Hans Van Themsche

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Antwerpen 2006

Hans Van Themsche (Wilrijk, 7 februari 1988) vermoordde op 11 mei 2006 in Antwerpen op straat twee personen: de zwangere Malinese vrouw Oulematou Niangadou en het tweejarig Belgisch meisje Luna Drowart dat bij haar was. Van Themsche was 18 jaar oud toen hij de schoten loste. Voorheen verwondde hij ook Songül Koç, die op een bankje in de buurt een boek zat te lezen. De feiten vonden plaats in de Minderbroedersrui en in de Zwartzustersstraat.

Geschiedenis[bewerken]

Hans Van Themsche kocht een Marlin-jachtgeweer, type 336W en trok vervolgens op moordtocht. Het eerste slachtoffer dat hij die dag trof was de Turkse Songül Koç, een vrouw die op een bankje in de buurt een boek zat te lezen. Ze geraakte ernstig gewond, maar overleefde de aanslag op haar leven.

Even later kruiste zijn pad dat van de Malinese au pair Oulematou Niangadou (1981) die aan het wandelen was met de tweejarige peuter Luna Drowart in de Zwartzustersstraat. Beiden werden koelbloedig vermoord. Hoewel Luna Drowart een blanke huidskleur had, schoot Van Themsche haar ook dood, omdat ze in het gezelschap van de donkere Niangadou verkeerde. Op het moment van haar overlijden was Oulematou Niangadou 24 jaar oud en zwanger. Ze had bovendien nog een dochter, die nog in Mali verbleef. Op 19 mei werd zij begraven in Bamako, de hoofdstad van Mali.

De ouders van Luna Drowart hadden vlak bij de plek van de moord een restaurant, genaamd "Hofstraat 24". De familie is goed bekend in de stad Antwerpen, onder andere de Belgische acteurs Gaston Berghmans en Jan Decleir zijn kennissen van hen. Laatstgenoemde zong ter nagedachtenis van Luna Drowart een lied (Luna) tijdens de uitvaartdienst in de Antwerpse Sint-Pauluskerk. De groep Patrick's Hot Sugar Juice maakte een liedje voor Luna: "Luna on my mind".

Na de schietpartijen werd Van Themsche door een agent, Marcel Van Peel, tegengehouden, gemaand zijn geweer neer te leggen en toen hij dit niet deed, in de buik geschoten. Tot driemaal toe had de betreffende agent tegen hem geroepen: "Stop, politie! Leg uw wapen op de grond!" Van Themsche antwoordde daarop: "Schiet me maar dood."

Tijdens het proces op 10 oktober 2007 werd Van Themsche op alle punten schuldig bevonden door de Assisenjury. Als gevolg van de schietpartij is de goedkeuring voor de nieuwe Belgische wapenwet versneld zodat een legale "impulsaankoop" van wapens niet meer mogelijk is.

Onderzoek[bewerken]

Motief[bewerken]

Van Themsche verkeerde in een geagiteerde stemming omdat hij zijn kamer op de campus van het Vrij Agro- en Biotechnisch Instituut te Roeselare, zou kwijtraken. Hij was namelijk de dinsdagavond vóór de moorden betrapt toen hij in zijn kamer aan het roken en aan het drinken was. Van Themsche heeft in zijn eerste verhoor toegegeven dat hij doelbewust op allochtonen mikte. Van Themsche beweerde ook dat hij vijf jaar voor het gebeuren, toen hij in Antwerpen naar school ging, gepest werd door allochtonen, en riep dit in als motief voor de keuze van zijn slachtoffers. Van Themsche had geen medeplichtigen. Tijdens het fouilleren trof de politie extreem-rechtse propaganda aan.

Familie-achtergrond[bewerken]

Van Themsche komt uit een familie die reeds vanaf het begin lid is van de rechts-conservatieve partij Vlaams Belang. Zo was zijn tante Frieda Van Themsche Kamerlid voor deze rechtse partij op het ogenblik van de moorden. Zijn grootvader, Karel Van Themsche, was een Oostfronter. Zijn vader Peter Van Themsche, was vroeger actief in Voorpost en was (passief) lid van het Vlaams Belang. Hij zou zijn partijkaart hebben teruggestuurd. Zowel de familie als de partij hebben hun ongeloof en afschuw uitgesproken over de daden.

"Uit een eerste verhoor van zijn omgeving en de familie komt echter niet naar voren dat hij is opgevoed in een racistisch of gewelddadig milieu", aldus Justitie.[bron?]

Afscheidsbrieven[bewerken]

Van Themsche liet in het internaat in Roeselare een afscheidsbrief achter. Donderdagmiddag, nog voor het incident, werd deze gevonden. Van Themsche had het over de hemel die niet zou bestaan en bedankte zijn ouders voor wat ze voor hem hadden gedaan.

