Heliopolis (Egypte)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Innu
in hiërogliefen
iwn nw
O49
of O28

Heliopolis is de Griekse naam voor een stad uit het Oude Egypte. De naam betekent stad van de zon (Grieks: Ἡλίου πόλις of Ἡλιούπολι, helios: Griekse god van de zon, polis: stad). Vandaag ligt het in de buitenwijken van Caïro. In het Egyptisch heet de stad Iunu, in de Bijbel wordt zij vermeld als On en de Oude Egyptenaren zelf noemden haar Annu.

Van oudsher was Heliopolis één van de belangrijkste religieuze centra van het land en zoals de Griekse naam aanduidt het centrum van de zonnecultus. Iunu wordt gespeld met een hiëroglief die op een afgeknotte pilaar lijkt en de Benben-steen voorstelt. Deze steen was de eerste vaste grond die uit de oeroceaan Nu verrees en was dus de incarnatie van de zonnegod. On werd beschouwd als de plaats waar de schepping had plaatsgevonden.

De Egyptische mythologie is voornamelijk gebaseerd op de voorstelling van zaken die men in Heliopolis van de godenwereld gaf. Het Egyptisch scheppingsverhaal is een voorbeeld van de Heliopolitaanse kosmologie.

Naast deze kosmologie bestonden er nog andere kosmologische systemen (zie: Egyptisch scheppingsverhaal).

  • Dat van Hermopolis Magna dat verder naar het zuiden lag. De centrale goden van dit systeem waren Amon en Thoth.
  • Dat van de Steen van Palermo. Hier werd Ptah beschouwd als de schepper, maar verder kwamen er veel elementen uit de Heliopolitaanse kosmologie voor, zoals de vooraanstaande rol van Osiris. Ptah was de god van Memphis, dat niet ver ten zuiden van On lag en de steen komt oorspronkelijk van de tempel van deze god in Memphis.
  • Dat van Elephantine met Chnoem in een centrale rol.

Heliopolis was de stad waar de farao's ingehuldigd werden, ook al is in de loop van de geschiedenis de hoofdstad vele malen van plaats veranderd. Gedurende het begrafenisritueel bezocht een dode (symbolisch) een aantal heilige plaatsen, waaronder Heliopolis.

Imhotep was er hogepriester in de tijd van Hoeni (3e dynastie). Maar vooral in de tijd van de 5e dynastie waren de Heliopolitaanse priesters oppermachtig. Dit zijn de hoogtijdagen van de cultus van Ra. Bij het begin van het Middenrijk verschoof de hoofdstad echter naar Thebe in het zuiden, maar dat moest wel op één of andere manier religieus gerechtvaardigd worden. Dit werd gedaan door te verklaren dat Neferti, een wijze priester van Heliopolis, 'voorspeld' had dat de macht van Heliopolis zou vervallen en dat er een kind van Opper-Egypte zou opstaan die de beide landen weer zou verenigen. Tegen zo'n profetie uit hun eigen kring konden de Heliopolitaanse priesters niet veel inbrengen. Thebe werd nadien vaak het Iunu van het zuiden genoemd.

Als troost deed de nieuwe koning zijn best nieuwe bouwwerken in de Delta op te trekken. Ook in het Nieuwe Rijk bouwden de koningen er regelmatig. Amenhotep III zette er een tempel voor Horus neer. Na de Amarana-tijd van zijn zoon Akhenaten bevestigde Horemheb de terugkeer naar de orthodoxie door er gebouwen neer te zetten bij de zonnetempel. Onder Ramses I schoof het centrum weer terug naar de Delta en werd de Heliopolitaanse kosmologie tot maatgevend verklaard. Dit was ongetwijfeld een poging om een zeker tegenwicht tegen de machtige priesters van Amon in Thebe te scheppen. Hoezeer de opvolgers van de ketter-koning ook hun best deden alle herinnering aan de Amarna-tijd uit te wissen, ook zij waren beducht van de zucht naar politieke macht van de Thebaanse priesters.

De stad zou daarna tot de sluiting van de tempels in de 4e eeuw zijn positie als religieus centrum behouden.