Helena Kuipers-Rietberg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Helena Kuipers-Rietberg
H. T. Kuipers - Rietberg
H. T. Kuipers - Rietberg
Volledige naam Helena Theodora Kuipers-Rietberg
Geboren 26 mei 1893, Winterswijk
Overleden 27 december 1944, Ravensbrück
Land Nederland
Ook bekend als Tante Riek
Groep LO, LKP
Monument voor Tante Riek te Winterswijk

Helena Theodora Kuipers-Rietberg (Winterswijk, 26 mei 1893 - Ravensbrück, 27 december 1944) was een Nederlands verzetsstrijder die een voorname rol heeft gespeeld in de Tweede Wereldoorlog. Zij was de grote en stille kracht achter de Landelijke Organisatie voor hulp aan onderduikers. In het verzet werd zij Tante Riek genoemd.

Jeugd, opleiding en huwelijk[bewerken]

Heleen Kuipers werd geboren als dochter van de graanhandelaar en molenaar Hendrik Rietberg en Clara Christina Theodora Dulfer. Ze was het vierde kind in een gereformeerd gezin met twee zoons en drie dochters. Na de lagere school volgde ze de driejarige HBS waar zij haar toekomstige echtgenoot, Piet Kuipers (Pieter Heijo Kuipers (1892-1978), graanhandelaar) leerde kennen. Kuipers werkte na de HBS op kantoor bij haar vader en haar man kocht zich bij dat bedrijf in. Samen kregen zij na het huwelijk op 21 april 1921 twee zoons en drie dochters tussen 1922 en 1933. Kuipers was hoofdverantwoordelijke voor de opvoeding maar daarnaast met haar echtgenoot actief in vele organisaties op maatschappelijk gebied. In 1932 was ze medeoprichter van de Gereformeerde Vrouwenvereeniging in Nederland en vanaf de oprichting in 1937 hoofdbestuurslid van de Bond van Gereformeerde Vrouwenvereenigingen in Nederland. Hierdoor beschikte zij in het hele land over veel contacten die later in bezettingstijd van groot nut zouden zijn.

Verzetswerk[bewerken]

Kuipers, die tegen de grens met Duitsland woonde, had in de jaren dertig al spoedig door welke kant het op zou gaan met de Duitse dictator Hitler. Al vrij snel na de bezetting van Nederland door de Duitsers ging haar gezin dan ook het verzet in.
Kuipers zelf begon haar verzetswerk door twee Joden in huis te nemen en andere Joodse onderduikers elders onder te brengen. Steun kreeg zij van haar echtgenoot Pieter Heijo Kuipers, die zelf de Achterhoek introk om onderduikers onder te brengen en gevluchte krijgsgevangenen verder te helpen. Nadat de geallieerden in maart 1943 waren begonnen met een groot luchtoffensief tegen Duitsland kwamen hier ook nog de bemanningsleden van de boven de Achterhoek neergeschoten vliegtuigen bij, die eveneens aan onderduikadressen moesten worden geholpen.

In november 1942 kwam Kuipers in contact met de gereformeerde predikant Frits Slomp uit Heemse en zette met zijn hulp een nationaal netwerk van plaatselijke commissies op. Hieruit ontstond de grootste verzetsorganisatie in Nederland: de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO) en de daaraan sinds augustus 1943 verbonden Landelijke Knokploegen (LKP).

Op 24 mei 1944 waarschuwde een politieagent de man van Kuipers voor een ophanden zijnde arrestatie. Ze brachten hun kinderen begin juli gedeeltelijk elders onder en wisten nog net op tijd te ontsnappen. Een poging van de Sicherheitsdienst hen door omroepberichten op treinstations tussen Winterswijk, Arnhem en Zutphen op te sporen mislukte. Hierin werd ze gevraagd zich in verband met een dodelijk ongeval van een van hun kinderen bij het loket te melden. Het echtpaar hield zich aanvankelijk schuil bij een sigarenfabrikant te Bennekom. Maar de vrouw des huizes kon de spanning niet meer aan en Kuipers en haar man wilden weg. Op 17 augustus 1944 werd de koerier, die de daarvoor nodige nieuwe persoonsbewijzen kwam brengen, onderweg door verraad gearresteerd. Hierdoor kwamen de Duitsers het echtpaar op het spoor. Ze bleken verraden door Miep Oranje. Twee dagen later werden ze gearresteerd.

Gevangenschap en overlijden[bewerken]

In de Koepelgevangenis in Arnhem nam Kuipers in onderling overleg (men zou een vrouw minder zwaar zaken aanrekenen) alle schuld op zich, en daardoor werd haar man vrijgelaten. Hij dook daarna meteen onder. Kuipers-Rietberg werd overgebracht naar het huis van bewaring in Arnhem, vanwaar zij op 25 augustus 1944 getransporteerd werd naar het strafkamp Vught. Door het oprukken van de geallieerden en de paniek van 'Dolle Dinsdag' van de bezetter meester maakte, werd dit kamp begin september ontruimd. Met een van de laatste transporten werd Kuipers-Rietberg op 7 september 1944 naar het concentratiekamp Ravensbrück getransporteerd. Daar werd zij afgekeurd voor de Arbeitseinsatz en in het breicommando geplaatst. Later werd zij "Tischalteste". Doordat zij in die situatie zo het voedsel verdeelde onder de vrouwen die overdag voor de oorlogsindustrie in de Siemensfabriek moesten werken, kon zij veel voor hen gaan betekenen. Ook door haar opgewekte blijmoedigheid was Kuipers-Rietberg, onder de gruwelijke omstandigheden, haar medegevangenen tot steun en troost. Haar verzetsvriendin Minnie Jolink begeleidde zij in haar stervensuur en herdacht ze, evenals een tijd later ook Betsie ten Boom te midden van de medegevangenen. Eind oktober werd Kuipers-Rietberg zelf ziek. Zij overleed op 27 december 1944, mogelijk als gevolg van tyfus of een longinfectie.

Nalatenschap[bewerken]

Plaquette Tante Riek te Winterswijk

"Tante Riek" alias Helena Kuipers-Rietberg is één van de grote vrouwen uit de Nederlandse (verzets)geschiedenis. In haar woonplaats wordt ze op verscheidene manieren herdacht. Op 4 mei 1955 werd een standbeeld, dat voor haar is opgericht naast het gemeentehuis van Winterswijk, door Prinses Wilhelmina onthuld. Het beeld bestaat uit een jonge vrouw die een jong hert beschermt. Het hert staat hier symbool voor de achtervolgden in de oorlogsjaren. Ook is er een gedicht te lezen:

't Geloof heeft haar gedragen,
De liefde gaf haar kracht,
De hoop deed niet versagen,
Tot redding was gebracht.

In 1946 werd aan haar postuum het Verzetskruis toegekend.

Het plein rond het gemeentehuis draagt tegenwoordig haar naam en bij haar oude woonhuis is een plaquette aangebracht. Deze is te vinden aan de Willinkstraat in Winterswijk.

LINT-treinstel 41 van het vervoerdersbedrijf Syntus is naar haar vernoemd.

Externe link[bewerken]