Henri Deterding

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Henri Deterding in 1900.

Sir Henri Wilhelm August Deterding, (Amsterdam, 19 april 1866 - Sankt Moritz, 4 februari 1939) was een Nederlands ondernemer.

carrière[bewerken]

Deterding was de zoon van Philip Jacob Deterding, gezagvoerder bij de koopvaardij en Catharina Adolphina Geertruida Kayser. Hij heeft zijn vader niet gekend, daar deze in 1869 met zijn schip vanuit Amsterdam was vertrokken en een jaar later aan boord overleed. In Amsterdam bezocht hij de lagere school en de driejarige HBS. Als zestienjarige trad hij in augustus 1882 als jongste bediende in dienst bij de Twentsche Bankvereeniging op het Spui, waar hij een verdere opleiding kreeg. In september 1888 trad hij in dienst bij de Nederlandsche Handel-Maatschappij (NHM). Na een opleiding en examen werd hij na enkele maanden uitgezonden naar Medan (Sumatra).

In 1900 werd Deterding directeur van de Koninklijke Nederlandsche Petroleum Maatschappij (KNPM). Hij was de motor achter een Europese coalitie tegen de Amerikaanse oliemaatschappij Standard Oil, die zich aan prijsdumping schuldig maakte, en werd directeur bij Koninklijke Shell. In 1937 trad Deterding af als directeur.

Huwelijken en gezin[bewerken]

Deterding trouwde in 1894 met Catharina Louisa Neubronner. Uit dit huwelijk werden twee zoons en een dochter geboren. Na haar overlijden in 1916 huwde hij in 1924 met Lydia Pawlowna Koudoyaroff, de dochter van een Russische generaal. Uit dit huwelijk werden twee dochters geboren. In 1933 volgde de scheiding. In 1936 trouwde hij met Charlotte Minna Knaack. Ook uit dit huwelijk werden twee dochters geboren.

In 1920 werd hij "Sir", hoewel hij officieel deze titel KBE (Hon.) (honorary Knight of the British Empire) achter zijn naam hoorde te plaatsen. Op grond van zijn verdiensten werd hij in 1928 door de Technische Hogeschool te Delft benoemd tot doctor honoris causa in de technische wetenschappen.

Plan Deterding[bewerken]

In 1936 trouwde Deterding voor de derde maal, en met zijn Duitse jonge bruid vestigde hij zich in Nazi-Duitsland. Regelmatig gaf hij blijk van een positieve gezindheid tegenover het regime van Adolf Hitler. In Nederland had hij, in overleg met de regering, het Plan Deterding opgesteld, waarbij hij tien miljoen gulden beschikbaar stelde voor het opkopen van agrarische producten in Nederland om deze te verkopen aan de Duitse bevolking, waar op dat moment een grote deviezenschaarste heerste. Miljoenen eieren, honderden tonnen kaas en tienduizenden koeien en varkens werden op een overtollige Nederlandse agrarische markt opgekocht en naar Duitsland geëxporteerd. Hiermee werd tevens een kleine verbetering gegeven aan de zeer slechte prijzen die toen voor deze producten golden. Het Ministerie van Landbouw alsmede de boerenorganisaties waren vol lof over deze ingreep, die tevens beschouwd kan worden in het licht van de door de overheid gewenste verbetering van de handelsbetrekkingen (inzake landbouwproducten) met Duitsland. De uitvoering van het Plan Deterding legde hij in handen van Marius Dijt die voor hem reeds eerder had opgetreden als adviseur in landbouwaangelegenheden. De opbrengst werd geschonken aan de Duitse Winterhulp.[1]

Rittergut Dobbin[bewerken]

Na zijn aftreden als directeur van Koninklijke Shell was Deterding met zijn vrouw Charlotte op het Rittergut Dobbin gaan wonen. Voorheen was dit eigendom geweest van Prins Hendrik van Mecklenburg-Schwerin. Het Rittergut Dobbin is gelegen in de Duitse deelstaat Mecklenburg tussen Berlijn en Rostock. In deze omgeving woonde ook zijn persoonlijke vriend, de directeur van de Deutsche Bank Emil Georg von Stauss, die hier ook een landgoed bezat, evenals het landgoed Gross Lüsewitz, welke aan de familie Thyssens toebehoorde.

Overlijden[bewerken]

De Britse krant de Daily Mail berichtte op 27 juni 1924 dat Deterding was overleden. De New York Times nam dit bericht over.[2]

Diezelfde dag schreef de Nederlandse gezant in Londen, Reneke De Marees van Swinderen, aan de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Herman van Karnebeek[3]:

"P.S. Ik kon de verleiding niet weerstaan om hierbij in te sluiten de necrologie door de Daily Mail heden gewijd aan den gelukkig springlevenden Deterding."

Deterding overleed pas in 1939, op 72-jarige leeftijd aan een hartstilstand, tijdens zijn verblijf op wintersport in Sankt Moritz. Zijn stoffelijk overschot werd overgebracht naar Dobbin, waar tijdens zijn begrafenis ook een ware schare naziprominenten aanwezig was. Adolf Hitler had een krans laten bezorgen, terwijl hakenkruisvlaggen de kist omringden. De grafrede werd uitgesproken door Emil Georg von Stauss, die Deterding als één van de tegenstanders van het wereldbolsjewisme prees. Enkele weken na zijn dood beviel zijn vrouw Charlotte in Berlijn van hun tweede dochter, die de namen kreeg van Henrietta Wilhelmina Augustina, de vrouwelijke varianten van de namen van haar vader. Ze was het zevende kind van Deterding.

In 1968 werd zijn stoffelijk overschot overgebracht van het toen in de DDR gelegen Dobbin naar een begraafplaats in Liechtenstein.[4].

Referenties[bewerken]

  1. Schrijvers, uitgevers en hun collaboratie. Deel 2 De harde kern pag. 36. Adriaan Venema
  2. New York Times, 28 juni 1924, pagina 15. "Henry Deterding dies at film show; Director General of the Royal Dutch Company Succumbs Suddenly in The Hague.". Geraadpleegd op 27 juni 2010.
  3. Documenten betreffende de buitenlandse politiek van Nederland 1919-1945 Deel V 1923-1924, Rijks Geschiedkundige Publicatiën Grote Serie 192, 's-Gravenhage 1985 Document no. 284, page 552.
  4. Angelika Schmiegelow-Powell, "Güstrow im Umbruch", Edition Temmen 2003 ISBN 3-86108-392-2