Hafsiden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hafsiden
 Kalifaat van de Almohaden 1229–1574 Ottomaanse Rijk 
Tunis hafsid flag.png
Kaart
Grootste omvang van het Hafsidenrijk, van circa 1300 tot 1500.
Grootste omvang van het Hafsidenrijk, van circa 1300 tot 1500.
Algemene gegevens
Hoofdstad Tunis
Talen Berbertalen, Arabische taal
Religie(s) Islam
Munteenheid Dinar
Regering
Regeringsvorm Monarchie

De Hafsiden waren een middeleeuwse dynastie die van 1229 tot 1574 over Ifriqiya heerste, een gebied dat overeen kwam met het huidige Tunesië, oostelijk Algerije en westelijk Libië.

De dynastie heeft haar oorsprong in de Masmuda-Berbers van zuidelijk Marokko. Zij hebben hun naam te danken aan Aboe Hafs Al-Hintati (oorspronkelijke Berberse naam, Faska U-mzal Inti). Deze Aboe Hafs was leider van de machtige Berberse Hintata-stam van de Marokkaanse Anti-Atlas en een trouwe bondgenoot van Ibn Toemart, de oprichter van de Almohadenbeweging. Hij zou de Almohaden steunen in hun vroege veroveringstochten tegen de Almoraviden, waarna hij beloond werd met het gouverneurschap van Tunesië (en omgeving).

In 1229 riep zijn kleinzoon, Aboe Zakariya, de onafhankelijkheid uit nadat de Almohaden zich publiekelijk hadden afgezet tegen de doctrine van Ibn Toemart. Aanleiding was dat de kalief van de Almohaden in zowel Marrakesh als Sevilla bekend had gemaakt dat hij Jezus beschouwde als de mahdi en niet Ibn Toemart. De Hafsiden zouden zich gedurende hun bewind blijven neerzetten als beschermers van het Almohaden erfgoed en als hun rechtmatige opvolgers. Na zich onafhankelijk te hebben verklaard, veroverde Aboe Zakariya Constantine en Béjaïa in 1230, en annexeerde Tripolitania (in westelijk Libië) in 1235, Algiers in 1238 en Tlemcen in 1242. Zo vestigde hij de Hafsiden als belangrijkste machtsfactor langs de noordwestkust van Afrika. Aboe Zakariya riep zichzelf uit tot emir, en zijn opvolger Mohammed I al-Moestansir (1249-1277) verklaarde zichzelf tot kalief, een titel die de Hafsidenheersers zouden blijven dragen.

Tunis werd het economisch en cultureel centrum van dit machtige nieuwe rijk. Het rijk nam veel moslims op die door de christenen veroverde Andalusië ontvluchtten. In de periode 1231-1236 werden handelsovereenkomsten gesloten met de Italiaanse staten Venetië, Pisa en Genua. In 1270 werd Tunis aangevallen door kruisvaarders onder leiding van Lodewijk IX van Frankrijk tijdens de Achtste Kruistocht. De kruisvaarders braken bun beleg van Tunis af nadat ze met Mohammed I al-Moestansir waren overeengekomen dat de christenen handelsrechten met de stad zouden krijgen. Er mochten zich zelfs monniken en priesters vestigen.

Patio van het Bardomuseum in Tunis, oorspronkelijk een Hafsidenpaleis

In de 14e eeuw beleefde het rijk van de Hafsiden een tijdelijke terugval. In deze periode werd het rijk een aantal keer getroffen door pestepidemieën. Ook werd de 14e eeuw gekenmerkt door een langdurige strijd met de Meriniden in Marokko over de controle over het rijk van de Zianiden in Tlemcen. Tussen 1347 en 1357 lukte het de Meriden twee keer om Tlemcen te veroveren, maar de Meriniden waren niet in staat de Arabische bedoeïenen onder controle te krijgen en verloren het rijk weer.

In deze periode nam de piraterij tegen christelijke scheepvaart steeds grotere vormen aan – met steun van de Hafsiden, die de winsten van de piraterij gebruikten om hun steden uit te breiden en de kunst, literatuur en wetenschap te financieren. De piraterij veroorzaakte echter ook wraakacties van Aragón en Venetië, die meerdere keren Tunesische steden aanvielen. Er waren zelf plannen voor een nieuwe kruistocht tegen de Hafsiden.

Het Hafsidenrijk bereikte haar hoogtepunt onder Oethman (1436-1488) als centrum van handel, zowel de karavaanroutes van en naar Egypte en de landen ten zuiden van de Sahara als de zeehandel met Venetië en Aragón. De bedoeïenen en steden buiten Tunesië werden echter steeds onafhankelijker, zodat de Hafsiden uiteindelijk alleen nog Tunis en Constantine in hun grip hadden.

In de 16e eeuw raakten de Hafsiden steeds verder verzeild in de machtsstrijd tussen Spanje en de Barbarijse zeerovers, die gesteund werden door het Ottomaanse Rijk. In 1547 werd Tunis door de Ottomanen ingenomen. Dit betekende het einde van de Hafsidendynastie. Hun rijk werd een provincie van het Ottomaanse Rijk.

Bronnen, noten en/of referenties
  • Encyclopaedia Britannica
  • Ibn Khaldoun, Histoire des Berbères, traducción de William Mac Guckin de Slane, éd. Berti, Argel, 2003, pag. 557.