Heiligbeen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Heiligbeen
Os sacrum
Bot
Vooraanzicht
Vooraanzicht
Bekken met heiligbeen zichtbaar in het midden
Bekken met heiligbeen zichtbaar in het midden
Gray's Anatomy 24,106
MeSH A02.835.232.834.717
Dorlands/Elsevier o_07/12598664
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Het heiligbeen,[1][2][3] of os sacrum[4] is het grootste bot van de wervelkolom. Het is driehoekig van vorm, en bestaat uit drie tot vijf samengegroeide wervels (S1-5)s. Het ligt tussen de lendenwervels en het staartbeen. Door vier paar openingen komen zenuwen naar buiten. Het heiligbeen vormt een gewricht met het darmbeen. Dit gewricht is genoemd naar de Latijnse benamingen van beide botten (os sacrum en os ilium) en heet het SI-gewricht (sacro-iliacaal gewricht). In het SI-gewricht kunnen bewegingen om drie assen worden waargenomen: transversale as (nutatie en contranutatie), antero-posterieure as (lateroflexie) en verticale as (rotatie).

Naamgeving[bewerken]

De Latijnse naam os sacrum [5][4][6] is een vertaling van de Oudgriekse naam ἱερόν ὀστέον hierón ostéon.[7] Deze naam komt voor bij de Griekse arts Galenus.[7][8] Zowel os als ὀστέον betekenen been/bot [9][8] en zowel sacrum als ἱερόν betekenen heilig.[9][8]

Het os sacrum wordt als grootste wervel bij de Oude Grieken ook μέγας σπόνδυλος mégas spóndulos [10] genoemd, van μέγας, groot[8] en σπόνδυλος, wervel.[8] In het Latijn komt overeenkomstig ook de naam vertebra magna [7] voor, van vertebra, wervel[9] en magna, groot.[9]. De 'vervorming' van μέγας σπόνδυλος naar ἱερόν ὀστέον kan verklaard worden uit het veelvoorkomende gebruik in het Oudgrieks om voor μέγας ('groot') ook ἱερός ('heilig') te gebruiken'.[10] Een andere bron[11] verklaart ἱερόν echter vanuit het oude geloof dat dit bot onverwoestbaar zou zijn.

Naast bovengenoemde begrippen kwam men bij de Oude Grieken het begrip κλόνις klonis [12][8] voor het heiligbeen tegen, in de anatomisch-Latijnse variant als clonis.[12] Dit is onder andere terug te vinden bij de Griekse dichter Antimachus.[8]Dit begrip is verwant aan het Latijnse clunes [12][8] ('billen'[9]). In het Latijn wordt het/de heiligbeen(deren) ook ossa clunium [13] (ossa, beenderen [9] en clunium, van de billen [9]) genoemd. Daarnaast wordt dit aan de bovenkant brede bot[11] ook het os latum [13][10] genoemd, van latum, breed.[9]

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. Broek, A.J.P. van den, Boeke, J & Barge, J.A.J (1954). Leerboek der beschrijvende ontleedkunde van de mens. Deel I. Geschiedenis der ontleedkunde, bewegingsorganen, vaatstelsel (8ste druk). Utrecht: N.V. A. Oosthoek’s Uitgeverij Mij.
  2. Raven, C.P. (1959). Anatomische atlas. Ten gebruike bij het onderwijs aan verplegenden en bij de opleiding voor eerste hulp bij ongelukken. Amsterdam: Scheltema & Holkema N.V.
  3. Everdingen, J.J.E. van, Eerenbeemt, A.M.M. van den (2012). Pinkhof Geneeskundig woordenboek (12de druk). Houten: Bohn Stafleu Van Loghum.
  4. a b Kopsch, F. (1941). Die Nomina anatomica des Jahres 1895 (B.N.A.) nach der Buchstabenreihe geordnet und gegenübergestellt den Nomina anatomica des Jahres 1935 (I.N.A.) (3. Aufgabe). Leipzig: Georg Thieme Verlag.
  5. His, W. (1895). Die anatomische Nomenclatur. Nomina Anatomica. Der von der Anatomischen Gesellschaft auf ihrer IX. Versammlung in Basel angenommenen Namen. Leipzig: Verlag Veit & Comp.
  6. Federative Committee on Anatomical Terminology (FCAT) (1998). Terminologia Anatomica. Stuttgart: Thieme
  7. a b c Hyrtl, J. (1880). Onomatologia Anatomica. Geschichte und Kritik der anatomischen Sprache der Gegenwart. Wien: Wilhelm Braumüller. K.K. Hof- und Unversitätsbuchhändler.
  8. a b c d e f g h Liddell, H.G. & Scott, R. (1940). A Greek-English Lexicon. revised and augmented throughout by Sir Henry Stuart Jones. with the assistance of. Roderick McKenzie. Oxford: Clarendon Press.
  9. a b c d e f g h Lewis, C.T. & Short, C. (1879). A Latin dictionary founded on Andrews' edition of Freund's Latin dictionary. Oxford: Clarendon Press.
  10. a b c Hyrtl, J. (1875). Lehrbuch der Anatomie des Menschen. Mit Rücksicht auf physiologische Begründung und praktische Anwendung. (Dreizehnte Auflage). Wien: Wilhelm Braumüller K.K. Hof- und Universitätsbuchhändler.
  11. a b Foster, F.D. (1891-1893). An illustrated medical dictionary. Being a dictionary of the technical terms used by writers on medicine and the collateral sciences, in the Latin, English, French, and German languages. New York: D. Appleton and Company.
  12. a b c Kraus, L.A. (1844). Kritisch-etymologisches medicinisches Lexikon (Dritte Auflage). Göttingen: Verlag der Deuerlich- und Dieterichschen Buchhandlung.
  13. a b Schreger, C.H.Th.(1805). Synonymia anatomica. Synonymik der anatomischen Nomenclatur. Fürth: im Bureau für Literatur.