Hak (schoeisel)
De hak van een schoen of ander schoeisel is het gedeelte dat zich aan de onderzijde ervan bevindt, helemaal achteraan. De hak is gemonteerd op de zool, of direct geplaatst en gemonteerd op het omgezwikte leer, of vormt één geheel met de loopzool. Tijdens het staan en lopen rust op dit gedeelte bijna ons gehele gewicht.
Hakken zijn stevig en kunnen worden vervaardigd uit meerdere lagen leer of uit ander stevig kunststof materiaal. De onderzijde van de hak is bekleed met leer of rubber. Hakken vervaardigd uit kunststof worden vaak aan de buitenkant in een leerstructuur gespoten alsof het horizontale 'laagjes' leer zijn. Ook worden hakken omkleed met leer, vaak in dezelfde kleur en type leer als de schacht. Bij dunne hogere kunststof hakken is in het midden ervan een stalen bus ingegoten om het afbreken van de hak te voorkomen.
De hoogte van de hak varieert met de mode. Damesschoenen hebben vaak hoge en smalle hakken (zogenaamde "naaldhakken"), wat lastig is bij het lopen over een oneffen ondergrond. De stilettohak is daarvan dan nog een "extreme" variant: van metaal, zeer hoog en zeer spits, De druk veroorzaakt door het gewicht van iemand van 50 kg die schoenen draagt waarvan de oppervlakte van de hak 2 vierkante centimeter bedraagt, kan oplopen tot 25 kg/cm2. Dat is meer dan 10 maal de druk die een band van een auto op de weg uitoefent, en kan genoeg zijn om een houten vloer te beschadigen.
Dan is er de blokhak, een stevige vierkante hak, waar op de druk beter verdeeld wordt en het lopen makkelijker gaat. Tenslotte de sleehak, deze vormt een geheel met de zool, loopt geleidelijk op en is alleen door het hoogteverschil van de rest van de zool te onderscheiden.
Geschiedenis [bewerken]
Vroeger, rond 1600, droeg men rode hakken (zowel de zool als de schoen zelf) om te laten zien dat men van adel was. Hoe hoger de hak, hoe meer status je had. Bedenk je maar even hoe een man er op hakken uitziet, want die droegen ze destijds ook. Waarschijnlijk is het woord 'struikelblok' zelfs ontstaan door deze mannen en daardoor ook het feit dat hakken nu als vrouwenschoenen worden gezien.
De Franse koning Lodewijk XIV, die klein was, droeg rode hakken aan het Franse hof. Omdat de hakken niet praktisch om dragen waren voor de werkende klasse, stonden ze symbool voor luxe. Zijn schoenen werden zelfs bezet met sieraden.
Rond 1650 begon deftige kleding in de mode te raken. Rijke kooplieden die regelmatig naar Frankrijk gingen, spraken Frans en namen ook de mode mee. Uiteraard werden de hakken al snel nagemaakt door de armere bevolking, om de rijken na te doen.
Maar na de revolutie veranderde dat. Hofkleding was echt zo begin 1700, het was nu juist ontzettend hip om eenvoudig gekleed te gaan. Hakken werden als een erotisch en decadents iets gezien en niemand wilde nog wat met adel te maken hebben. Pas rond 1900 kwamen de hakken weer in beeld.
Trivia [bewerken]
Een bedrijfje, soms in een warenhuis gevestigd, waar men op de (spoed)reparatie van een kapotte hak kan wachten, wordt wel een hakkenbar genoemd. Dit vanwege het feit van de daar vaak aanwezige barkrukken.