief jong en onbekend is, kent het nog geen officiële benaming. Er bestaat ook nog geen eigen literatuur over, behoudens de hierna te bespreken historische verklaring van Van der Sijs (2004). Men omschrijft het verschijnsel normatief wel als: het ten onrechte gebruiken van haar als verwijswoord of, en dan louter descriptief, als: het gebruik van vrouwelijke verwijswoorden bij mannelijke en onzijdige woorden.[9]

Oorsprong [bewerken]

1rightarrow.png Zie ook Indo-Europese talen

Het Nederlands is, net als de meeste Europese en een klein deel van de in Azië gesproken talen, een voortvloeisel van een eerdere vooroudertaal, die we niet kennen maar wel ten dele hebben kunnen reconstrueren, het proto-Indo-Europees (PIE). Voor het PIE neemt Prokosch (1938) aan dat het mannelijk geslacht oorspronkelijk verwees naar individuen en het vrouwelijk naar collectiva (bijvoorbeeld, het oorspronkelijk vrouwelijke woord koe gaat terug op een Indo-Europees woord dat 'vee' betekende), m.a.w. naar abstracte zaken.

Volgens Nicoline van der Sijs (2004), zoals weergegeven in een taaladvies van het Genootschap Onze Taal, is de neiging om naar woorden als raad, bestuur, dienst, publiek en staat met haar en zij te verwijzen al oud.[10][11] Het persoonlijk voornaamwoord haar werd aanvankelijk gebruikt in de verwijzing naar het meervoud van alle drie de woordgeslachten. Zo kon de combinatie van een het-woord met de verwijzing haar voorkomen. Voorbeelden uit de 17e eeuw zijn (ontleend aan Van der Sijs 2004; hier voorzien van markeringen):

  • Dit volk verbrandt haar doden
  • Het hof heeft dit door haar arglistigheid bereikt

In de verwijzing naar dit soort collectiva was haar oorspronkelijk dus nog een meervoud.

Herinterpretatie [bewerken]

In de 18e eeuw ging men volgens Van der Sijs de verwijzing met haar ook gebruiken voor de verwijzing naar abstracta als arbeid, dienst en tijd. In deze periode werd het meervoud haar steeds meer verdrongen door het meervoud hun. Bij een verwijzende constructie als "den staat (...) en hare onderdanen" werd haar daardoor steeds vaker geïnterpreteerd als een vrouwelijk enkelvoud.

Vrouwbeeld [bewerken]

Personificatie van de wijsheid ("Σοφία" of "Sophia") op de bibliotheek van Celsus te Efeze, Turkije. In nissen in de voorgevel staan vier grote vrouwelijke beelden die de deugden die Celsus nastreefde uitbeelden: Sofia (wijsheid), Arete (deugd), Ennoia (verstand) en Episteme (kennis).

Deze taalkundige hypotheses kunnen bijdragen tot de verklaring van het verschijnsel, maar er kunnen ook geheel andere factoren een rol hebben gespeeld. Bepaalde veelgebruikte personificaties en allegorische voorstellingen riepen vanouds een verheven vrouwbeeld op. Een voorbeeld is Vrouwe Justitia.[12]

Nieuwe toepassingen [bewerken]

Karakteristieke voorbeelden van de uitbreiding die deze hypercorrecte vrouwelijke verwijzing kan ondergaan, zijn ook de volgende (niet ontleend aan Van der Sijs 2004; hier voorzien van markeringen):

  • Het orkest kent in haar geschiedenis drie dirigenten.[13]
  • Het imponerende Palazzo Strozzi vult dit najaar haar zalen met meesterwerken van onder anderen Botticelli, Fra Angelico en Del Pollaiolo.[14]
  • Vrijdag viert het Studiecentrum Eerste Wereldoorlog haar tienjarig bestaan.[15]

De drie hier als onderwerp gebruikte onzijdige substantiva hebben gemeenschappelijk dat ze collectiva zijn en/of verwijzen naar instellingen uit de cultureel-intellectuele sfeer. Hieruit is op te maken, dat een (bewust of onbewust) vrouwelijke conceptualisatie en categorisatie in sommige gebruikssferen sterker is dan de grammaticale. Dat zou ten dele al vanuit een oude, min of meer mythologische traditie kunnen stammen. Het kan ook een hernieuwde, meer recente of modieuze tendens zijn. Voor het huidige Nederlands zou men hier kunnen spreken van een culturele preferentie.

Voorbeelden [bewerken]

De 'haar-ziekte' manifesteert zich onder meer bij manlijke en onzijdige geografische en topografische aanduidingen en bij collectiva als het bestuur, of het kabinet. Bij vanouds mannelijke collectiva (als de raad) en bij abstracta (als de staat) komt dit verschijnsel eveneens voor.

fout: Frankrijk heeft haar rol in Europa en de wereld ook te danken aan de eigenschappen van de cultuur.
correct: Frankrijk heeft zijn rol in Europa en de wereld ook te danken aan de eigenschappen van de cultuur. (immers: Het rijk)
fout: Zij ondersteunt Amsterdam en haar horeca-ondernemers.
correct: Zij ondersteunt Amsterdam en zijn horeca-ondernemers. (immers: Het Amsterdam van nu)
fout: De raad heeft haar besluit genomen zonder kennis te nemen van mijn brief.
correct: De raad heeft zijn besluit genomen zonder kennis te nemen van mijn brief. (Raad is mannelijk)

In de bovenstaande voorbeelden moet steeds zijn in plaats van haar worden gebruikt.