Toerekeningsvatbaarheid[bewerken]

Het college van psychiaters verklaarde de dader toerekeningsvatbaar tijdens zijn moordende tocht door Antwerpen op 11 mei 2006. Later verklaarde de rechtbank de dader eveneens toerekeningsvatbaar.

Reconstructie[bewerken]

Op 22 juni 2006 vond de reconstructie van de moord plaats in Antwerpen.

Proces[bewerken]

Uitspraak Kamer van inbeschuldigingstelling[bewerken]

Begin juni 2007 raakte bekend dat de Kamer van inbeschuldigingstelling de 19-jarige beschuldigde verwees naar het Hof van Assisen. Het vooronderzoek bleek afgerond en een volksjury zou nu kunnen beslissen over het lot van de jonge schutter. Die zou er zich moeten verantwoorden voor de moorden op de peuter Luna Drowart en haar Malinese oppas Oulematou Niangadou, en tevens voor de poging tot moord op de Turkse Songül Koç. De meerderjarige dader werd voor het moment dat hij schietend door Antwerpen trok, volledig toerekeningsvatbaar geacht. Hij had zelfs verklaard speciaal voor deze gelegenheid geen alcohol te hebben genuttigd, "omdat hij goed wilde kunnen mikken."[1]

Assisenzitting[bewerken]

Tijdens het assisenproces, dat op maandag 1 oktober 2007 begon, voerde de procureur als verzwarende omstandigheid aan dat de feiten door racisme waren ingegeven. Daarmee werd Van Themsche de eerste in de geschiedenis van de Belgische rechtspraak die zich voor het Assisenhof moest verantwoorden als racistisch moordenaar omdat hij zijn slachtoffers bewust had uitgekozen op grond van hun etniciteit. Het openbaar ministerie verwees in dit verband naar artikel 405 quater, dat recent nog in overeenstemming was gebracht met de antidiscriminatiewet.[2] Aan zijn schoolkameraden had Van Themsche immers op de dag voorafgaand aan de moorden meegedeeld dat hij een geweer wilde kopen, een twintigtal 'makakken' afschieten en vervolgens 'eervol' sterven in een vuurgevecht met de politie.[3] Tijdens zijn proces bevestigde de verdachte dit nog eens door bij navraag door assisenvoorzitter Michel Jordens te verklaren dat het zijn bedoeling was "nog meer allochtonen neer te schieten" totdat de politie hem zou stoppen.[4]

Voor de procureur oogt de dader helemaal niet als een lieve dierenvriend maar eerder als een berekenende moordenaar met een obsessie voor wapens. Bij huiszoeking vond de politie in Van Themsches woning onder meer een jachtgeweer, een luchtdrukkarabijn, meerdere zwaarden, een katapult, messen, een boksbeugel en ook diverse boeken over wapens.[5]

Advocaat Vic Van Aelst, raadsman van Songül Koç, het enige overlevende slachtoffer, geloofde niet dat Van Themsche uit racistische motieven was gaan moorden maar meende dat de directe aanleiding moest worden gezocht in de persoonlijkheidsstructuur van de dader;[6] voormalig assisenvoorzitter Edwin Van Fraechem was dit met hem eens.[7]

Toen Van Aelst zijn mening, waar zijn cliënte Songül Koç niet eerder op de hoogte gesteld werd, evenwel via de media naar buiten bracht, werd hij door Songül Koç als haar raadsman vervangen door Jos Vander Velpen, advocaat van de Liga van de Mensenrechten.

Uitspraak[bewerken]

Op woensdagavond 10 oktober 2007, na drieënhalf uur beraadslaging werd Van Themsche op alle punten van de aanklacht unaniem schuldig bevonden door de assisenjury. Zij achtte dus ook de racistische motieven als grondslag voor de moorden afdoende bewezen.[8]

De dag na de verkondiging van het oordeel van de jury werd Van Themsche tenslotte veroordeeld tot levenslange opsluiting. Reactie van de dader: "Ik zal mijn straf aanvaarden. Ik zal trachten ze op een waardige manier door te komen".

De families van de slachtoffers reageerden opgelucht op de straf. Eén van hun woordvoerders verklaarde tegenover de verzamelde pers: "Natuurlijk krijgen wij onze geliefden hiermee niet terug, maar het geeft wel een goed gevoel dat er nu recht gedaan is."

