Hanso Schotanus à Steringa Idzerda

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hans Henricus Schotanus à Steringa Idzerda

Hans Henricus Schotanus à Steringa Idzerda (Weidum, 26 september 1885 - Den Haag, 3 november 1944), roepnaam Hanso Idzerda, was een Nederlandse ingenieur en radio-omroeppionier. Voor algemeen publiek verzorgde hij vanaf 6 november 1919 de allereerste geregelde radio-uitzendingen ter wereld. Tijdens de Duitse bezetting werd hij vanwege verzetswerk gefusilleerd.

Biografie[bewerken]

Idzerda werd geboren in Friesland als zoon van Hendrikus Idzerda, plattelandsarts, en Wilhelmina Frederika van de Wetering. Zijn voornamen luidden officieel 'Hans Henricus Schotanus à Steringa' (geboorteakte) en waren een variant (verschrijving) op de voornamen van zijn grootvader Hanso Henricus Schotanus à Steringa Idzerda (1831-1893) die genees-, heel- en vroedmeester was te Rauwerd. Hoewel afkomstig uit een familie van artsen, besloot hij een technische studie te volgen aan het Rheinisches Technikum in het Duitse Bingen am Rhein, die hij in 1913 afsloot als ingenieur elektrotechniek. Vervolgens vestigde hij zich in Scheveningen als zelfstandig adviseur "voor de toepassing van electriciteit op elk gebied".

Radiotechniek[bewerken]

Idzerda richtte zich op de ontwikkeling van radiozend- en ontvangstapparatuur. In zijn eigen bedrijf, onder de naam Technisch Bureau Wireless, begon hij met de fabricage van apparatuur, die hij onder meer leverde aan het Nederlandse leger. Tijdens de Eerste Wereldoorlog experimenteerde hij vanuit de pastorie van zijn schoonouders, de familie Nicolaï in Mantgum. Met zelfgebouwde radiozoekers wist hij de locatie van radiozenders te bepalen, onder andere van Duitse zeppelins die naar Engeland vlogen. Van zijn informatie maakten de Nederlandse strijdkrachten dankbaar gebruik.

Tevens slaagde hij erin een triodelamp te ontwikkelen. De Eindhovense gloeilampenfabriek van Philips nam de lamp in 1918 in productie onder de naam PH-IDZ (Philips Ideezet). De lamp had een beperking – hij was alleen geschikt om morseseinen op te vangen. Het was nog niet mogelijk om woord en muziek de ether in te sturen. Om dit te bereiken waren zendtriodebuizen met een groter vermogen nodig. Samen met Philips ontwikkelde Idzerda enkele verbeterde proefexemplaren. Tijdens de Utrechtse jaarbeurs, eind februari 1919, demonstreerde hij voor het eerst in Nederland radiotelefonische uitzendingen over een afstand van 1200 meter. De opwinding onder het publiek was groot – zelfs koningin Wilhelmina kwam luisteren.

Eerste uitzending[bewerken]

Advertentie in de NRC voor de uitzending van Steringa Idzerda.

Vanaf dat moment had Idzerda de smaak te pakken en vroeg hij een officiële zendvergunning aan, die hij in augustus kreeg toegewezen. Op 6 november 1919 was het dan zover. Vanuit zijn woning in de Beukstraat in Den Haag verzorgde hij tussen 8 en 10 uur 's avonds de eerste publieke Nederlandse radio-uitzending. De dag ervoor had hij in de Nieuwe Rotterdamsche Courant (NRC) zijn uitzending aangekondigd als Radio Soirée Musicale.[1]

Vanwege de vooraankondiging en het regelmatig uitzenden was deze tevens de eerste omroepuitzending ter wereld. De studio- en zendapparatuur was gemaakt door zijn eigen bedrijfje, de NRI (Nederlandsche Radio-Industrie). De uitzending begon met de mars Turf in je ransel.

Tot 11 september 1924 verzorgde Idzerda honderden uitzendingen, die tot over de landsgrenzen werden beluisterd. Hij zond uit op afwisselend 1050 en 1070 meter middengolf. De klassieke muziekprogramma's werden live gespeeld door strijkjes of kamerorkesten, en in januari 1924 werd ook de eerste jazz uitgezonden. In samenwerking met de Engelse krant The Daily Mail maakte hij ook uitzendingen speciaal voor Engeland. Idzerda's zender PCGG werd razend populair, wat hem in staat stelde de benodigde financiële ondersteuning voor zijn zender te vragen en te ontvangen. Daarnaast bouwde Idzerda de lampenzender "Fort Vossegat", die het KNMI vanaf 1924 gebruikte voor het uitzenden van weerberichten.[2] Desondanks ging Idzerda in november 1924 failliet en werd zijn zendvergunning door de overheid ingetrokken. Met steun van Philips, die twee zendmasten bij Huizen beschikbaar stelde, nam de Hilversumse Nederlandsche Seintoestellen Fabriek (NSF) de publieke omroeptaak over.

Met een nieuw bedrijf, NV Idzerda Radio, bleef hij tot 1932 radio maken, echter alleen in de nachtelijke uren vanwege een beperking in zijn zendvergunning. Teleurgesteld beëindigde hij in 1935 resoluut alle activiteiten op radiogebied. Hij verkocht zijn apparatuur en wat overbleef schonk hij aan het Nederlandse Postmuseum. Zijn brood verdiende Idzerda voortaan met het houden van een pension. Zelf raakte hij daarna in de vergetelheid.

Overlijden[bewerken]

Tijdens de Tweede Wereldoorlog hield hij zich bezig met verzetswerk. Zijn wetenschappelijke nieuwsgierigheid zorgde ervoor dat hij bij Wassenaar in november 1944 op zoek ging naar de restanten van een V2-raket die bij de lancering was geëxplodeerd. Hij werd betrapt door een Duitse legerpatrouille die hem wegstuurde. Maar Idzerda keerde terug en werd door dezelfde Duitsers opgepakt – ditmaal had hij brokstukken van de raket in zijn bezit. Hij werd voor een spion gehouden, gearresteerd en na enige weken standrechtelijk doodgeschoten. Pas op 28 september 1945 werd zijn lichaam gevonden.

Trivia[bewerken]

  • De zender uit 1919 bevond zich in het Haagse Museum voor Communicatie en werd daar ook gedemonstreerd, maar is recent geschonken aan museum 'Beeld en Geluid' (Mediapark) in Hilversum.
  • Het VPRO-radioprogramma Instituut Idzerda is naar hem vernoemd.
  • De gemeente Den Haag en Fonds 1818 hebben in 2008 een stimuleringsfonds opgericht en dit naar ir. Idzerda vernoemd: het idzerda-fonds. Dit fonds stimuleert en ondersteunt jonge radiomakers door geld, opnameapparatuur en montagefaciliteiten beschikbaar te stellen.
  • Aan de gevel van het pand Beukstraat 8-10 in Den Haag hangt een herdenkingsplaquette.
Bronnen, noten en/of referenties
  1. (nl) W.H.G. Stuiver De grote pionier Idzerda (1885-1944) (April 2001) Museum "Radio-Wereld", Havelte
  2. Radio KNMI herleeft (10 november 1999)