De volgende zin wordt daarentegen wel algemeen als grammaticaal correct beschouwd:

  • Het gaat tevens om de stad Amsterdam met haar sterke zakelijke dienstverlening.

Haar verwijst hier naar het kernwoord stad, dat in modern Nederlands zowel mannelijk als vrouwelijk is. In deze zin kan het bezittelijk voornaamwoord zijn dus evengoed worden gebruikt als het woord haar, mits consequent gebruikt in de hele tekst.

De regels voor het juiste gebruik van dergelijke verwijswoorden staan uitgebreid beschreven in verschillende taalboeken.[16]

Zie ook [bewerken]

Voetnoten

  1. In dit lemma wordt gekozen voor de spelvariant van de Taalunie per uitzondering. Het betreft hier een toepassing van regel 6.I ad (5): "We gebruiken een koppelteken in een samenstelling die bestaat uit een grondwoord met een bijzondere voor- of nabepaling." Van Dale's Woordenboeken kent haarziekte. Onze Taal hanteert als variant haar-ziekte. Andere varianten, waarin alleen de voorbepaling haar gecursiveerd wordt of anderszins gemarkeerd wegens de metataligheid van dit woorddeel, zijn eveneens bekend.
  2. Algemene Nederlandse Spraakkunst, par. 5.5.4, opmerking 1
  3. Dergelijke verschijnselen (maar nog niet dit) worden behandeld in Jan Stroop (red.), Waar gaat het Nederlands naartoe? Panorama van een taal, Amsterdam 2003.
  4. De taalkundige term overspecificatie kan in dit verband worden gebruikt omdat er een onnodige vrouwelijke verwijzing wordt gecreëerd, met andere woorden: er wordt een specifiek vrouwelijke verwijzing gehanteerd waar een neutrale op zijn plaats zou zijn geweest. Het is tevens een foute specificatie, maar eigenlijk zou er helemaal niet gespecificeerd moeten worden. Anders gezegd: onderspecificatie zou hier beter zijn.
  5. Er hoeft niet ver gezocht te worden naar onafhankelijke voorbeelden waarin de term zusterartikel wordt gehanteerd. Zo bijvoorbeeld in: Overleg Wikipedia:Hotlist gewenste artikelen#Te heet onder de voeten (= bijdrage 17, 14-9-2007). De bedoelde passage luidt aldus [cursivering toegevoegd]: "Nu zie ik vooral onderwerpen die vaak wat specialistisch zijn. Daarbij staat dan wel een link naar met name de en: [bedoeld wordt: de Engelstalige Wikipedia], ofwel er wordt geïmpliceerd dat er een zusterartikel is. (Dit kun je ook als subtekst lezen namelijk.) Het zusterartikel, zodra aangetroffen, blijkt dan uitgebreid en doorwrocht. Maar in vertalen heb ik helemaal niet altijd zin, en mocht die lust mij toch bekruipen, dan ga ik liever naar Vertaling Gewenst."
    De term is verder ook zeer gebruikelijk in juridische literatuur.
  6. Het #-teken voor een woord geeft aan dat het item wel grammaticaal is, maar om andere redenen vreemd of ongebruikelijk, en dus niet geheel acceptabel.
  7. http://www.wur.nl/nl/nieuwsagenda/archief/nieuws/2009/Inra090908.htm
  8. Spotnamen kunnen soms eerder in omloop raken dan officiële namen. Ook uit de ontstaansgeschiedenis van familienamen is bekend dat spotnamen vaak vooraf gingen aan officiële namen. Zo zijn bijvoorbeeld familienamen als Den Dikken, De Rooy, en De Slegte ontstaan.
  9. Nagevraagd bij Onze Taal dd. 24-04-2011
  10. Nicoline van der Sijs 2004: Taal als mensenwerk: Het ontstaan van het ABN, Den Haag: Sdu Uitgevers.
  11. Onze Taal: Het team en zijn/haar inspanningen?
  12. Vergelijk ook Deugden en ondeugden: deze abstracte begrippen vormen een dankbaar onderwerp voor de schilderkunst, vooral in kerken (bijvoorbeeld als fresco). De deugden en ondeugden worden in de kunst voorgesteld door gedaanten van vrouwen, die een attribuut dragen, soms door het attribuut alleen. Traditioneel werden er zeven deugden onderscheiden: geloof, hoop, liefde, voorzichtigheid, rechtvaardigheid, kracht en matigheid. Zo ook golden er zeven ondeugden.
  13. Bron: TV-programma 'Zestig jaar Metropole-orkest', Nederland 3 (NPS), 24-12-05.
  14. Bron: Maandblad Nouveau, september 2011, p. 80.
  15. Bron: VPRO-radioprogramma O.V.T. , Radio 1, 6-11-11.
  16. Bijvoorbeeld in Renkema, J., Schrijfwijzer. Den Haag (SDU Uitgevers), 2004. Paragraaf 4.7.4 (p. 220-222).

Externe links