Van Themsches raadsman, Paul Vandemeulebroecke overwoog naar aanleiding van de uitspraak van de assisenjury het Europees Hof voor de Rechten van de Mens aan te roepen. Hij verklaarde "niet te zullen nalaten andere rechtsinstanties te raadplegen", omdat het proces tegen Van Themsche in wezen van tevoren al in de media was gevoerd, waardoor het onmogelijk was geworden nog een onbevooroordeelde jury te vinden. Vandemeulebroecke kon zich bovendien niet vinden in het feit dat de jury racisme aanwees als motief voor de moorden. "Voor racisme", aldus de raadsman, "is er een emotie van haat of afgunst nodig. Ik heb bij Van Themsche geen enkele emotie gezien."[9]

Burgerlijke eisen[bewerken]

Na de uitspraak van het Hof eisten de burgerlijke partijen voor ruim 900 000 euro schadevergoeding. De afhandeling van deze eis werd uitgesteld tot 7 januari 2008 omdat de verdediging meer bewijsstukken vroeg om de vordering te verantwoorden.[10].
Eind juni 2009 werd duidelijk dat Van Themsche aan alle burgerlijke partijen samen in totaal ongeveer 325 000 euro schadevergoeding moet betalen.

Cassatieverzoek verdediging[bewerken]

Op 25 oktober 2007 raakte bekend dat Van Themsches advocaten cassatieberoep zullen aantekenen tegen het vonnis omwille van de rol die de media gespeeld hebben voor en na de rechtszitting. De advocaten halen aan dat er geen sprake was van een onbevooroordeelde jury. Zij stellen dat een proces in de rechtszaal dient gevoerd te worden en niet voor de tv-camera’s.[11] Op 1 oktober 2010 raakt bekend dat Van Themsche zijn advocaten vraagt de cassatieprocedure stopt te zetten omdat hij geen nieuwe assisenzaak wil. 'Dat zou hij zelf niet aankunnen. Hij wil het zijn familie ook niet aandoen en vooral de familie van de slachtoffers niet', aldus zijn advocaten Pol Vandemeulebroucke en Bart Herman. Als juristen vinden zij het jammer dat Van Themsche ervan afziet.[12]

Politieke en sociale gevolgen[bewerken]

Antwerpen 2006

Als gevolg van de schietpartij is de goedkeuring voor de nieuwe Belgische wapenwet versneld zodat een legale "impulsaankoop" van wapens niet meer mogelijk is. Aansluitend hierop zou op 15 juli 2007 in Antwerpen een verbod ingaan op het publiekelijk tentoonstellen van wapens in etalages. Het verbod heeft betrekking op alle vuurwapens, namaakwapens, dolken, knotsen, springmessen en valmessen of afbeeldingen daarvan.[13]

De avond na de moorden waren er enkele confrontaties tussen Belgische en immigrantenjongeren te Mol. Nochtans bleef de situatie rustig. Na een herdenking op 14 mei 2006, die door de familie en vrienden werd georganiseerd, werden er 40 mensen preventief gearresteerd omdat zij een bedreiging zouden vormen voor een nationalistisch lokaal. In de nacht van 16 op 17 mei 2006 werd een molotovcocktail binnengeworpen in het bureau van een Vlaamse nationalistische organisatie te Berchem; de brand werd snel gedoofd .

Naar aanleiding van de racistische moorden door Hans Van Themsche in de binnenstad van Antwerpen op 11 mei 2006 werd een naambord "Straat zonder Racisme" toegevoegd aan de bestaande straatnaamborden vb de Minderbroedersrui en de Wolstraat. Inwoners van Antwerpen plaatsten borden met de tekst "Zonder Haat Straat" achter het raam. In de aanloop naar de parlementsverkiezingen van 10 juni 2007 plaatste het Vlaams Belang een straatnaambord "Zonder Jihad Straat". Dit had alleen mediathiek effect, want de bordjes werden dadelijk vernietigd. Minister van Buitenlandse Zaken, Karel De Gucht, verklaarde vlak na de moorden dat hij niet alleen het VB maar ook de aanhang van deze partij verantwoordelijk hield "voor het klimaat van racisme waarin de moorden plaatsvonden".

Imitator[bewerken]

Op 23 mei 2006 verschanste een met een jachtgeweer gewapende jongeman zich in een braakliggend terrein te Kortrijk. Hij had zich net als Hans Van Themsche gehuld in een lange zwarte jas. De jongeman kon door de politie zonder geweld overmeesterd worden. Het bleek om een leerling van dezelfde school als Van Themsche te gaan, maar beiden waren niet bevriend. Uit het sms-verkeer van de 18-jarige bleek dat hij zelfmoordplannen had na een breuk met een vriendin. Er zouden geen racistische motieven gespeeld hebben.

Bronnen, noten en/of referenties