Het Urantia boek

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Urantia Boek is een spiritueel en filosofisch boek dat claimt het wezen en de natuur van God en zijn relatie met het universum te beschrijven. Het boek bestaat uit 196 hoofdstukken ('Papers') in vier delen met 2.097 pagina's. De eerste druk verscheen in oktober 1955. Het zou zijn doorgegeven door een anonieme paranormaal begaafde persoon. Sindsdien is het in diverse westerse en oosterse talen verschenen. Een concordantie is via de Urantia-internetsite (in het Engels en in het Nederlands) te raadplegen. De Nederlandse vertaling zag in 1997 het licht, net als de Engelse versie op dun drukpapier. Vooral in Amerika zijn er studiegroepjes in de grotere steden.

Inhoud[bewerken]

De eerste delen[bewerken]

In het eerste deel, The Central and Superuniverses, wordt beschreven hoe ons universum, Nebadon, deel uitmaakt van een superuniversum, wat met zes andere superuniversa rond een centraal universum wervelt. Rond de zeven superuniversa zou een buitenruimte rondgaan, die in tegenovergestelde richting van deze zeven superuniversa draait. Juist in deze laag bevindt zich volgens de tekst het Andromedastelsel, dit is de reden, volgens het boek, waarom Andromeda de Melkweg gestaag nadert. Aan de opvatting van diverse lagen in de kosmos ontleent Urantia Foundation haar logo: drie concentrische cirkels.

Het tweede deel van het boek is getiteld The local universe en het derde The history of Urantia. Urantia is de naam die deze planeet omstreeks een miljard jaar geleden ontvangen zou hebben vanuit, wat in het boek, de Bovenwereld genoemd wordt. Urantia is de werkelijke naam voor de aarde die draait rond haar ster in het universum Nebadon, als deel van het zevende superuniversum, genaamd Orvonton. Hoewel binnen de internationale wetenschappelijke gemeenschap weliswaar ook wordt gedacht aan de mogelijkheid van een multiversum, zijn de meningen hierover verdeeld. Sommige kosmologen denken aan niet minder dan 10 tot de macht 500 mogelijke universa, terwijl anderen geloven dat er slechts één enkel universum bestaat. Het Urantia Boek presenteert een scenario van zeven superuniversa waarin gestaag het aantal plaatselijke universa groeit. Dit zal echter het aantal van 100.000 - per superuniversum - nooit overtreffen, althans voor het huidige stadium van ontwikkeling. In de buitenruimte zouden inmiddels aggregaties van sterrengroepen zich ontwikkelen die 10.000 maal groter zijn dan de zeven superuniversa waarbinnen zich nu het evolutionaire planetaire leven ontwikkelt.

Verder[bewerken]

Het Urantia Boek stelt dat de wieg van de mens in Azië stond, niet in Afrika. Het ontstaan van de spiraalnevel waaruit ons zonnestelsel is ontstaan zou honderden miljarden jaren terug liggen. Het Urantia Boek stelt onze planeet voor als tiener en als deel van een immense reeks van werelden waarop zich intelligent leven ontwikkelt. Deze zouden zich allen binnen de grenzen van de zeven superuniversa bevinden. De dichtheid van het heelal wordt vergeleken met een dozijn sinaasappels die rondgaan binnen een holle planeet Aarde. Evolutionaire werelden als de onze zouden over het algemeen een diameter hebben tussen ongeveer 11.000 en 15.000 kilometer, terwijl de grootte van onze zon, ruim 1,3 miljoen kilometer in doorsnee, representatief is voor de meeste zonnen in het meesteruniversum. Dit is de naam die in het boek wordt gegeven voor 'het hele spectrum' van zonnen, werelden, in alle drie de delen van het heelal: het centrale universum ('Havona' genoemd in het boek ), de zeven superuniversa en de meerlagige buitenruimte.

Jezus in het Urantia Boek[bewerken]

Het vierde deel draagt de titel The life and teachings of Jesus. Christus wordt in Het Urantia Boek voorgesteld als een van vele Zonen van God, die ieder als geestkracht een eigen, plaatselijk, universum zouden leiden. Het leven van Jezus van Nazareth wordt in Het Urantia Boek in het laatste, vierde deel behandeld. Het boek beschouwt Jezus als geestelijk inspirator van het plaatselijke universum, zijn handelen maakt deel uit van een groter plan.

