Hardloper (slang)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hardloper (slang)
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2007)
Coluber constrictorPCCP20030612-1115B.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Reptilia (Reptielen)
Orde: Squamata (Schubreptielen)
Onderorde: Serpentes (Slangen)
Superfamilie: Colubroidea
Familie: Colubridae (Gladde slangen)
Onderfamilie: Colubrinae
Geslacht: Coluber
Soort
Coluber constrictor
Linnaeus, 1758
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

De hardloper[2] (Coluber constrictor) is een niet-giftige slang uit de familie gladde slangen (Colubridae). De soort werd voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Carolus Linnaeus in 1758. Later werd de wetenschappelijke naam Bascanion constrictor gebruikt. [3] De soort wordt ook wel geelbuikslang genoemd.

Uiterlijke kenmerken[bewerken]

De lengte loopt uiteen van ongeveer 50 centimeter tot 1,9 meter, de meeste exemplaren zijn ongeveer 1,2 meter lang. De kleur is zeer variabel, zowel bruine, gele als meer blauwachtige exemplaren komen voor. De buikzijde is lichter tot witgeel. Het lichaam is smal en de staart is lang en dun, de kop is breed en duidelijk afgesnoerd door een smalle nek. De juvenielen zijn bij de geboorte ongeveer 25 centimeter lang en hebben donkere vlekjes op de rug die na verloop van tijd verdwijnen. Lange tijd werd zelfs gedacht dat de juvenielen tot een andere soort behoorden.

Verspreiding en habitat[bewerken]

Leefgebied

De hardloper komt voor in Noord- en Midden-Amerika: in zuidelijk Canada, de Verenigde Staten, Mexico, Belize en noordelijk Guatemala. De slang komt voor tot een hoogte van ongeveer 2300 meter boven zeeniveau. Er zijn 10 ondersoorten die qua verspreidingsgebied sterk afwijken. De habitat bestaat uit open en zonnige plekken, zoals open plekken in het bos, graslanden en langs de oevers van wateren. Zowel in droge als vochtige omgevingen wordt de soort aangetroffen, maar niet in berggebieden en woestijnen.

Algemeen[bewerken]

De hardloper is een dagactieve, bodembewonende soort die goed kan klimmen en bekendstaat als bijzonder snel. De wetenschappelijke soortnaam constrictor betekent wurgen, en ondanks dat vele gladde slangen de prooi wurgen doet deze soort dat niet. De prooi wordt verpletterd onder het lichaam of doodgedrukt door de kaken. Op het menu staan hagedissen, kleine zoogdieren, vogels, eieren, slangen, kleine schildpadden en kikkers en grotere insecten. De slang staat bekend als agressief en bijt bij verstoring. De eieren worden afgezet in de vroege zomer.

Ondersoorten[bewerken]

Er zijn elf verschillende ondersoorten, die verschillen in het uiterlijk en het verspreidingsgebied.

Bronvermelding[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
Referenties
  1. (en) op de IUCN Red List of Threatened Species.
  2. Bernhard Grzimek, Het Leven Der Dieren Deel VI: Reptielen, Kindler Verlag AG, 1971, Pagina 477 ISBN 90 274 8626 3.
  3. Peter Uetz & Jakob Hallermann. The Reptile Database – Coluber constrictor
Bronnen
  • (en) Peter Uetz & Jakob Hallermann - The Reptile Database – Coluber constrictor - Website Geconsulteerd 9 december 2014