Hendrik I van Limburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hendrik I
1059-1119
Hertog van Neder-Lotharingen
Periode 1101-1106
Voorganger Godfried van Bouillon
Opvolger Godfried I
Hertog van Limburg
Periode 1082-1118
Voorganger Walram I
Opvolger Walram II
Graaf van Aarlen
Periode 1082-1118
Voorganger Walram I van Limburg
Opvolger Walram II van Limburg
Vader Walram I
Moeder Judith van Luxemburg

Hendrik I (ca. 1070 - 1119) was de oudste zoon van Walram I van Limburg en Jutta van Luxemburg, dochter van Frederik (II) van Luxemburg.

Hendrik volgde in 1082 zijn vader op als graaf van Limburg. Hij verzette zich in 1094 tegen de benoeming van Arnold I van Loon als voogd van Sint-Truiden voor de bezittingen in het prinsbisdom Metz. Zelf werd Hendrik in 1095 benoemd tot paltsgraaf van Neder-Lotharingen. Hij volgde zijn hertog Godfried van Bouillon in de Eerste Kruistocht en keerde daarna naar huis terug.

In 1101 werd hij benoemd tot opvolger van Godfried als hertog van Neder-Lotharingen en markgraaf van het markgraafschap Antwerpen. Zijn bestuur wordt vooral herinnerd omdat hij de schenking van tienden door Godfried aan Antwerpse kerken, ongedaan maakte. In 1106 moest Hendrik zijn functie opgeven omdat hij trouw bleef aan de afgezette keizer Hendrik IV na de coup van diens zoon, de latere keizer Hendrik V. Hertog Hendrik werd zelfs gevangengezet maar wist te ontsnappen.

In 1108 nam Hendrik paltsgraaf Siegfried gevangen die een complot tegen Hendrik V zou hebben beraamd. Hierdoor kwam Hendrik terug in de gunst van de keizer. Maar in de volgende jaren koos ook Hendrik de kant van de tegenstanders van de koning. Hij vocht mee met de Lotharingse edelen die in 1114 de keizer versloegen bij Andernach. In 1115 was hij een van de aanvoerders van de Lotharingse troepen die de Saksen hielpen tegen de keizer in de slag bij Welfesholz, waar de keizer opnieuw werd verslagen. Op de terugweg veroverden de Lotharingers Münster (stad), en verwoestten ze de palts van Dortmund en een aantal kastelen. In Mainz werd vervolgens een wapenstilstand bemiddeld. Daarna zijn geen bijzonderheden over Hendrik bekend.

Hendrik was getrouwd met Adelheid van Pottenstein (ca. 1080 - 13 augustus 1106). Zij was een achternicht van keizerin Bertha van Savoye, wat ongetwijfeld een invloedrijke steun betekende bij de benoemingen die Hendrik verkreeg. Hendrik en Adelheid kregen de volgende kinderen:

  • Walram II
  • Agnes (ovl. 1136), gehuwd met Frederik van Putelendorf (twee zoons en een dochter) en daarna met Walo van Veckenstedt
  • Adelheid (ovl. 6 februari ca. 1145, begraven in Sint-Michael te Bamberg), gehuwd met Frederik van Werl-Arnsberg (ca. 1075 - 1124; een dochter), daarna Kuno van Horburg (geen kinderen) en daarna Koenraad van Dachau (een zoon: Koenraad, hertog van Merano).
  • Mathilde, gehuwd met Hendrik van Durbuy
  • mogelijk Hendrik II van Limburg

Van Adelheid zijn de volgende voorouders bekend:

  • Botho van Bottenstein (1028 - Regensburg, 1 maart 1104) en Judith van Schweinfurt (ca. 1035 - 1104), weduwe van Koenraad I van Beieren. Verloor zijn lenen omdat hij deelnam aan een opstand tegen keizer Hendrik III. Trok naar Hongarije en trad in dienst van de koning Andreas I van Hongarije. In 1060 was hij een van de Duitse ridders die een overmacht van Hongaarse opstandelingen wist tegen te houden totdat de koningin met de kroonprins en de schatkist veilig naar Duitsland konden vluchten.

Referentie[bewerken]