In november van het jaar 8 v.Chr., de dag nadat Maria was bezwangerd, verscheen Gabriël om haar op de hoogte te stellen van de conceptie van een bijzonder kind in haar. Jezus werd volgens Het Urantia Boek op 21 augustus 7 v.Chr. geboren. In de jaren 3 v.Chr. tot 9 n Chr. werden 5 broertjes en drie zusjes geboren in het gezin . De laatste geboorte was een trieste aangelegenheid want op 25 september AD 8 stierf vader Jozef na een val in het dorpje Sepforis. Jezus was toen 14 jaar.

Hiermee liepen de plannen om Jezus naar de scholen der Farizeeën te sturen in Jeruzalem stuk, immers er moest geld verdiend worden, en hij was de oudste zoon. Het vader-broerschap werd zijn opleiding, het werd de weg waarlangs hij zich steeds meer gewaar werd van zijn goddelijke natuur. Slechts tweemaal ontmoette hij de vijf maanden oudere Johannes (de latere Doper) die immers verwant was via zijn moeder met Jezus' familie, voor ze elkaar weer zagen bij de doop in januari 26.

In januari 21 verliet Jezus het huis in Nazareth voorgoed om een jaar in Kapernaüm te werken bij Zebedeüs, de vader van de broers Jacobus en Johannes Zebedeüs, twee toekomstige discipelen. In 22 AD trok hij naar Jeruzalem waar hij een Indiase koopman ontmoette die op zakenreis was en een huisleraar voor zijn zoon zocht. Daar Jezus drie talen vloeiend sprak – Hebreeuws, Aramees en Grieks – besloot hij op het aanbod in te gaan en reisde en werkte zo in dienst van de koopman Gonod en zijn zoon Ganid.

Zo bereidde hij door gesprekken die hij had met o.a. leiders der Stoïcijnen – in Rome – de weg voor latere toegewijden als Paulus en Petrus, die later ook richting Europa trokken om de leer te verkondigen. In december 23 AD nam Jezus afscheid van de twee die hem zeer waren gaan waarderen en hem meerdere malen vroegen of hij mee wilde gaan naar India.

Jezus werd op 14 januari 26 door Johannes gedoopt en heeft, volgens de tekst van Het Urantia Boek, tot de kruisiging ruim vier jaar als 'Zoon des Mensen' gewerkt aan het duidelijk maken en uiteenzetten van Het Koninkrijk der Hemelen. Echter hebben noch zijn discipelen, noch enig ander mens in die tijd ooit kunnen voorzien wat de meester hier werkelijk mee bedoelde. Opvallend is dat de jongste van zijn discipelen, Johannes Zebedeus, uiteindelijk de oude, eminente theoloog zou worden , hij stierf in 103 AD, op 101-jarige leeftijd, terwijl de oudste, zijn broer Jacobus, al snel aan zijn einde kwam door het zwaard . Zowel Andreas, zijn broer Petrus, Jacobus Zebedeus, als ook Thomas, Mattheus en Filippus stierven een gewelddadige dood. Simon de Zeloot trok naar Afrika en stierf daar. Nataniel reisde naar India. De broers Alfeus keerden na de kruisiging terug naar hun gezinnen. Judas Iskariot pleegde zelfmoord nadat hij in de verte had waargenomen hoe het kruis waaraan zijn meester genageld was werd opgehesen. Jezus werd op 7 april 30 gekruisigd.

Reden tot optimisme[bewerken]

In het boek nodigen hemelse entiteiten via het medium de bewoners van deze planeet uit verder te werken aan de evolutie van ethiek en wetenschap, de verschillen tussen rijk en arm op te heffen, en te werken aan het opstaan van 'de gewone mens'. Alleen een wereld waarop grenzen zijn opgeheven biedt volgens het boek stabiele(re) mogelijkheden voor vrede, eerlijke verdeling van rijkdom, en andere vormen van rechtvaardigheid.

Het boek beschrijft dat de evoluerende mensheid op vele werelden in de tijd wordt geholpen, liefdevol wordt aangestuurd. Over de conventionele religies wordt gezegd dat deze vooral als sociaal bindmiddel een zekere functie hebben vervuld in het verleden.

Invloed[bewerken]

De geconstrueerde mythologie en de symboliek van Het Urantia Boek zijn door de recent overleden Karlheinz Stockhausen overgenomen als uitgangspunt voor zijn opera-cyclus Licht .

Externe links[bewerken]