Hazor

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hazor
Onderdeel van de werelderfgoedinschrijving:
Bijbelse nederzettingen: Megiddo, Hazor en Beër Sjeva
Tel hatzor.JPG
Land Vlag van Israël Israël
UNESCO-regio Azië en Pacific
Criteria ii, iii, iv, vi
Inschrijvingsverloop
UNESCO-volgnr. 1108
Inschrijving 2005 (29e sessie)
UNESCO-werelderfgoedlijst

Hazor (Hebreeuws: תל חצור) is een stad in Kanaän die bloeide in de Late Bronstijd en IJzertijd.

Bronstijd[bewerken]

In de Late Bronstijd telde Hazor ongeveer 15.000 inwoners en lijkt te hebben gegolden als voornaamste Egyptisch bestuurscentrum in Kanaän.

Archeologische opgravingen hebben er talrijke Astartebeeldjes (in het Hebreeuws ook Ashtoreth genaamd) aan het licht gebracht, wijzend op een oorspronkelijke cultusplaats van een Moedergodin. Tegelijk zijn er veel ovale kleiplaketten gevonden, met daarop ingeprent een afbeelding van de naakte godin Asherah. Deze houdt in haar handen lelie- of papyrusbloemstengels, of slangen. Op het hoofd draagt zij twee lange spiraalvormige krullen identiek aan die van de Egyptische Godin Hathor.

Het was bekend dat in vroege tijden er reeds Egyptische vestigingen, met havens en kolonies bestonden in Kanaän, vooral aan de kusten. De gelijkenissen tussen relicten van de erediensten bevestigen dit des te meer. Er was bovendien een druk handelsverkeer over zee door de Zeevolken (zoals de Filistijnen), die het Minoïsche Kreta verbond met alle gebieden rond de Middellandse Zee.

IJzertijd[bewerken]

Volgens het Bijbelboek Jozua onderwierpen de Hebreeërs Kanaän en staken ze Hazor in brand. Er is weliswaar een brandlaag op de overgang van de Brons- naar de IJzertijd aangetroffen, maar deze heeft vermoedelijk niets met de intocht te maken.

De stad werd later weer opgebouwd. De Bijbel schrijft de bouwwerkzaamheden toe aan de koningen Salomo en Achab. De "match" tussen de IJzertijdvondsten en de Bijbelse verwijzingen is een van de beruchtste uit de Bijbelse archeologie en is dan ook zeer controversieel.

Hazor bleef een belangrijke vestiging. In 733 voor onze jaartelling werd de stad definitief verwoest, ditmaal door de Assyriërs.

Zie ook[bewerken]