Herbertus Bikker

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Herbertus Bikker (Wijngaarden, Alblasserwaard, 15 juli 1915 - Haspe, 1 november 2008) alias de Beul van Ommen was een Nederlandse Waffen-SS'er en oorlogsmisdadiger. Bikker verwierf zijn bijnaam door zijn gewelddadige gedrag als bewaker in het werkkamp Erika.

Inhoud

Biografie [bewerken]

Na de oorlog, in 1949, kreeg hij de doodstraf voor zijn daden als bewaker in het kamp en twee moorden. Deze straf werd later omgezet in levenslang. Op 26 december 1952 ontsnapte hij na een filmavond samen met Klaas Carel Faber, Willem Polak, Antoine Touseul, Jacob de Jonge, Willem van der Neut en Sander Borgers uit de Koepelgevangenis in Breda, waar ook de vier van Breda waren opgesloten. Dezelfde avond vluchtte men met twee auto's via de grensovergang Ubbergen naar Kleef in West-Duitsland, waar men zich meldde bij de politie. De volgende dag werden ze aan de Duitse kantonrechter Dyckman voorgeleid, die hen veroordeelde tot het betalen van 10 Duitse marken, wegens illegale grensoverschrijding. Ieder ging hierna zijn weg in Duitsland. Bikker had in Duitsland als oud-SS'er het recht op een staatsburgerschap waarmee hij buiten het bereik van de Nederlandse justitie kwam.

Begin 1972 deed Bikker door nieuw geweld van zich spreken toen hij de Nederlandse journalist Ben Herbergs met een bijl bedreigde. Dat gebeurde in een schuur achter zijn woning in het Westfaalse Hagen, waar Bikker na zijn vlucht dankzij een relatie met een nieuwe vrouw - voor wie hij zijn oorlogsverleden verborgen had gehouden - enige decennia lang een onopvallend bestaan leidde: als arbeidskracht bij een tuincentrum. De verslaggever had Bikker (en enkele andere met kerst 1952 ontsnapte lotgenoten) als eerste opgespoord in Duitsland nadat in Nederland grote commotie was ontstaan door het plan van toenmalig Justitie-minister Dries van Agt de zogeheten Drie van Breda vrij te laten omdat hun gevangenhouding volgens de minister "geen enkel juridisch doel" meer zou dienen.

Bikker had bij de eerste confrontatie met zijn kampbewakersverleden door de Nederlandse reporter die hem ontdekte met een Duitse fotograaf na lang aandringen ingestemd met "een kort gesprek van landgenoot tot landgenoot". "Maar dan op een andere plek, zeker níet met mijn vrouw erbij." De voortvluchtige veroordeelde ex-Waffen-SS'er koelde eerst met gewelddadige handelingen zijn agressie op z'n echtgenote: "Hij slaat mij kapot als hij hoort dat u hier bent geweest." Bikkers echtgenote had bij een eerste contact met de verslaggever slechts na aanbellen nietsvermoedend de voordeur opengedaan. Enkele uren nadat hij zijn vrouw had 'gestraft' voor haar argeloosheid sprak Bikker bij terugkeer openhartig over zijn werk en illegale familiebezoeken die hij ondanks opsporingsbevelen nog regelmatig bleek te brengen aan zijn vroegere vaderland: "Dat gaat via geheime grensweggetjes in de Achterhoek, ze kunnen me in Nederland eigenlijk toch niets maken." Toen hij in de tas van het onaangekondigde bezoek uit Nederland een mini-bandopnameapparaat met loshangende micorofoonkabel ontdekte, ontstak Bikker in razernij: hij greep naar enkele stukken zwaar gereedschap en een bijl en barricadeerde woedend de toegangsdeur. Bikker vreesde dat zijn West-Duitse schuilplaats nu ook door justitiële autoriteiten zou worden ontdekt; telefonisch gingen zijn bedreigingen ook bij dagblad Het Vrije Volk nog enige malen door tot de dag vóór publicatie van zijn schuilplaats. Na bijna een uur te zijn gegijzeld kon de Nederlandse verslaggevingsploeg alsnog uit de schuur in Westfalen ontkomen.

Op 2 februari 2004 werd Bikkers rechtszaak in Duitsland gesloten, nadat neurologen adviseerden dat hij om gezondheidsredenen niet kon deelnemen aan de zittingen. Op 21 september 2005 werd door de rechtbank in Hagen definitief bevestigd dat Bikker zijn straf niet hoefde uit te zitten. De voormalige Waffen-SS'er Bikker werd na jarenlang ongestraft verblijf in Duitsland in 2003 in Duitsland zelf aangeklaagd voor de moord op de 27-jarige Nederlandse verzetsstrijder Jan Houtman op 17 november 1944. Bikker heeft altijd volgehouden uit noodweer te hebben gehandeld.

Levenseinde [bewerken]

Op 29 april 2009 werd door onderzoeksjournalist Arnold Karskens bekendgemaakt dat Bikker al begin november 2008 op 93-jarige leeftijd was overleden maar dat zijn dood was stilgehouden.[1] De politie trof Bikker dood aan in zijn woning, nadat men de deur had geforceerd. Het stoffelijk overschot heeft waarschijnlijk enkele dagen in het appartement gelegen waarheen hij na ontdekking van zijn identiteit ten slotte was verhuisd.[2] Bikker stierf een natuurlijke dood; hij is anoniem in Haspe begraven.

Zie ook [bewerken]

Referenties [bewerken]

  1. Karskens: Beul van Ommen overleden
  2. Onbekende auteur (2009). Beul van Ommen overleden (93). Verkregen van Elsevier.nl op 29-04-2009 via deze link.